Het behoud van bossen speelt een belangrijke rol in de
klimaatsvraagstukken die in Kopenhagen worden besproken. Bomen
houden immers koolstof vast die anders in de atmosfeer terecht zou
komen - één van de belangrijkste oorzaken voor de opwarming van de
aarde. Waar en of er ontbossing plaatsvindt, is vanaf de aarde
moeilijk te zien.
Volgens Ruud Grim van Netherlands Space Office (NSO), dat de
technologieontwikkeling coördineerde, is dit met gebruik van
satellieten nu wel mogelijk: "De technologie maakt het mogelijk om
consistent en wereldwijd een betrouwbare kaart bij te houden van
beboste gebieden en de veranderingen die daarin optreden."
'Soort buienradar'
Niels Wielaard, projectmanager bij SarVision, meent dat de
technologie wel iets weg heeft van de buienradar, maar dan om
ontbossing te volgen. Het begint met satellieten die het
landoppervlak met vaste regelmaat zeer gedetailleerd in kaart
brengen. Heel belangrijk zijn hierbij de radarinstrumenten, zoals
ASAR aan boord van de Europese aardobservatiesatelliet Envisat.
Radar kan, anders dan optische meetinstrumenten, door de wolken
heen kijken naar het aardoppervlak. Zo maakt ASAR elke 35 dagen een
compleet beeld van de mondiale landmassa.
"Met de ruwe satellietgegevens kun je nog niet zoveel', zegt
Wielaard. 'Daarom heeft SarVision samen met de Wageningen
Universiteit een dienst ontwikkeld die gegevens van verschillende
satellieten bijna automatisch verenigt en vervolgens interpreteert.
Samen met informatie van lokale experts en grondgegevens,
bijvoorbeeld over het landgebruik in een regio, wordt het op deze
manier mogelijk om ontbossing in kaart te brengen."
Geen excuses meer
Tijdens vorige klimaattoppen grepen landen nog wel eens naar het
excuus dat het moeilijk is om te controleren of landen zich aan de
afspraken betreffende ontbossing zouden houden. De techniek om dit
te controleren was daar toen nog niet klaar voor . Daarop vroeg het
internationale samenwerkingsverband GEO (Group on Earth
Observations) aan SarVision om de techniek voor het monitoren van
ontbossing verder te vervolmaken in het kader van het Forest Carbon
Tracking Project.
Wielaert: "Wij zijn zover. In Kopenhagen zal GEO aan alle landen
aantonen dat de techniek er is. Nu is het aan de deelnemende landen
om die techniek ook in te zetten."
Nederland loopt voor
Ruud Grim is ervan overtuigd dat de Nederlandse bijdrage in
Kopenhagen hoge ogen zal gooien, maar dat de weg naar
daadwerkelijke implementatie van de ontbossingradar nog erg lang
zal zijn. Grim: "Nederland heeft deze techniek ontwikkeld. Daarmee
lopen we absoluut voor op de rest van de wereld. Maar geen enkel
land kan alleen de mondiale ontbossing monitoren. Er moet een grote
internationale organisatie opstaan die dit op zich neemt. Dat kan
bijvoorbeeld de UNFCCC van de Verenigde Naties zijn, of de Wereld
Voedsel Organisatie. Hopelijk wordt in Kopenhagen de eerste aanzet
gegeven."
Meer over Kopenhagen? Zie hier de
voorbeschouwing van ScienceGuide met Pita Verweij, Nederlandse
delegatielid bij de Klimaattop.