• A
  • A
  • Beter onderwijs, hogere welvaart

    - Wanneer alle hoogontwikkelde landen hun PISA-scores naar Fins niveau brengen, levert dit een ongekende welvaartsverhoging op: 6 maal het BBP van nu. Nederland zou zijn welvaart na 2010 bijna kunnen verdubbelen. ScienceGuide was aanwezig in Brussel bij de Lisbon Council, een denktank ‘dichtbij’ Barroso, waar deze nieuwe OESO-cijfers onthuld werden. “The tolerance for failure is too high in Europe,” aldus onderzoeker Andreas Schleicher.

    De nieuwe PISA-studie The high cost of low educational performance laat de welvaartseffecten zien van verhoging van PISA-scores. Een toename van 25 punten in de PISA-scores in de komende 20 jaar zou al resulteren in een toename van het BNP in OESO-landen van 115 biljoen dollar. Dit is geen aberratie, want bijvoorbeeld Polen heeft de voorbije 6 jaar zo'n verbetering van schoolprestaties al overtroffen. U kunt hier Schleicher zelf zijn onderzoek zien en horen toelichten op youtube.

    Finland

    Het best presterende OESO-land in de PISA-studies is Finland. Wanneer alle OESO-landen net zo zouden presteren, leidt dit tot een BNP-toename van 260 biljoen dollar. "In Finland blijven leerlingen niet zitten, maar krijgen juist extra aandacht en begeleiding het jaar erop. Ze worden zo weer bij de groep gebracht en verliezen geen kostbare tijd."

    Zittenblijvers en uitvallers kosten de samenleving heel veel geld, want "the tolerance for failure is too high in Europe", zegt Andreas Schleicher (hoofdonderzoeker PISA). Dirk van Damme (OESO-denktank CERI) noemde de uitval en het daardoor toenemende reservoir van onontwikkeld talent onlangs op ScienceGuide al een economische ramp.

    De lange termijn impact van het verhogen van leeruitkomsten is veel groter dan de korte termijn impact. Politici komen nu nog weg met onderwijsinvesteringen in een voetnoot van een begroting, schampte Schleicher. Dat kunnen hoogontwikkelde landen zich niet meer permitteren.

    Een opvallend voorbeeld biedt Polen. Daar heeft men de voorbije jaren in het kader van de modernisering naar een Europese kenniseconomie het onderwijs hervormd langs lijnen van de meest succesvolle voorbeelden die uit de OECD-analyses naar voren komen. De stijging van de scores als die bij PISA en bij de emancipatoire doorstroom naar en binnen het hoger onderwijs zijn er nu markant. "We make reality in education transparent," aldus Schleicher. Paul Hofheinz, president van de Lisbon Council, voegde daar als conclusie aan toe, dat "change begins with transparency".

    Nederland

    De OESO-cijfers zijn ook voor ons land specifiek opmerkelijk. Zo blijkt, dat Nederland relatief hoog scoort en daardoor 'weinig' hoeft te doen om Finland bij of in te halen. Daarin lijken wij op een beperkt aantal landen aan de Pacific Rim, als Korea, Japan, Nieuw Zeeland en Australië. Niettemin levert ook voor ons land zo'n Fins PISA-niveau nog zeer veel op: een BBP-stijging van 177%.

    Aan de andere kant schuilt hierin ook een gevaar, zo laten de cijfers zien. Zou Nederland wat zelfgenoegzaam op de huidige niveaus blijven scoren, dan worden wij in hoog tempo ingehaald bij de PISA-scores door landen die daar bovendien een forse extra in hun BBP mee gaan bereiken. De middelmaat is dan al snel bereikt.

    Nut van investeren in onderwijsinnovaties die de leeruitkomsten van leerlingen verhogen, wordt met deze studie duidelijk. Want de cijfers laten zien, dat 'meer geld per student' alleen in het systeem niet tot betere uitkomsten en welvaartsgroei leidt. Relatief hoge uitgaven, zoals die in de USA, hebben niet automatisch veel effect. Veeleer blijkt, dat een combinatie van adequate investeringen met een stelsel en beleid, die fors inzetten op stimulering van onderwijsloopbanen en levenlangleren, tot de optimale resultaten leidt. Daarin blijken landen als Finland uit te blinken.

    De gegevens over Nederland laten dit ook zien. De in ons land opvallend hoge PISA-scores kunnen namelijk een nog krachtiger welvaartseffect krijgen als het onderwijsbestel minder het karakter van een 'hordenloop' met veel uitvalmomenten zou kennen. Bij het mitigeren van die factor in het bestel, zo laat de berekening van Schleicher zien, is ook de impact van de sociaaleconomische positie van een student en zijn ouders op de kennisloopbaan op langere termijn veel minder groot. Daardoor gaat de talentontplooiing sterk omhoog en de uitval omlaag, met de aanzienlijke welvaartseffecten waar zijn rapport op duidt voor de komende generaties. 

    Europa

    Het onderzoek van de OESO zal worden meegenomen in de EU2020 strategie. "Nadat Europa de Lissabon-doelstellingen niet heeft gehaald is investeren in het verhogen van leeruitkomsten cruciaal", aldus Jan Truszczyński, plaatsvervangend Directeur-generaal Onderzoek bij de Europese Commissie.

    Dit OESO-onderzoek is zeer interessant voor de uitvoerders van de motie-Hamer, de makers van de KIA-foto van het innovatieplatform en de '20 commissies heroverweging'. Joeri van den Steenhoven van Kennisland, en bestuurslid van de Lisbon Council, interpreteert het onderzoek op zijn blog als "een niet te negeren boodschap". Zijn analyse van de cijfers van Schleicher en de conclusies die daar uit te trekken zijn, leest u hier.

    Het volledige OESO-rapport leest u hier.