"Het beleid op het gebied van onderwijs en wetenschap en het
innovatiebeleid leveren zo een bijdrage aan de groei van de
arbeidsproductiviteit. Wel is het essentieel om knelpunten aan te
pakken die een obstakel voor productiviteitsgroei vormen. Er zijn
al geruime tijd signalen dat bedrijven deze kennis onvoldoende
weten te gebruiken." Dit is een van de invalshoeken van het CDA-WI
rapport, waarvan u de kernpunten ten aanzien van kennisbeleid en
investeringen daarin hier vindt.
SF en investeringen beschermen
Op een reeks van punten moet daarom fors geïnvesteerd worden in
kennis en kunde, terwijl de studiefinanciering niet op de schop zou
moeten, aldus Smit en de zijnen in advies aan Balkenende en zijn
geestverwanten. De huidige opzet van de leningen acht men een goede
garantie van de toegankelijkheid.
Tevens moet de rantsoenering van de instroom in zorgopleidingen,
met name die van artsen en medisch specialisten, ophouden. Dit kan
de kosten van de zorg in ons land helpen drukken en de feitelijke
uitvoering van die zorg in een vergrijzende samenleving
verbeteren.
Als prijs daarvoor zullen HO-deelnemers wel hogere collegegelden
gaan betalen, mede om uitval en vage studiekeuzes tegen te gaan.
"Dit kan de kwaliteit van het hoger onderwijs verbeteren. Daarbij
zijn ook vormen van collegegelddifferentiatie van belang en
verdient het aanbeveling om de instellingen meer armslag te
geven."
Met blik op de OECD-review
Met een beroep op de OECD-review wijst men er op, dat het hoger
onderwijs in ons land maar matig flexibel is en dat
afschrikeffecten op de toegankelijkheid niet verwacht hoeven te
worden, zeker niet bij bestendiging van het huidige
leenstelsel.
Versnipperd en weinig effectief wordt op basis van diezelfde
analyses van de OECD de infrastructuur van R&D en toegepast
onderzoek genoemd. Organisaties als SenterNovem, Syntens en NWO
moeten zich opmaken voor een zeer kritische blik vanuit de grootste
regeringspartij ten aanzien van hun rollen bij het verdelen en
rondpompen van kennisgelden. "Er wordt ook gekeken naar de huidige
instituties en arrangementen en de vraag wordt gesteld of die onze
prestaties verlagen dan wel blokkeren."
Levenlangleren als arbeidsmarktbeleid
Opmerkelijk is dat men zowel bij de noodzaak tot hogere deelname
aan arbeid als bij de aanpak van de Wajong-explosie eveneens de
deelname aan het onderwijs op alle niveaus voorop zet en de
middelen daarheen ook wil leiden.
Ook wordt de financiering van het arbeidsmarktbeleid aangepast aan
Levenlangleren, oftewel de hardnekkige blokkade daarvan zou nu dan
toch worden weggenomen. "Dit is daarom ook het moment om een nieuwe
Werkloosheidswet in te voeren. Een manier van werken, waarin we
investeren in mensen belonen en niet zoals nu ontslag belonen. Wie
schoolt en bemiddelt, wie zorgt dat zijn mensen inzetbaar zijn op
de arbeidsmarkt, kortom: wie een goede werkgever is, hoort daar de
vruchten van te plukken. Het doel moet zijn dat niemand meer
langdurig werkloos wordt."
Langs onder meer deze route wil het CDA de coherentie in het beleid
versterken, waardoor kosten omlaag kunnen, arbeidsparticipatie
omhoog gaat, de economische groei versnelt en de noodzaak tot
ingrepen in de collectieve uitgaven beperkt kunnen worden. Bij een
gunstig scenario kan die noodzaak ongeveer zo'n 25 mld belopen in
twee kabinetsperioden, bij een achterblijvend herstel loopt dit op
tot 50 mld. Een succesvol kennis- en innovatiebeleid bevat dus de
sleutel tot het voorkomen van een noodgedwongen expansie van
bezuinigingen in de collectieve voorzieningen met een factor
2.
Spannende vraag naar extra geld
Het Wetenschappelijk Instituut van het CDA, waar Balkenende en
Klink zelf werkten, houdt in zijn huidige berekening nog wel een
slag om de arm wat betreft extra investeringen in kennis en HO
bovenop de geraamde: "Spannende vraag is of extra publieke middelen
voor de kennisinfrastructuur nodig zijn (en dus op andere terreinen
extra omgebogen moet worden) of dat volstaan kan worden met een
beter verdelingsmechanisme, minder rompslomp, inzet van
begrotingsmiddelen elders of het aantrekken van meer Europees
geld."
Men kiest hier impliciet voor de benadering van PvdA-fractieleider
Hamer: uitgangspunt is 'topkennis' als ambitie en als na analyses
en hervormingen nog extra nodig is, dan moet dat.
De slag om de arm daarbij is niet verwonderlijk. De voorzitter van
de commissie die het stuk schreef is René Smit, die zowel lid van
het Innovatieplatform is, als door het kabinet aangetrokken om de
heroverwegingscommissie die het thema 'productiviteit van de
uitgaven voor onderwijs' moet onderzoeken.