Hypernerveus Nederland
'Het gedegen rapport van de Commissie-Davids over Irak is
fascinerende lees- en leerstof. Het biedt zicht op wat Nederland in
de jaren vanaf 2002 was: een tot op het bot verdeelde samenleving,
die geregeerd werd door een hypernerveuze politieke klasse.
Hoe dat zo gekomen is leggen Davids c.s. slechts
summier uit, maar dat was hun opdracht ook niet. Uit alles blijkt
dat de gepolitiseerde besluitvorming in het dossier-Irak mede een
uitvloeisel vormde van de chaotische politieke verhoudingen waarin
Nederland zich na de eeuwwisseling heeft gemanoeuvreerd. Slechts
een paar mensen - wat waren zij gering in aantal - probeerden nog
consequent het hoofd koel en het politieke debat zuiver te houden.
De rest stond erbij en keek ernaar.
Verhulde anticlimax
De conclusies van Davids werden in de eerste reacties
omschreven als 'snoeihard'. Bij nadere beschouwing lijkt dat
overdreven en sterk politiek gemotiveerd. De hoop (die bij velen
bestond) dat dit rapport tal van lijken uit de kast zou laten
vallen, is niet vervuld. Wat je dan kennelijk krijgt, is dat de
anticlimax met termen als 'snoeihard' moet worden verhuld en
verzacht.
Zeker voor één breed uitgemeten 'snoeiharde' conclusie
van Davids c.s., het ontbreken van een 'adequate volkenrechtelijke
grondslag' voor de interventie in Irak en dus ook voor de
Nederlandse politieke steun, geldt dat de commissie het
kabinet-Balkenende van toen (een coalitie van CDA, VVD en LPF) niet
bepaald vernietigend de maat neemt.
Op tal van plaatsen in het rapport wordt aangetoond dat Balkenende
I in resolutie 1441 van de Veiligheidsraad die legitimatie wél zag
en - wat belangrijker is - daarover volstrekt helder heeft
gecommuniceerd met de Tweede Kamer. Een Kamermeerderheid volgde het
kabinet in zijn opvattingen. Nuchter beschouwd is wat Davids zegt:
de Kamermeerderheid en het kabinet hadden toen en ook achteraf
ongelijk. Is dat 'snoeihard'?
Selectie van informatie?
Het lastigste punt in het rapport van Davids betreft
de informatie over de aanwezigheid van massavernietigingswapens
(MVW) in Irak. De commissie zegt dat het kabinet de Kamer
selectieve en onvolledige gegevens heeft verstrekt over de
rapporten van inlichtingendiensten. 'Een doodzonde' zegt de
oppositie nu, in navolging van veel perscommentaren.
Het rapport geeft echter zelf alle aanleiding de selectieve
informatievoorziening aan het parlement niet als bewuste misleiding
te interpreteren. Geen enkel kabinet stort alle bakken met
inlichtingen waarover het beschikt uit over de Kamer. Selectie is
er altijd. Het kabinet heeft - zeer zeker - een tunnelvisie gehad
en te weinig geluisterd naar de bronnen die twijfelden aan de
aanwezigheid van MVW. Is dat een snoeiharde conclusie? Davids heeft
zelf in zijn nadere toelichting geweigerd te verklaren dat
Balkenende I 'te veel' informatie had achtergehouden. Dat vond hij
een politieke vraag, en dat is het ook. Niet alle zelfmisleiding is
misleiding van de Kamer.
Het eerste kabinet-Balkenende was de raarste coalitie
uit de parlementaire geschiedenis. Het stond op alle fronten onder
druk. In maart 2003 (de maand van de invasie in Irak) was het al
maanden demissionair. Een van de regeringspartijen, de LPF, bestond
eigenlijk al niet meer. De vrijheid die het kabinet nam was de
vrijheid die het kreeg. Ook van de PvdA, die stond te popelen om
mee te gaan regeren en daarom weliswaar de politieke steun aan de
Verenigde Staten niet goedkeurde, maar verder de ogen sloot.
Kleine lettertjes en absurditeiten
En wat vond het publiek eigenlijk? De commissie-Davids concludeert
dat het Nederlandse volk blijkens peilingen én tegen militair
optreden én tegen politieke steun aan de oorlog was.
Dat is kort door de bocht, want de kleine lettertjes in het
rapport geven een genuanceerder beeld. Ongeveer de helft van de
respondenten ging wel degelijk akkoord met de politieke steun aan
Amerika. Zo was Nederland anno 2003, of we het leuk vinden of
niet.
Een kabinetscrisis rond deze kwestie op dit moment,
in 2010, zou ons terugvoeren naar de absurditeiten van toen. De
onvermijdelijk volgende gang naar de stembus wordt een deprimerende
aangelegenheid als een CDA-VVD-kabinet het politieke alternatief
is, terwijl de VVD in 2003 zelf heel hard heeft geroepen om meer
steun voor de VS in Irak. Of als het perspectief is dat CDA en
PvdA, die beide in 2003 steken hebben laten vallen, uiteindelijk na
een half jaar onderhandelen toch weer samen moeten gaan regeren. Of
als de PVV in het kabinet komt, een partij die geen spoor van
belangstelling heeft getoond voor de finesses van de discussie en
alleen Balkenende weg wil hebben.
Komt er een 'Nacht van Hamer', waarin de PvdA breekt met het
huidige kabinet? Dan zullen PvdA en VVD toch een hoop
schijnheiligheid voor lief moeten nemen.
Prof.dr. Doeko Bosscher, hoogleraar Eigentijdse Geschiedenis
aan de RUG