• A
  • A
  • CDA klem bij studiebeurzen

    - Het CDA staat voor de Rubicon. In geheim beraad in het weekend zou de Tweede Kamer fractie ten principale besloten hebben tot afschaffing van de studiefinanciering en invoering van een sociaal leenstelsel. De vraag is nu: Wat betekent dit eigenlijk voor het hoger onderwijs en wordt dit binnen het CDA voldoende gesteund?

    In het CDA-beraad is als lijn vastgelegd dat de huidige opzet van de studiefinanciering moeilijk te handhaven is. Vervanging van het beurzenstelsel door één zogeheten sociaal leenstelsel zou om die reden de minst slechte oplossing zijn. Die visie sluit aan bij een bredere benadering in CDA-kring om de komende jaren de financiële situatie van de overheid te saneren na de crisis. Ook op andere terreinen van de publieke diensten en de collectieve zorgstelsels wil het CDA de eigen verantwoordelijkheid van burgers verder versterken. Zo overweegt men in de zorg en het woningbeleid meer prikkels in te bouwen om burgers de eigen keuze ook financieel te laten maken en de druk van de kosten van collectieve arrangementen te verlagen. In dat licht past ook het nadrukkelijker aanspreken van studenten voor de consequenties van hun keuzes en de kosten van bijvoorbeeld de aanzienlijke uitval.

    Niet onomstreden koers

    Deze koers is in het CDA niet onomstreden en heeft bovendien aanzienlijke consequenties in politieke zin. Verschillende prominente CDA'ers, waaronder het wetenschappelijk instituut van de partij, hebben gewaarschuwd voor een al te gemakkelijke keuze bij het schrappen van de studiefinanciering in haar huidige opzet. Meest recent deed dit SER-kroonlid en OU-voorzitter Theo Bovens. Dat is ook daarom pikant omdat hij is benoemd tot voorzitter van de selectiecommissie van de aanstaande Kamerverkiezingen. VU-voorzitter René Smit heeft als trekker van de denktank van het CDA op dit terrein eenzelfde waarschuwing laten horen. Ook dit is opmerkelijk, want hij is niet alleen lid van het innovatieplatform van premier Balkenende, maar door OCW ook betrokken bij de invulling van de komende bezuinigingen door de '20-commissies heroverweging'.

    Afschaffing van de huidige studiefinanciering is een vlag die vele ladingen kan dekken. Dit varieert van de invoering van een soort studieloon met fiscale verrekening, zoals bepleit door Groenlinks, tot privatisering van het stelsel naar een systeem van min of meer beschermde leningen, zoals dat in de USA bestaat. De precieze invulling van het alternatieve systeem voor de huidige SF is in het CDA nog niet gemaakt. Dat betekent tevens dat ook de feitelijke opbrengst van zo'n ingreep niet vast staat.

    Lastige positie

    Hiermee komt het CDA op twee manieren in een zeer lastige positie. Ten eerste ten opzichte van andere politieke partijen, ten tweede ten opzichte van de eigen achterban. De andere partijen in de kamer hebben op dit punt al expliciet of impliciet positie betrokken. Feitelijk is er sprake van een nieuwe paarse meerderheid. PVDA, VVD, D66 en Groenlinks lijken allemaal een variant te bepleiten van de omzetting van de SF in een leenstelsel, waarbij de opbrengsten van de bezuiniging ten goede komt van de investering in de kwaliteit van het onderwijs. Die brede coalitie heeft in zekere zin het CDA dus niet nodig om haar wil door te zetten. Tevens onderscheidt het CDA zich met de verkozen lijn politiek nauwelijks van deze paarse opstelling.

    Gezinnen met studerende kinderen

    Nog een tweede probleem dient zich voor het CDA aan. De uitgaven voor de studiefinanciering komen in belangrijke mate terecht bij de studerenden in mbo, hbo en wo uit de gezinnen met middeninkomens en die daar direct onder. De student krijgt immers een belangrijk deel van de beurs op basis van de inkomenspositie van zijn/haar ouders. Het is dus niet zozeer de slager op de hoek die de studie van de advocaat financiert, als wel dat deel van Nederland dat geen kinderen heeft of geen kinderen meer heeft, dat de studiekosten voor de gezinnen opvangt.

    Deze maatschappelijke keuze en 'sociale transfer' is één die het CDA politiek altijd met kracht verdedigt. Hier komt nog een factor bij. Het soort studenten en het type gezinnen dat in 2010 studiefinanciering ontvangt is anders dan bij de invoering van de WSF door CDA-minister Deetman in 1986. De studiebeurzen en de beschermde leningen uit de WSF gaan in overgrote mate niet meer naar academisch geschoolden en hun kinderen. 80% van de beursuitgaven in het hoger onderwijs komt terecht bij studenten in het hbo, omdat zij inmiddels tweederde van de HO-populatie omvatten en die komen doorgaans uit middelbare en lagere inkomensgroepen. Het is dus nu veeleer zo dat de advocaten de studies van de kinderen van de caissière van de slager op de hoek financieren.

    Wat doet Van Bijsterveldt?

    Bijzonder pikant zal in dit verband de positielijn worden van de CDA-bewindspersoon die over het mbo gaat, staatssecretaris Marja van Bijsterveldt. Nog meer dan in het hbo gaat voor het mbo op, dat de studenten uit lagere inkomensgroepen komen en sterk emancipatoire onderwijsloopbanen volgen. In de protesten van de voorbije weken is aan de positie en de beurzen van de mbo'ers niet of nauwelijks aandacht besteed. Afschaffing van de huidige opzet van de WSF brengt onlosmakelijk met zich mee dat ook de mbo'ers hun huidige rechten zouden verliezen. De consequenties daarvan, met name ook voor de doorstroom mbo-hbo, zouden aanzienlijk zijn. De kamer heeft op dit terrein bovendien nog recent een heel andere lijn aan het kabinet opgelegd. Aangevoerd door de ChristenUnie heeft de kamer geëist dat ook de mbo'ers recht krijgen op een OV-kaart zoals de HO-studenten deze krijgen in het kader van de WSF. De coherentie van die eis met een afschaffing van het huidige beurzenstelsel is niet eenvoudig te vinden.

    Debat heden

    Het Kamerdebat heden over de uitspraken van CDA-staatssecretaris Jan Kees de Jager over de SF is dan ook veel meer dan een verplicht nummer geworden. Na de uitspraken van PVDA-fractieleider Hamer over een 'status aparte' voor onderwijs, kunnen andere partijen niet meer volhouden dat er geen taboes zijn. Bijna elke grote partij heeft bepaalde thema's al 'off limit' verklaard. Het CDA zal in het debat dan ook moeilijk kunnen volhouden dat bij studiefinanciering alles nog open is, met dank aan de eigen staatssecretaris van financiën.

    Tijdens het debat werd zoals verwacht door de VVD, D66 en Groenlinks het huidige stelsel van studiefinanciering afgeschreven. Zowel het CDA, als de PVDA, als minister Plasterk hielden echter de boot af. Voorlopig zit het politieke debat over studiefinanciering klem.