• A
  • A
  • Onderzoekscholen uit de loopgraven

    - Toponderzoek kent een paradox: iedereen wil eraan meedoen en zo krachtig bundelen, maar tegelijk wil men het ‘in eigen huis’ houden. De onderzoekscholen vormen al 20 jaar een doeltreffende opzet, stelt een zware expertcommissie. De nieuwe graduate schools kunnen hen aanvullen, maar dubbel werk moet vooral voorkomen worden.

    KNAW, NWO en VSNU komen met de Werkgroep-Van der Vliet tot een subtiele benadering van de toekomst van de interuniversitaire samenwerking bij de opleiding van onderzoekstalent. De werkgroep wijst erop dat de onderzoekscholen zowel de internationale netwerken als de opleidingsfuncties voor promovendi bijeen brengen en daarbij voortdurend voorbij de grenzen van de specifieke universiteit kunnen kijken. Zo ontstaat 'kritische massa en kritische expertise', stelt de werkgroep vast, die nodig is om de toppositie van Nederland in het wetenschapsbedrijf te behouden en te versterken.

    Dit sluit aan op de analyse van het Rathenau Instituut over de succesfactoren van het Nederlands onderzoekssysteem. De werkgroep van KNAW, NWO en VSNU vindt tegen deze achtergrond "dat lokale graduate schools en interuniversitaire onderzoekscholen zondermeer naast elkaar kunnen bestaan." Ze kunnen juist zorgen voor de steun en versterking van hun onderscheiden functies.

    De onderzoekscholen onderstrepen tegenover ScienceGuide dat zij het liefst op deze manier verder willen bloeien. "Wij willen ons niet ingraven. Nederland moet zorgen voor een stelsel van hoogwaardige opleidingen voor jonge onderzoekers, voor promovendi. Dat moet ingebed zijn in een context van toponderzoek dat zowel internationaal als multidisciplinair weet te functioneren."

    Juist deze benadering van de onderzoekscholen biedt wat minister Plasterk nastreeft met de graduate schools, zo blijkt uit de rapportage. Hun netwerkvorming biedt het jong talent de ontmoeting met de topinstituten wereldwijd die een graduate school bij een enkele instelling niet zal leveren. De samenhang die daarmee in de top van de wetenschapsbeoefening mogelijk wordt, levert tevens de 'gemeenschap van jonge onderzoekers' op, die de minister nastreeft. Met als bijzonder accent de sterke, kwalitatieve context die hier noodzakelijk gedacht wordt.  

    Voorzitter van de branchefederatie van de onderzoekscholen, Tom Zwart, mensenrechtendeskundige, zegt daarom dat de graduate school geen 'substituut' moet willen zijn voor wat met onderzoekscholen is gegroeid. "Complementariteit werkt, daar is de graduate school zeer zinvol. Er zijn allerlei collega's onder onze leden die uitstekend samen werken binnen graduate schools en onderzoekscholen daarnaast, met elk hun eigen taak en focus. Onderzoekscholen zijn als het ware de winterbanden voor de speciale situaties waar ons onderzoek meedraait met de echte top. Het is dan erg gevaarlijk om van bovenaf de gewone banden voor te schrijven, zoals de graduate schools die heel goed kunnen gaan leveren."

    Het rapport Samen slimmer van de commissie-Van der Vliet leest u hier.