• A
  • A
  • Onduidelijkheid rond tweede studie

    - In september verandert de financiering voor studenten die een tweede studie willen gaan volgen. De voorlichting hierover aan studenten door instellingen laat nog behoorlijk te wensen over, zo blijkt uit onderzoek van het ISO. “Hogescholen en universiteiten geven foutieve en onduidelijke informatie over de hoogte van het collegegeld, aldus ISO-voorzitter Guy Hendricks. “Het is nu eind juli, dit is te gênant voor woorden.”

    Foutieve informatie

    In september 2010 gaat de financiering veranderen voor studenten die een tweede studie willen gaan volgen. Hoger onderwijsinstellingen mogen studenten die al een hbo of wo bachelor of master hebben afgerond een hoger collegegeld - ook instellingscollegegeld genaamd - vragen wanneer zij zich inschrijven voor een tweede bachelor of master. Wanneer een student zich echter voor het afronden van de eerste bachelor of master inschrijft voor een tweede studie geldt het wettelijk collegegeld van € 1672,-

    "Er kwamen veel klachten over de voorlichting rondom de tweede studie binnen. Daarom maakte het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) voor studenten al eerder een schema waarin duidelijk wordt of de wetswijziging van toepassing in de verschillende studiefases waarin je je als student kunt bevinden," vertelt Hendricks. Toch bleven er signalen binnenkomen van studenten die foutieve informatie kregen. Het ISO heeft toen besloten om een steekproef te doen onder instellingen. Om te achterhalen op welke manier studenten worden geïnformeerd heeft het ISO 13 universiteiten en 14 hogescholen beoordeeld op de informatievoorziening, zowel via hun website als telefonisch. "Het resultaat is echt teleurstellend," aldus Hendricks.

    Meer dan 10.000 euro

    De instelling die volgens het ISO het meeste huiswerk heeft te doen is Saxion Hogescholen. Daar werd zowel op internet als telefonisch gemeld dat de student het instellingstarief moest gaan betalen voor een opleiding terwijl de student recht heeft op het wettelijk tarief. Dan zijn er een aantal instellingen die op hun website geen duidelijke informatie geven en telefonisch onterecht melden dat het hoge instellingstarief van toepassing is. Het gaat hier om de Hogeschool Windesheim en de Universiteiten Radboud en Twente. Instellingen die zowel op hun website als telefonisch geen duidelijkheid bieden zijn de Hogeschool Zeeland,  TU Delft, TU Eindhoven en de Universiteit Wageningen.

    "Wij zijn echt teleurgesteld in de instellingen," vertelt Hendricks. "Studenten hebben behoefte aan en recht op duidelijkheid rondom de financiering van hun tweede studie." Bij bovengenoemde instellingen kan het zo zijn dat studenten een tweede studie starten en dan opeens worden geconfronteerd met een veel hoger collegegeld. Er zijn instellingen die wel heel duidelijk zijn. Zo gaat een tweede studie Fiscale Economie aan de Universiteit van Tilburg jaarlijks € 10506,- kosten en heeft de Hogeschool Utrecht het instellingstarief vastgesteld op € 7500,-. "Wij vinden dit veel geld, maar dit is voor studenten in ieder geval duidelijk. Wij verwachten echt dat studenten gaan stoppen met hun studie wanneer het collegegeld opeens veel hoger blijkt te zijn." Het ISO gaat de individuele instellingen benaderen en de HBO-raad en VSNU om opheldering vragen.

    Kamervragen

    Naar aanleiding van het ISO-onderzoek naar de informatievoorziening rondom de tweede studie zijn er Kamervragen gesteld door Tanja Jadnanansing (PvdA):

    1. Heeft u kennis genomen van het onderzoek m.b.t. de informatievoorziening door onderwijsinstellingen in het Hoger Onderwijs rond de voorwaarden en hoogte van het collegegeld bij een tweede studie?

    2. Hoe beoordeelt u de conclusies zoals die worden gedaan n.a.v. dit onderzoek over gebrekkige en incorrecte informatie richting studenten?

    3. Bent u het met mij eens dat het zorgwekkend is dat zo vlak voor aanvang van het nieuwe studiejaar de informatievoorziening op diverse hogescholen en universiteiten gebrekkig, incompleet en in gevallen ook incorrect lijkt te zijn?

    4. Welke afspraken heeft u eerder gemaakt met de diverse partners (o.a. VSNU, HBO-raad) binnen het Hoger Onderwijs om te zorgen dat voor aanvang van het nieuwe studiejaar tijdig tot duidelijke en correcte informatievoorziening over gegaan kan worden door de onderwijsinstellingen?

    5. Hoe is het mogelijk dat in deze fase verschillende onderwijsinstellingen nog geen bedragen kunnen noemen voor studies waarvoor het instellingscollegegeld van toepassing is? Bent u het met mij eens dat dit wel cruciale informatie is voor studenten die in september aan een tweede studie willen beginnen en nu de kosten moeten kunnen inschatten?

    6. Bent u bereid om op korte termijn aan de bel te trekken bij de diverse partners zodat studenten wel voorzien worden van de benodigde en correcte informatie over het volgen van een tweede studie bij een HBO- of universitaire instelling?