• A
  • A
  • Minder leraren voor meer geld

    - De Lerarenbeurs wordt opgetrokken tot €7.700, maar er worden er nu minder verstrekt. De beurs helpt Pabo-studenten die door willen studeren met de vergoeding van collegegelden. “Wij zijn blij dat het ministerie inziet dat mensen in de problemen komen door de veel hogere instellingscollegegelden, maar vinden eigenlijk dat daardoor het budget verruimd had moeten worden”, aldus de AOb.

    Om bijscholing in het leraarschap te bevorderen geeft het ministerie van OCW jaarlijks Lerarenbeurzen af aan docenten in PO en VO die zich verder willen ontwikkelen of die de overstap van basis- naar middelbare school willen maken. De wet van oud-minister Plasterk om de kosten voor een tweede bachelor of master door de instellingen te laten bepalen heeft deze overstap fors duurder gemaakt. Reden voor het ministerie om de hoogte van de beurs te verdubbelen.

    Aan de het totaalbudget dat OCW uittrekt voor de Lerarenbeurs wordt echter niet getornd, waardoor er naar verwachting komend jaar zo'n duizend beurzen minder verstrekt gaan worden. "Liever zien wij een uitzonderingspositie voor alle onderwijsopleidingen bij het hogere collegegeld, zodat iedereen daar makkelijk aan kan beginnen zonder uitzonderlijk hoge kosten. Dat is beter voor de onderwijsarbeidsmarkt", AOb-bestuurder Martin Knoop weten. De beurs voorziet nu dus in de verhoogde collegegelden, maar is voor een kleinere groep beschikbaar. En dat, terwijl de doorstroom van leerkrachten nu al ondermaats is.

    uit SBO-onderzoek blijkt dat de verhoogde collegegelden nu al een structureel probleem vormen voor de doorstroming op de onderwijsarbeidsmarkt. Zo zullen leraren basisonderwijs lang niet altijd een beurs weten te bemachtigen op het moment dat zij de overstap naar het voortgezet onderwijs willen maken, maar nu van die carrièrestap afzien als zij daarvoor bedragen tot 7.700 euro per jaar moeten gaan betalen.