"We zijn trots op de kwaliteit van de inhoud en ook tevreden
over het functioneel en grafisch ontwerp," zegt de Hogeschool
Rotterdam. In de totaalscore is de Hogeschool de uiteindelijke
winnaar gebleken, de tweede plaats in het HBO is voor de
Hogeschool Arnhem en Nijmegen en de derde voor de Hogeschool van
Amsterdam. De Groningse universiteit is de winnaar is het WO.
De tweede en derde plaats in de categorie Universiteiten zijn voor
de Vrije Universiteit en de Technische Universiteit Delft.
De benchmark van de kwaliteit en bruikbaarheid van de
HO-websites is gebaseerd op een kritische analyse aan de hand van
een reeks criteria voor de doeltreffendheid en kwaliteiten van
zulke sites. Deze zijn getoetst aan de hand van oordelen van 50
studenten en een expertteam van Strategy on Demand en
ScienceGuide over deze criteria. De betrokken studenten
waren zowel uit het HBO als het WO afkomstig.
De 50 deelnemers waren zowel studenten uit het HBO als uit
universiteiten. De scores van deze twee groepen verschillen niet
veel. Deze studenten zijn overwegend Facebook-gebruikers met hier
en daar wat gebruik van Hyves. Ook YouTube en Twitter gebruiken zij
regelmatig. Het zijn overwegend passieve gebruikers van social
media: veel lezen, filmpjes kijken en tagging van foto's, maar nog
weinig eigen blogs dan wel commentaar op teksten van anderen.
HBO verbetert zich, WO technisch bovenaan
De verschillen in oordeel tussen beide segmenten van het hoger
onderwijs blijken klein. Toch is er een belangrijk verschil in de
benchmarking merkbaar. Deze zit met name in verbeteringen ten
opzichte van de beoordelingen die vorig jaar van de hogescholen
werd gegeven. Vergeleken met vorig jaar zijn de HBO-websites
vooruit gegaan op het punt van bereikbaarheid en de kwaliteit van
de inhoud. Daar scoren ze ook beter dan de
universiteiten.
De interactiviteit en inzet van social media zijn bij het HBO
echter achteruit gegaan in de kritische beoordeling aan de hand van
de benchmarks. Dat geldt ook de kwaliteit van de achterliggende
techniek. Juist op dit laatste punt doen universiteiten het beter
dan de hogescholen.
Het totaalbeeld van de kwaliteit van de HO-webpresentie komt in
dit opzicht overeen met het beeld dat vorig jaar van het HBO kon
worden vastgesteld: er gebeurt veel goeds maar er liggen nog veel
kansen voor verdere verbeteringen. Ook de winnende instellingen
beseffen dat. De Hogeschool van Rotterdam wil ook op het punt van
de social media bijvoorbeeld nieuwe stappen zetten. "Op het gebied
van interactiviteit hebben we minder kunnen realiseren dan gepland.
Er staat echter een aantal spannende dingen op stapel, zoals video
chat met co-browsing, een verdere integratie met Facebook en een
dynamische portfoliopagina."
Dag van de Excellentie: 28 juni
De volledige uitslag van de benchmark werd tijdens de Dag van de
Excellentie op De Haagse Campus van de Universiteit Leiden aan het
Lange Voorhout in Den Haag gepresenteerd. Daar werden de winnaars
gehuldigd en presenteerde Strategy on Demand de inzichten die
ingewonnen zijn over de benutting en doeltreffendheid van de online
aanwezigheid van universiteiten en hogescholen. Met name op het
gebied van interactiviteit met bezoekers viel nog veel winst te
boeken, zo liet Nico van Hemert van Strategy on Demand weten. U
ziet hier de complete scores die de verschillende
onderwijsinstellingen hebben geboekt.
In het debat over excellent onderwijs traden deelnemers en
organisatoren van recente excellentietrajecten op en spraken over
hun visie op excellent onderwijs. Simon Verwer, student uit het
Eerst de Klas-project en ScienceGuide student 2010-2011, roemde de
kleinschaligheid van projecten als die waar hij aan had deelgenomen
en het nieuwe type leraar dat dat zou opleveren.
Een nieuw type docent had ook Thieu Besselink van het Learning
Lab van de UvA voor ogen, zij het op een andere wijze. Ook docenten
moeten deel uitmaken van de lerende omgeving van een
excellentieproject. Docenten moeten weer leerling worden. Bovendien
moest er, zo vond Besselink, meer ruimte komen om te
experimenteren. "Beloon falen. Geef instellingen de ruimte om te
experimenteren en reguleer minder. De durf van een instelling om te
falen, moet worden beloond."
Een ander voorbeeld van excellentie werd daarna gepresenteerd
door SURF. In samenwerking met 20 hogescholen was er hard gewerkt
om nog net op tijd de nieuwe HBO Kennisbank te lanceren
tijdens de Dag van de Excellentie. Een via internet volledig vrij
toegankelijke portal waar studenten, docenten en onderzoekers in
het HBO hun publicaties kunnen delen. "De HBO Kennisbank
vergemakkelijkt de uitwisseling tussen hogescholen en bedrijfs- en
beroepsleven. Zo blijven alle partijen bij elkaar betrokken."
De meerwaarde van excellentie
Het slotakkoord was er voor prof. Jan Anthonie Bruijn van het
LUMC, CvB-lid Gerard van Drielen van de winnende Hogeschool
Rotterdam, Pascal ten Have van de LSVb en Hans Corstjens van het
Platform Bètatechniek om hun visie op excellentie te geven. "Het is
mijn streven dat alle studenten excellent onderwijs krijgen",
toonde Bruijn zich ambitieus. Maar met de vraag wat excellentie dan
concreet behelst, hadden de deelnemers het moeilijk.
Gerard van Drielen gaf in dit kader aan dat het rapport Veerman
in ieder geval de instellingen dwingt na te denken over dat waar ze
goed in zijn. Een belangrijke stap in het denken over excellentie.
Corstjens zag hier nog wel moeilijkheden. "Alle instellingen hebben
moeite met het vertalen van excellentie naar concrete plannen. En
dat terwijl de meerwaarde en het maatschappelijk rendement wel
duidelijk moeten zijn."
Pascal ten Have, kersvers voorzitter van de LSVb riep
de politiek tot slot op de barrières weg te nemen die excellentie
in de weg staan. "De cultuur om te excelleren, en om excellentie
aan te moedigen, is niet aanwezig. Wij streven er naar om die hele
middenmoot een extra duwtje te geven in het hoger onderwijs."