• A
  • A
  • Extra stem per kind

    - UM-rector in spe Luc Soete wil de vergrijzing wel zeer creatief aanpakken. “Geef ouders per niet-stemgerechtigd kind een extra stem. Doe je dat niet, dan lopen we het risico dat de snel aangroeiende groep van 65-plussers een vernieuwend beleid afremt.”

    Bij de start van het parlementaire jaar in België en aan de vooravond van een grote staatshervorming van het land komt de Vlaamse topeconoom met een opmerkelijke extra hervorming van het politiek bestel. "Door de vergrijzing zullen de 65-plussers gaandeweg 30 tot 40procent van de kiezers uitmaken. Omdat oudere mensen behoudsgezinder zijn, vormt dat een reële bedreiging voor een innovatief beleid", zegt Soete tegen 'De Standaard'. "Als groot kiespubliek kunnen ze een politiek afdwingen die risico's schuwt."

    Grotere greep van jongere generatie 

    De aankomend rector in Maastricht noemt zijn voorstel om ouders per jong kind een extra-stem te geven "wel realistisch. Rekening houdend met het toenemend aantal nieuw-samengestelde gezinnen zou je dat kunnen opsplitsen tot een halve stem per ouder en per kind. Vroeg of laat zullen we hoe dan ook het te grote gewicht van de 65-plussers in het kiespubliek moeten compenseren. Het zou onrechtvaardig zijn dat de oudere generatie haar stempel drukt op de toekomst van de jongere."

    "Ofwel moeten we dus de greep van de jongere generatie op het beleid vergroten, ofwel moeten we de ouderen ervan overtuigen dat we een dynamischer en innovatiever beleid nodig hebben. Dat ze niet alleen aan de beslommeringen van alledag mogen denken, maar ook aan de uitdagingen voor de toekomst. De investeringen op langere termijn, waar zij misschien de vruchten niet meer van plukken. Investeringen in nutsvoorzieningen, in de ontbrekende schakels van de transportsector, in de toevoer via havens, ..."

    Behoud van wat ze hebben

    "Oudere kiezers zijn nu vooral begaan met het behoud van wat ze hebben. Hun inkomen, hun koopkracht en de waarde van hun geld en hun woning. De meeste van die mensen hebben vrij veel spaartegoeden en ze zijn geobsedeerd door de gedachte dat daar geen inflatie op mag komen. Dat is gewoon een vaststelling."

    "Ze gaan er bovendien van uit dat ze recht hebben op de bijdragen die ze in het verleden betaald hebben. En ze claimen dat recht ook voor de toekomst. Terwijl dat helemaal niet evident is, want de ouderen hebben die bijdragen geleverd in een periode van sterke economische groei. Terwijl het zeer waarschijnlijk is dat die vooruitgang de komende tien jaar stokt en we tevreden moeten zijn met een groei van nul tot één procent."