Bart Jacobs, hoogleraar Computerbeveiliging aan de Radboud
Universiteit, geeft leiding aan de vijf studenten die momenteel
werken aan de Argos Data Indexer, genoemd naar het
onderzoeksradioprogramma dat al eerder uitzendingen wijdde aan de
WikiLeaksdocumenten over Irak, Afghanistan en de Amerikaanse
diplomatieke ambtsberichten die vorig jaar naar buiten kwamen.
Dedicated zoekmachine
De WikiLeaksdocumenten zijn dus al eerder doorzocht - wat kan
een nieuwe zoekmachine daar meer uit krijgen? Jacobs geeft een
voorbeeld: "Een van de journalisten van Argos kwam in de
WikiLeaksdocumenten iets tegen over een niet-gerapporteerd incident
waar Nederlanders bij betrokken waren. Dat stond niet zo letterlijk
in de documenten: de journalist herkende de informatie alleen maar
omdat hij wist welk type geweren er door Nederland in Afghanistan
gebruikt zijn. Het ging dus om heel specifieke informatie die
indirect naar Nederland verwijst."
Gekoppeld aan google maps
De Argos Data Indexer kan straks met (combinaties van) zulke
specifieke termen de meer dan 700.000 WikiLeaksdocumenten
doorzoeken. "Dat is de grootste verdienste: het is een
zogenaamde dedicated oftewel specifiek op deze documenten
toegespitste zoekmachine." Een ander pluspunt van de Indexer is de
presentatie. "Denk bijvoorbeeld aan de combinatie van geografische
coördinaten die gekoppeld worden aan google maps. De studenten
maken een visuele interface waarin documenten op een kaart geprikt
staan. Daarop kun je dan inzoomen, zowel in de ruimte als in de
tijd."
Niet iedereen is even blij met de onthullingen die WikiLeaks
heeft opgeleverd - zeker de Amerikaanse overheid staat er niet bij
te juichen. Maar de vraag of studenten niet iets illegaals doen
door mee te werken aan de ontsluiting van deze documenten,
beantwoordt Jacobs met een resoluut. 'Nee natuurlijk niet. Het gaat
om openbare informatie. Die mag je doorzoeken en ook goed
doorzoeken. Hoe journalisten vervolgens met de verkregen informatie
omgaan, dat is hun professionele verantwoordelijkheid.'
Niettemin heeft hij met studenten wel afgesproken dat zij bij
mogelijk gevoelige informatie over personen met de VPRO en hem
overleggen wat daarmee moet gebeuren. "Maar eerlijk gezegd zitten
de studenten zelf niet echt te zoeken in de documenten. Zij zijn
vooral aan het programmeren."