• A
  • A
  • Lectoraten ook fysiek zichtbaar maken

    (foto: Eric Mueller)

    (foto: Eric Mueller)

    - Lectoraten zijn te weinig verbonden met het onderwijs in hogescholen. Dat staat de ontwikkeling van het HBO naar volwaardige kennisinstituten in de weg, zo blijkt uit onderzoek van Saxion-docent en onderzoeker Hester van Sprang. Een fysieke werkomgeving kan deze cultuuromslag faciliteren.

    Volgens Van Sprang, die onderzoek deed naar het effect van een fysieke werkomgeving op de productiviteit van kenniswerkers kan "de fysieke werkomgeving een faciliterende rol vervullen in het binden en boeien van mensen en de cultuuroverdracht." Een inspirerende werkomgeving kan studenten verleiden deel te nemen aan onderzoek en collega's in onderwijs en markt inspireren.

    In het onderzoek is met behulp van interviews, vragenlijsten het bijhouden van dagboeken het werk van lectoren in kaart gebracht en gekeken naar de wensen en visie op onderzoek in het HBO. Daaruit blijkt dat een zichtbare fysieke werkomgeving van lectoraten van belang is om herkenbaarheid bij studenten te vergroten, de informele kennisdeling (via ontmoetingen in de wandelgangen) te bevorderen en om de gevoelde binding van lectoren met het kennisinstituut door situering in één kenniscentrum te versterken.

    De zichtbaarheid van lectoraten bij studenten is een punt van zorg dat onlangs ook al door het ISO werd gesignaleerd. Studenten en lectoren kennen elkaar niet en ook bij studieloopbaanbegeleiders en mentoren zijn de mogelijkheden die lectoraten bieden vaak niet bekend. Fysieke zichtbaarheid, zo stelt Hester van Sprang, kan een bijdrage leveren aan deze onderlinge bekendheid.

    Van Sprang is als docent verbonden aan de onderzoekslijn Facility & Real Estate Management van het Saxion Kenniscentrum Business Development & Hospitality. Voor haar dissertatie 'Van kenniskruispunt naar kennisknooppunt: de werkomgeving als resource in kennismanagement' aan de Greenwich University deed zij onderzoek bij zes lectoraten van Saxion en de Hogeschool Utrecht.

    De resultaten van het onderzoek van Hester van Sprang zijn hier te lezen.