• A
  • A
  • Leven Lang Leren, tussenbalans voor 2012

    - In het HO wordt Leven Lang Leren cruciaal. HAN-CvB’er Kristel Baele en LLL-manager Bettina Willemsen kijken vooruit en nog even terug. “Zonder een attitudeverandering komen we er niet. Rustig afwachten tot studenten of bedrijven onze deur hebben gevonden, is er niet meer bij.”

    "Het onderwijs aan 23+-ers legt bij de HAN steeds meer gewicht in de schaal. De themadag op 2 november jl. vormde de afsluiting van het tweejarige project Leven Lang Leren - Aan de maat, waarin de HAN en 6 andere hogescholen participeren, met als doel doorontwikkeling tot instelling voor Leven Lang Leren.

    Maar dit project is slechts een eerste grote stap. Een goed moment voor een tussenbalans, zo leek HANovatie. We vroegen College van Bestuur-lid Kristel Baele, projectmanager LLL Bettina Willemsen en andere betrokkenen bij de HAN naar de stand van zaken, inclusief een terug- en vooruitblik.

    Binnen de HAN is Leven Lang Leren de verzamelnaam voor alles wat we als hogeschool doen voor 23+-ers. Deze doelgroep omvat mensen die al een baan hebben, zich verder willen ontwikkelen of een carrièreswitch willen maken. Zij nemen deel aan het deeltijd- en duaal onderwijs, melden zich bij de contractafdelingen of schrijven zich in bij HAN Masterprogramma's.

    Onderwijsaanbod flexibiliseren

    De HAN is in de laatste jaren druk in de weer met de doorontwikkeling van het onderwijsaanbod voor deze gestaag groeiende studentenpopulatie die werken en leren combineert. Projectleider Bettina Willemsen: 'In het Aan de maat-project, gestart in januari 2010 en af te ronden aan het eind van dit jaar, draait het naast afstemming op de arbeidsmarkt om flexibilisering van het onderwijsaanbod.'

    College van Bestuur-lid Kristel Baele daarover: 'Het behoort tot onze maatschappelijk opdracht om gekwalificeerde beroepsbeoefenaren af te leveren in het hoger opgeleide segment. Zowel regionaal als landelijk zijn er trends waarom het 23+-onderwijs aan gewicht wint: zo werken mensen langer door.

    Daarnaast is er de kabinetsagenda voor de kenniseconomie: willen we ons welvaartsniveau handhaven, dan moeten we investeren in menselijk kapitaal. Bovendien veroudert kennis tegenwoordig snel, daarom moet je je kennis permanent onderhouden, ook om desgewenst nieuwe loopbaanwegen in te kunnen slaan. Ervaring alleen is niet genoeg, je hebt ook de juiste kwalificaties nodig.'

    Wat is bereikt?

    Nu het project LLL-Aan de maat per eind 2011 wordt afgerond, kan worden vastgesteld dat er veel is bereikt en nog meer moet gebeuren. Bettina Willemsen: 'De HAN is een van 7 Nederlandse hogescholen die als voorlopers in het hbo subsidiegelden hebben gekregen om LLL-projecten en -innovaties te initiëren.

    Onder de vlag van het Aan de maat-project zijn er bij de faculteiten projecten opgezet om het onderwijs voor 23+-ers flexibeler en meer op maat te maken. Zo zijn er bij de Faculteit Economie en Management 3 deeltijdopleidingen en enkele minoren volledig op basis van blended learning ingericht. Onderwijs aan de instelling wordt hierbij gecombineerd met een aanzienlijk deel van het curriculum dat thuis of elders, dus op afstand van de instelling, kan worden doorlopen.

    Werkende lerenden hebben immers enerzijds behoefte aan contact met de instelling, maar anderzijds ook aan de gelegenheid om de opleiding in te passen in hun werk- en privéleven. Blended learning voorziet daarin met een krachtig accent op online education: hoorcolleges, proeftoetsen, opdrachten et cetera binnen een afgeschermde digitale leeromgeving op internet.

    Maatwerktrajecten voor 23+

    Deze zelfde vernieuwingsslag is ook ingezet bij de Faculteit Gezondheid, Gedrag en Maatschappij. Met subsidiegelden en eigen gelden van de FEM is er een reeks innovaties in gang gezet om het onderwijs online vorm te geven en aan te bieden. Ook lopen er maatwerktrajecten die in cocreatie met het veld zijn ontwikkeld, zoals de bachelor Management in zorg en dienstverlening.

    Bij de Faculteit Techniek zijn er 3 nieuwe Associate Degrees ontworpen. Bij zowel Bouwkunde als Werktuigbouwkunde is de doelgroep 23+ overigens al langer goed in het vizier. Zo draait er al meerdere jaren een goedlopende duale opleiding Bouwkunde, waarbij de werkgeversvraag honderd procent sturend is en de participerende werkgevers mede de opleiding hebben vormgegeven. Afgestudeerden van die opleiding kunnen direct aan de slag in de betrokken bedrijven.

    Bij de Faculteit Educatie is het deeltijdonderwijs van het Instituut voor Leren en School geflexibiliseerd, met vormen van blended learning en ingekorte trajecten met een strak geregisseerde logistiek van de bijbehorende onderwijsprocessen, waarmee de 23+-doelgroep beter uit de voeten kan.

    Verder is er in augustus voor het eerst een gezamenlijke Open Avond geweest voor 23+-ers, die door bezoekers als heel zinnig is ervaren.

    Volwassenen die een opleiding willen volgen, stellen andere eisen aan een voorlichtingsbijeenkomst dan 18-jarigen. Denk aan de wijze van ontvangst, het type voorlichtingsmateriaal en de manier waarop mensen te woord worden gestaan. Tot slot is er een wervingscampagne gehouden en op de HAN-website een apart gedeelte Werken en Leren gerealiseerd.'

    Maar er is bij de HAN meer bereikt in de laatste jaren op het gebied van LLL: Kristel Baele hierover: 'De kennisdeling neemt zienderogen toe, net zoals de ontwikkeling en inzet van innovatieve werkvormen. Bovendien is er meer bewustwording over de relevantie en meerwaarde van het 23+-aanbod. Verder staat LLL nu hoger op de strategische agenda, getuige het nieuwe instellingsplan in wording en het visiedocument over dit onderwerp, waaraan het CvB momenteel werkt.'

    Ook anderen in de organisatie zien de vruchten van LLL: directeur HAN Masterprogramma's Tjeu Verhagen: 'De totstandkoming van ons masterinstituut heeft studenten meer duidelijkheid en keuzerichting gegeven op hun weg naar het getuigschrift. Ze kunnen nu meer ervaring opdoen en inbrengen. Onze studenten leren op een leerweg die in belangrijke mate voortkomt uit de praktijk en daardoor heel goed op diezelfde praktijk aansluit.'

    Maria Putman, opleidingsmanager deeltijd en duale opleidingen (en projectleider LLL FEM), wijst op de toegenomen en 'broodnodige' aandacht voor de 23+'ers: 'Er is meer draagvlak gekomen. Bovendien hebben we bij de FEM nu een platform om werkende lerenden beter te bedienen: de afdeling Werken & Leren, die één loket biedt voor deeltijd- en duale studenten.' Daarnaast spreekt ze de hoop uit dat e-learning en blended leaning ook hun weg zullen vinden naar de voltijdopleidingen.

    Krimp als kans

    Hans Waegemakers, opleidingscoördinator van de Master Management en Innovatie in maatschappelijke organisaties, zegt: 'Samen met gemeentes in de regio hebben we een variant van onze master ontwikkeld, gericht op de lokale overheid. In het verlengde daarvan hebben we de contacten met lokale overheden geïntensiveerd, wat al heeft geleid tot een leertraject in de Achterhoek voor vertegenwoordigers van gemeenten en diverse maatschappelijke organisaties, uitgevoerd door VDO.

    Uitgangspunt voor dit leertraject is een module van diezelfde MMI. Tot slot hebben we in de Achterhoek een netwerk opgezet met deelname van de lokale overheid, het MKB en onderwijsinstellingen, om rond het thema "Krimp als kans" onderzoeksprojecten te starten.'

    Ondanks alle resultaten tot nu toe, is er met LLL nog een wereld te winnen, aldus Bettina Willemsen: 'Het visiedocument dat nu in de maak is, zal voorzien in heldere kaders en randvoorwaarden. Dat is een grote stap vooruit. LLL dient intrinsiek deel uit te maken van onze regionale verankering. Ook moeten we tot een heldere positiebepaling komen ten opzichte van andere aanbieders zoals NCOI. De uit te zetten koers dient daarnaast aan te sluiten op het topsectorenbeleid van het kabinet en op onze UAS-ambities.'

    Dat laatste benadrukt ook Kristel Baele en vult aan: 'Voorts plaatsen we de verbinding met de regio voorop. Bovendien behoeft de eigenheid van de 23+-groep een onderscheidende propositie. Daarmee bedoel ik dat het onderwijs aan deze studenten anders dient te worden georganiseerd dan ons overige onderwijsaanbod.'

    Profilering en UAS

    Kristel Baele wijst erop dat 23+-leren nu al verantwoordelijk is voor ruim dertig procent van onze onderwijsomzet. Zo bezien is het in feite reeds een profielkenmerk van de HAN. Ze vervolgt: 'De komende jaren zal deze profilering herkenbaarder worden en met verve worden uitgedragen, op basis van een weldoordachte visie op werken en leren.'

    Over de relatie tussen LLL en UAS zegt Kristel Baele: 'Uit recent onderzoek naar kenmerken van UAS-instellingen in Europa blijkt dat LLL overal een intrinsiek onderdeel van UAS is. Het hoort gewoon bij het DNA, bij je identiteit. Dat willen we doorvertalen naar ons profiel en productaanbod, dat we afstemmen op de regio en ontwikkelen in samenspraak met het bedrijfsleven.

    De UAS-optiek heeft verder als consequentie dat onderzoek een prominente rol krijgt bij de te ontwikkelen propositie voor LLL en daarmee in het curriculum aangaande werken en leren. We leiden, ook binnen de 23+-groep, ondernemende professionals op met een onderzoekende attitude. Daarmee dragen we bij aan de kenniseconomie van ons land. De uitdaging is om dit in ons hele onderwijs tot uitdrukking te brengen, van masters tot deeltijdonderwijs, waarvoor we nieuwe varianten en werkvormen aan het ontwikkelen zijn.

    Veel 23+-mensen komen uit de regio. Je dient waarde aan de regio toe te voegen. Maar ook als HAN profiteren wij. Deze studenten brengen hun casuïstiek in het onderwijs in; met de onderzoeksvaardigheden die ze verwerven, voegen ze waarde toe aan hun bedrijf. In je opleiding bouw je meerwaarde op voor zowel studenten als bedrijfsleven, met name in de regio.'

    Tjeu Verhagen voegt daar nog aan toe: 'Met het past experience-onderwijs van de masteropleidingen worden studenten in staat gesteld om complexe, praktische problemen op te lossen. Dit is een uitstekend voorbeeld van hoe Leven Lang Leren aansluit op de applied sciences waarom het gaat bij onze UAS-ambities.'

    Concurrentie

    Met onze LLL-aspiraties vissen we deels in dezelfde vijver als commerciële aanbieders zoals NCOI en LOI. De HAN heeft echter enkele belangrijke pluspunten: de onderzoekscomponent, de regionale verankering, de hechte samenwerking met het bedrijfsleven en de meerwaarde van lectoren, die innovaties uitdenken en het curriculum verrijken.

    Toch heeft Kristel Baele ook een zorg: 'Nadelig voor ons is dat wij werken binnen stringente kaders van wet- en regelgeving, die niet gelden voor NCOI en co. We gaan er dan ook bij de politiek voor ijveren dat we toekomstig onder eerlijke, vergelijkbare condities kunnen opereren: a level playing field, zoals dat heet.'

    Uitdagingen

    Op 16 september vond er in het kader van het project LLL-Aan de Maat een miniconferentie plaats over arrangementen voor werkende lerenden. Deze bijeenkomst leverde bruikbare inzichten op:

    Bettina Willemsen: 'Om het 23+-aanbod te versterken en de arbeidsmarkt beter te bedienen, moeten duale en deeltijddocenten meer ruimte en middelen te krijgen. Dit onderwijsaanbod is nog te vaak een stiefkindje.

    Voor de HAN levert meer investeren in LLL veel op. Werkende studenten nemen veel bagage mee naar het onderwijs: ervaringen en inzichten van de werkvloer, actuele praktijkkennis en contacten met werkgevers. Daar komt bij dat de populatie 23+-ers steeds relevanter wordt voor de HAN; demografische ontwikkelingen maken dat we in de toekomst met teruglopende studentenaantallen van doen krijgen in het voltijdonderwijs.'

    Een ander inzicht is dat er aan onze hogeschool meer kennisdeling moet komen over LLL. Bettina Willemsen: 'We dienen goed uit te venten, naar collega's en naar de buitenwacht, wat we al weten, kunnen en doen. Een derde inzicht was dat onderwijs aan werkenden andere eisen stelt aan je bedrijfsprocessen. Denk aan een andere wijze van studentenwerving tot aan de openstelling van onze gebouwen op andere tijden.'

    Om van een Leven Lang Leren een blijvend succes te maken, zal er nog veel moeten gebeuren. Daarover zegt Bettina Willemsen: 'Zonder een attitudeverandering komen we er niet. Rustig afwachten totdat studenten of bedrijven onze deuren hebben gevonden, is er niet meer bij. We moeten de boer op en tonen wat we in huis hebben. We dienen hen te overtuigen van onze meerwaarde, daarbij aansluitend op hun wensen en noden. Ook dienen we de hand uit te steken en werkgevers uit te nodigen tot cocreatie, om zo samen onderwijs te ontwikkelen dat tegemoetkomt aan de vraag in de markt.'

    Kristel Baele vult aan: 'Volwassenenonderwijs is een geheel eigen tak van sport. Hoe bouw je een marktvraag om tot een onderwijstraject? Hoe dient een docent een netwerkgesprek te voeren? Of: hoe kunnen we de intake voor de 23+-groep verder verfijnen? Een andere uitdaging ligt in de regelgeving: studenten willen graag modulair stapelen, zodat ze gedurende hun studie niet gebonden zijn aan tijd en plaats. Een modulair systeem waarbij je idealiter European credits kunt behalen, zou dit faciliteren, maar de huidige regelgeving staat dit in de weg.'

    Bettina Willemsen wijst verder op het belang van goede marktbewerking, met veel aandacht voor opbouw en onderhoud van netwerkcontacten. 'Op meerdere plekken binnen de HAN zijn er pareltjes op dit gebied. Tegelijkertijd valt er nog veel winst te behalen. Als hogeschool verwachten we een onderzoekende, zelfreflexieve houding van onze studenten, ook de 23+-ers. Omgekeerd mogen zij en werkgevers van ons verwachten dat wijzelf ook leren en beter worden in wat we doen. Puur een kwestie van het goede voorbeeld geven en een rolmodel zijn.'

    Leuk én leerzaam

     

    Het is leuk én leerzaam om aan volwassenen les te geven, zo benadrukt Kristel Baele tot slot. 'Ze zijn vaak zeer gemotiveerd om zich verder te ontwikkelen. Ook brengen ze een schat aan waardevolle inzichten en ervaringen uit de praktijk mee. Hun hoge ambitieniveau brengt het beste in docenten naar boven.

    Dit type onderwijs is ook voor docenten verrijkend en biedt daarnaast een interessant carrièreperspectief. Bovendien wordt er gewerkt met vernieuwende, creatieve onderwijsvormen die volop in ontwikkeling zijn. Dat is aantrekkelijk voor docenten die graag zelf actief meewerken aan de vormgeving van het onderwijs. Ze kunnen zo, net zoals hun studenten, werken en leren op inspirerende wijze  combineren.'

    Dit gesprek met Kristel Baele en Bettina Willemsen verscheen eerder in HANovatie en is geschreven door Hans Wanningen, communicatieadviseur bij de Hogeschool Arnhem Nijmegen

     

    Op donderdag 26 januari 2012 van 10:00 tot 16:30 uur organiseren zeven HBO-instellingen het nationale congres 'hbo4life' in De Fabrique te Utrecht. De hogeschool van Amsterdam, Arnhem en Nijmegen, Fontys, Hanzehogeschool, Zeeland, Zuyd en Windesheim werken samen aan Leven Lang Leren.

    Doel van het gezamenlijk congres is ervaringen en verworven expertise te delen met andere hogescholen. Het congres wordt gratis aangeboden en is bedoeld voor beleidsmakers, onderwijsontwikkelaars, docenten en ondersteuners in het hbo, die zich bezighouden met onderwijs aan volwassenen en met de bedrijvenmarkt.

    Programma

    Aan het einde van de dag vindt de feestelijke overhandiging plaats van het boek 'hbo4life' aan de waarnemend voorzitter van de HBO-Raad, mw. drs. Bonhof. Het boek geeft van elke hogeschool een representatief voorbeeld uit de levenlang leren praktijk. De congresgangers ontvangen eveneens een exemplaar


    Gerelateerd nieuws:
    17 september  Reisgids voor Bussemaker on Tour
    17 september  Lijsttrekker Thom de Graaf?
    17 september  Iedereen aan de 3D-printer
    17 september  Ontzie kwetsbare jongeren
    16 september  Bussemaker schetst haar agenda
    15 september  Prestaties verdelen HO