Minister De Jager staat voor een schijnbaar hopeloze taak. Voor
€5 tot 8 miljard versoberingen via de kaasschaaf
aanbrengen levert te weinig te laat op en het gevaar van
verergering van de recessie via Colijnachtig 'kapotsparen'
oproepen. Zijn Duitse collega Schäuble doet bovendien reeds het
omgekeerde: hij verlaagt belastingen en investeert extra in kennis en onderwijs. Beide dempt de
groeiterugval en vooral ook de werkloosheid.
Sterker nog: Kennis-minister Annette Schavan maakte
gisteren bekend dat WO, HBO en KUO €400 mln extra krijgen om
te investeren in de kwaliteit van de onderwijsprogramma's. Dit is
de tweede ronde uit een extra pakket van €2 miljard om de sterke
toestroom naar het HO op te vangen en niet ten koste te doen gaan
van de intensiteit en kwaliteit van hun onderwijs
en curricula.
Oversteken of 'de dood of de gladiolen'
Maar hoe moet bij ons De Jager komen tot het doorvoeren van
structuuringrepen, zogeheten 'hervormingen'? De SP en PVV
zijn tegen elke toekomstgerichte aanpassing van de publieke
financiën: AOW, arbeidsmarkt, zorg, woningmarkt, SF, energie,
mobiliteit. De enige posten waar 'hervormingen' wel mogelijk zijn?
Cultuur en ontwikkelingssamenwerking. Financiering daarvan kan
van de PVV best afgeschaft worden, tsja, dat is ook een vorm van
hervormen. De Jager zit dus volkomen klem, zonder adequate,
constructieve meerderheid in de beide Kamers.
Wat kan hij doen? Een 'de dood of de gladiolen'
strategie is denkbaar als Rutte en de VVD-top inschatten dat een
val van het kabinet gunstig uitpakken zal voor hun machtspositie
door het afkoppelen van de PVV als 'onverantwoordelijke
avonturiers'. De Jager kan dan een pakket voorleggen dat VVD en
CDA profileert en de PVV in de armen van de SP jaagt.
De Jager kan ook een 'oversteek-pakket' voorleggen: een
serie hervormingen waar partijen uit de reeks VVD, PvdA, CDA,
D66 en GL het over eens kunnen worden en die zo de
gedoogconstructie overbodig maakt. Zouden SP en PVV daartegen een
motie van afkeuring indienen, castreren zij zich politiek. In zo'n
pakket zouden forse ingrepen in de woningmarkt, arbeidsmarkt, zorg,
energie, SF en fiscale vereenvoudigingen voorop staan.
Voor het hoger onderwijs mag in beide scenario's verwacht worden
dat hervormingen diep gaan ingrijpen. De uitvoering van
'Veerman' en de prestatieafspraken bieden daar mooie
aangrijpingspunten voor aan De Jager en Zijlstra. HBO-raad
voorzitter Guusje ter Horst liet tegen ScienceGuide
al blijken te verwachten dat zwaar weer voor de sector
onvermijdelijk zou worden, bijvoorbeeld. Het HO kon daarom wel eens
een 'offer it can't refuse' aangeboden krijgen, in Marlon Brando
als Don Vito Corleone stijl.
Besparingsmenu
Het besparingsmenu van het kabinet zou hiertoe de volgende
componenten bevatten:
1.) Invoering sociaal leenstelsel SF.
Dit zou geschieden met een terugsluizen van ongeveer 30% van de
opbrengst om de HO-profilering in de bekostiging in hoog tempo te
verhogen van 7% naar bijvoorbeeld 25%. 'Veerman-ambitie' wordt zo
beloond uit de beurs voor de student, die daar meer uitdaging,
kwaliteit en intensiever HO voor terug krijgt. Hiermee is het
verzet van het CDA tegen deze ingreep te overwinnen.
2.) Aanscherping sociale zekerheid voor de
kennissector. Het kabinet kan overwegen de langstudeerboete
voort te zetten binnen de sociale zekerheid. Jongeren die als HO-
en MBO-uitvallers op arbeidsmarkt komen, zouden een ongunstige
positie in de sociale zekerheid gegeven kunnen worden. De
samenleving hoeft niet op de draaien voor forse werkloosheidskosten
van jong talent dat niet werkt en niet voldoende studiesucces wilde
behalen. De impact hiervan op het HO-rendement kan weleens zeer
aanzienlijk zijn in tijden van snel oplopende werkloosheid.
3.) Herinvoering van de
kenniswerkersregeling van de ministers Van der Hoeven en
Donner uit Balkenende IV. Deze geste past bij de aanscherping onder
punt twee als stimulans voor talent dat zich wel wil inzetten.
Tevens helpt dit het verzet van het CDA tegen de 'SF-regeling'
overwinnen.
4.) Taakverdeling en concentratie
zullen volgens het model van Deetman tijdens het
kabinet Lubbers-I gekoppeld kunnen worden aan de implementatie
van 'Veerman'. Het kabinet zou HBO en WO een lange termijn
herschikking van het aanbod opleggen, waarvan zij een deel van de
opbrengst (zo'n 30% bijvoorbeeld) kunnen 'terugverdienen' door deze
zelf te implementeren.
Het WO wil toch al krimpen en zal daar nu direct aan gehouden
worden. Het HBO krijgt de kans de overmaat aan niet goed afgestemd
'groei-aanbod' te saneren en door ook nog geld aan over te houden.
De door De Jager in september al aangekondigde herijking van het
geld voor de Academische Ziekenhuizen gaf reeds aan hoe ver de
scenario's op dit terrein al klaar kunnen liggen. De omvang van de
uitkomst van die herijking in begin 2012 zal meteen een aardige
indicatie zijn van het soort herschikking en concentratie dat het
kabinet voor ogen staat.
5.) Enkele specifieke ingrepen zouden
daar bovenop zo'n €200 miljoen besparingen op lange termijn kunnen
opleveren. Naar voorbeeld van Inholland zou alle HO-instellingen opgelegd
worden 20% te besparen op hun beleidskosten. In demografische
krimpregio's kan een versnelde aanpassing van het HO-aanbod worden
doorgezet, inclusief fusies van HBO- en WO-instellingen tot nieuwe
kennisclusters.
Tegelijk zou het kabinet als contrapunt extra gerichte
investeringen kunnen doen in toptalent. De buitenlandse
studenten zullen bewust gestimuleerd worden het studieklimaat in
het WO en HBO te blijven aanjagen. Bezuinigingen op
2e/3e studies en het Huygensprogramma en
dergelijk toptalentstimulansen worden teruggedraaid (kosten zo'n
€50 miljoen). Het beleid zou hiermee stevige impulsen bevatten
tegen 'zesjescultuur' en ten bate van meer uitdaging en
excellentie. Precies wat vele studenten bepleiten, zo laat het PBT
onderzoek zien.
Volledige uitvoering van een menu als deze vijf punten levert
ruim €2 miljard van de te vrezen €8 à 10 miljard op, die het
kabinet zou moeten besparen voor de langere termijn. Hiervan zit
ongeveer €1,5 miljard in de SF, enkele honderden miljoenen in
taakverdeling, zo'n €200 miljoen in de specifieke ingrepen en p.m.
in de sociale zekerheid. Het deels terugsluizen via investeringen
zou een omvang hebben van €250 miljoen via SF, 30% van de opbrengst
via taakverdeling en €50 miljoen via gerichte
talentstimulering.
Zou het kabinet nog verder durven en moeten gaan dan kan het in
de sociale zekerheid nog een gedurfder stap overwegen. Gelet op de
behoefte aan kenniswerkers kan de WW en AOW voor hoogopgeleiden
drastisch aangepakt worden. Zij kunnen eigenlijk niet 'werkloos'
zijn en zouden al na 2017-2018 langer kunnen doorwerken. Gelet op
de relatief hoge inkomens die zij ontvangen is een zwaardere plicht
op dit terrein ten opzichte van de lage geschoolden ook sociaal
verantwoord. Breedste schouders, zwaarste lasten. Tegelijk bespaart
zo'n benadering extra in de sociale zekerheid, aangezien bij de
hoogste uitkeringen het hardst en snelst wordt gesneden.
Brits of Duits koersen?
Voordeel van een dergelijk pakket is dat het geen
kaasschaaf-methodiek bevat en gerichte investeringen in toptalent
impulsen geeft, ook via de sociale zekerheid van de
kenniswerkersregeling. Dit bevordert de economische groei in
combinatie met het topsectorenbeleid. Dat zit wat meer tegen het
succesbeleid van Merkel, Schavan en Schäuble aan dan de draconische privatisering en HO-bezuinigingen
van het kabinet-Cameron. Die wil toch al niet meedoen met de
quantum leap in Europa en vormt ook hier dus geen zinvolle
bondgenoot voor Rutte.
Interessant is ook dat Cameron een forse reductie van
internationale HO-instroom doorvoert, terwijl Merkel en Schavan de
werving van kenniswerkers en 'Facharbeiter' tot
topprioriteit hebben gemaakt. Dit heeft de volle steun van de
werkgevers en de liberale coalitiepartner, de FDP. Ook hier staat
de stimulering van hoogwaardige economische groei voorop. Zullen
Rutte en zijn VVD op dit punt meer Brits dan Duits koersen?