Op het Nationaal Hoger Onderwijscongres nam Adriaansens pittig
stelling in het debat over de kwaliteit in het HO. Met name de hoge
studievertraging en grote uitval baren hem zorgen. "Met zulke
cijfers van rendement en uitval zouden bestuurders in vrijwel elke
sector naar huis gestuurd worden. Zo niet in het hoger onderwijs.
Daar worden gewoon de statistieken aangepast: studierendementen
worden berekend na vier jaar in plaats van drie jaar
bacheloropleiding in het WO en daarbij wordt bovendien de uitval in
het eerste jaar nog niet eens meegerekend."
Bachelor en master onderscheiden
Adriaansens noemt het Veerman-rapport daarom "een welkome
bijdrage aan de verbetering van het hoger onderwijs." De scheidend
voorzitter van de Roosevelt Academy had daar op basis van de
differentiatie tussen bachelor en master nog wel een aantal
aanbevelingen aan toe te voegen. Zijn startpunt was de titel van
het rapport: Differentiëren in drievoud. Adriaansens was
verbaasd dat een vierde vorm van verscheidenheid daarin
ontbreekt.
Selectiviteit en verscheidenheid in het hoger
onderwijs zijn volgens Adriaansens een groot goed, maar
daarbij wil hij wel een belangrijk verschil aanbrengen tussen de
omgang daarmee bij de bachelor en de master. "Overal in de wereld
waar het onderscheid tussen undergraduate en graduate bestaat wordt
immers geselecteerd voor de graduate fase.
"Voor de masterfase selecteren is dan ook een logisch gevolg van
dit onderscheid in de studiefasen in het hoger onderwijs. "Aan het
bestaan van een in de wet vastgelegde 'opvang-', 'genade-' of
'doorstroommaster' heeft een zichzelf respecterend hoger
onderwijssysteem geen behoefte."
Voor de bachelor is selectie volgens Adriaansens een ander
verhaal. "Niet vergeten mag worden dat in ons land selectie (voor
de poort) voor een belangrijk deel wordt gerealiseerd door het
selectieve karakter van het voortgezet onderwijs." Selectie voor de
grote hoeveelheid aan bachelors in Nederland is volgens Adriaansens
dan ook geen oplossing voor het probleem van uitval.
Snoeien in het bamboebos
Hij gispte de enorme hoeveelheid opleidingsstromen die in het
hoger onderwijs wordt aangeboden, zowel in hbo en wo en zowel in
bachelor als master. Die vorm van differentiatie in
opleidingen is volgens Adriaansens juist het probleem. "Zelf
heb ik nog nooit kunnen vaststellen dat een achttienjarige
binnenkomende student een geboren socioloog, sociaalgeograaf,
fysicus of psycholoog zou kunnen zijn."
"Het lijkt dan ook logisch om in dat bamboebos te snoeien en
instellingen te stimuleren om niet alles tegelijk te willen
doen", vindt Adriaansens, die daarbij pleit voor
het ontwikkelen van een bredere benadering als
een Liberal Arts en Sciences programma in de bachelor.
"Daarmee is de studierichting niet langer door de instelling
voorgevormd en aanbod georiënteerd, maar wordt een door de student
zelf gekozen studiepad uit het totale gamma van wetenschappelijke
disciplines. Over profilering gesproken!"
De volledige speech van Hans Adriaansens leest u hier.