• A
  • A
  • Wetenschap kent ook perverse prikkels

    - “Financiering van onderzoek en wetenschap lijdt evenals onderwijs aan perverse prikkels, metafoor voor incentives die in illegitieme zin ook anders werken dan was bedoeld.” WHW-ontwerper mr. Peter Kwikkers stelt dat binnen het WO “ook de eerste geldstroom voor vrij en fundamenteel onderzoek daarmee besmet raakt.”

    'In het VSNU Café van 8 december j.l. werd gediscussieerd over recente affaires die twijfel doen rijzen aan de integriteit van wetenschapsbeoefening. Er werd veel besproken, maar ook onbesproken gelaten of als onvermijdelijk incident betiteld. De normen voor wetenschapsbeoefening zouden duidelijk zijn.

    Onzinonderzoek

    Maar er is meer aan de hand:

    - Ten eerste zijn in de financiering van onderwijs en wetenschap en in de maatschappelijke context veel veranderingen voelbaar: allerlei vormen van 'nieuwfinanciering'; verschuiving van de eerste naar de tweede geldstroom via NWO, KNAW en EU; ontwikkeling van prestatiemodellen, en - vooral - een trend die ook zichtbaar is in andere sectoren: privatisering van bekostiging. Voor de wetenschap impliceert dit laatste een verschuiving naar het verkrijgen van inkomsten uit contractonderzoek, althans pogingen daartoe.

    - Ten tweede lijkt in toenemende mate sprake van plagiaat, manipulatie van data, diefstal of verduistering van onderzoeksresultaten, onzorgvuldige en weggelaten bronvermelding, onzinonderzoek, snel of slordig of niet-onafhankelijk contractonderzoek, en van als onderzoek bestempeld commercieel advieswerk van op bijzondere wijzen gefinancierde hoogleraren en lectoren.

    Diekstra, Buck, Campina en zo meer

    Tot voor kort kwamen die zelden naar buiten en leed vooral het hbo onder de bekostigingsfraude en de diploma-affaire. Geruchtmakend waren de affaires rond de hoogleraren Diekstra en Buck. Nu is er het Campina-onderzoek aan de WUR, de Stapel- en Polderman-zaken, en kwesties aan de TUDelft en de Radboud Universiteit. Wetenschappelijk Nederland wordt er ongerust van, want er zijn tekenen dat de ijsberg onder de waterspiegel groter kan zijn dan natuurkundigen zouden hebben berekend.

    Het moge zo zijn dat de normen voor de beoefening der wetenschap, zoals in de Nederlandse Gedragscode Wetenschapsbeoefening of The European Charter for Researchers, duidelijk zijn. De VSNU-code geeft korte omschrijvingen van vijf algemene principes: zorgvuldigheid, betrouwbaarheid, controleerbaarheid, onpartijdigheid en onafhankelijkheid. De van oudsher bekende achterliggende oorzaken van inbreuken zijn al veelvormig: eergevoel, ijdelheid, onderwaardering en naijver.

    Publish or perish

    Onderschat wordt echter dat er sprake van externe en interne prestatie-eisen die steeds meer strak worden doorvertaald naar financiële sancties als een onderzoeksresultaat of publicatie even uitblijft. Voor verificatie-onderzoek (interne controle) en eigen nieuw onderzoek is vaak geen tijd of geen geld. Meer dan ooit is er naast immateriële ook een hoge materiële prestatiedruk.

    Het adagium publish or perish zit inmiddels diep in beleid, regelgeving en bekostigingsrecht. Prijswinnend onderzoek en aantallen citaties zijn bepalend voor een plek in de vele rankings en straks wellicht ook voor de hoogte van de rijksbijdrage uit de eerste geldstroom. Dit wetenschappelijk adagium wordt nu in moderne financieringsmodellen - van de overheid èn de interne verdeelmodellen - bijna letterlijk genomen. Goed is niet 'Top genoeg' en lijkt zelfs steeds minder kans te krijgen om Top te worden. Dit brengt allerlei nieuwe - onderschatte - risico's met zich mee voor kwaliteit én integriteit en daarmee ook voor de financieringsbereidheid van publieke en private partijen.

    De inbreuken op de integriteit zijn eveneens uiterst veelvormig, niet zelden geraffineerd en dus vaak moeilijk bewijsbaar. Bovendien komen we het hele juridische scala tegen: van boos opzet tot (toegedekte) slordigheid; niet zelden van kwaad tot erger. Juridische aansprakelijkheidstelling is daardoor een veld vol onzekerheden over het uiteindelijke resultaat voor een rechter.

    De vraag is bovendien of een sanctie- en claimcultuur wel een oplossing is. Onderlinge regeling lijkt beter, maar ook dan is de vraag hoe de verantwoordelijkheden van alle betrokken partijen liggen. Ook dit is een juridisch vraagstuk waar de instrumentatie van de normen tekortschiet.

    Ook de topsectoren nu relevant

    De concurrentie in de wetenschap op bestelling - de derde geldstroom - is hard en eist extra integriteit van onderzoekers, hun managers en hun bestuurders. De competitiefinanciering in de tweede geldstroom lijkt transparant en eerlijk, maar toch wordt geconstateerd dat het voor peers steeds moeilijker wordt om het integriteitsspook buiten de deur te houden. Peers menen dat zij moeten worden betaald: door NWO om onderzoeksprojecten van collega's te beoordelen; door de instellingen om onderwijs te visiteren; door tijdschriften om publicaties te reviewen. Terecht, want die tijd gaat af van het eigen onderzoek en onderwijs van die topwetenschappers.

    In dit verband is ook de topsectorenfinanciering relevant. De onderzoeksgroep die er niet slaagt om zich onder die topsectoren te scharen zit in financiële problemen. Hetzelfde geldt voor gesubsidieerde innovatie.

    De Algemene Rekenkamer bracht recent een rapport uit over Innovatiebeleid met saillante uitkomsten. Of de verdubbeling voor innovatiebeleid tot € 3,7 miljard tussen 2003 en 2010 heeft geleid tot meer innovatief vermogen van de economie kon de ARK niet vaststellen. Evaluaties geven geen inzicht in vergroting van innovatief vermogen door innovatiebeleid, en of meer bedrijven door subsidies meer innoveren is niet vast te stellen. Maar wel is het aandeel van de private investeringen in R&D gedaald en was de coördinatie van de vergroting van het innovatief vermogen gebrekkig.

    Ruim baan voor meer geld?

    In het onderwijs maken de instellingen nu "ruim baan" voor eliteklasjes die meer collegegeld opleveren. Daar gaat het dus om het kunnen vragen van meer geld voor wat de instelling toch al moest leveren: goed onderwijs. Er is dus vanuit verschillende zijde sprake van sterk toenemende druk op integriteit; en niet alleen in de wetenschap. Net als excellentie is innovatie een politiek en inflatoir begrip geworden.

    De KNAW heeft de Commissie Schuyt aan het werk gezet om integer onderzoek te borgen. Hoe belangrijk ook: het gaat niet alleen om de formulering van de acht te nemen normen. Afdwingbaarheid en zelfregulering - het geheel van (juridische) instrumentatie - moet worden gezet in een context die niet meer vergelijkbaar is met die van 25 jaar geleden.

    De commissie zal daaraan een zware kluif hebben. Maar zelfs een verbeterde Gedragscode Wetenschap biedt onvoldoende soelaas. Ik denk niet dat het lukt zonder een andere benadering bij het ontwerpen van interne en externe bekostigingsmodellen: daarin zit namelijk een aantal perverse prikkels verborgen. Daar lijdt de wetenschap onder.

    Peter Kwikkers triasnet@triasnet.nl is zelfstandig consultant en was een van de ontwerpers van de (oorspronkelijke) WHW. Hij schreef in vorige maand het preadvies voor de Nederlandse Vereniging voor Onderwijsrecht 'Bekostigingsrecht in het hoger onderwijs' en eerder het boek 'Geldstromen en Beleidsruimte' (SDU, 2011 en 2009). Hij pleitte daarin onder andere voor meer toekomst-neutrale en prikkel-neutrale financiering.


    Gerelateerd nieuws:
    31 oktober  Merkel blijft investeren
    31 oktober  De VOC als imperium
    31 oktober  Kleine HO-steden scoren best
    28 oktober  WO vreest "te veel regie"
    24 oktober  Nieuwe R&D-kansen in de EU
    23 oktober  Campus onderdeel HO-strategie