Breimer heeft commissies ter voorbereiding van de sectorplannen
voor de chemie en de natuurkunde van de KNAW en de universiteiten
voorgezeten. Zijn groep gaat nu ook de concrete realisaties daarvan
volgen en monitoren, onder de fraaie naam 'Breimer+'. Zijn eerste
les voor grote veranderingsoperaties als de implementatie van
'Veerman' is: "De sector moet zelf het initiatief nemen. Zeg
tegen de minister: wij moeten nu wat doen."
Leiden in last
Als men afwacht tot anderen - als OCW, de Kamer of het
bedrijfsleven - gaan ingrijpen en sturen dan is 'Leiden in last'.
Wees er zelf bij, is zijn indringende boodschap, ook bij
beladen begrippen en pijnlijke operaties als 'taakverdeling'.
Corstjens valt dit voluit bij: "Het beleid van overheden is niet
autonoom. Het weerspiegelt de behoeften die leven of opspelen in de
maatschappij. Laat u dus niet van bovenaf opleggen wat u moet doen!
Maak zelf de keuzes."
Wat de bèta's, chemie en natuurkunde - en bijvoorbeeld ook de
kunstopleidingen met 'Dijkgraaf' - hebben gedaan vereist moed en
een stevige gezamenlijke regie. Corstjens wees er op dat die
noodzakelijk is "omdat een 'opting out' gedrag van individuele
instellingen niet mogelijk gemaakt moet worden, als je zelf de
keuzes maakt als sector. Dat ondermijnt alles wat je met elkaar
afspreekt." Alleen al daarvoor is een 'centrale oppasser' wenselijk
om het veranderproces goed te doen verlopen.
Het huidige HBO en WO zullen dat moeilijk vinden, erkende
Breimer. Het bestel is gebouwd op groei, op meer geld van OCW 'door
meer aanbod in de markt te zetten'. De komende profilering zal
moeten inhouden dat men kiest voor het aanbod dat men echt wil en
moet doen, maar ook wat niet, wat niet meer. "Kies daarom
allereerst voor een regionale en oriëntatie. Kijk om je heen."
Blik op de regio
Breimer waarschuwde dat CvB's vanwegede gewenste groei van
inkomsten zich "te veel gaan richten op een maatschappelijk
ondernemerschap in plaats van op wat goed is voor de regio en op
wat deze allereerst van een instelling vraagt. Dat zal leiden tot
een breed aanbod die men samen in de regionale context ontwikkeld,
met enkele pieken. Soms ook internationaal, er zijn altijd
uitzonderingen met grote uitstraling."
Corstjens onderstreepte dat de discussie in deze zin nog
nauwelijks gevoerd is en dat de tijd dringt voor het HO. Men
redeneert nog sterk vanuit het 'huidige assortiment' en
financiering via volumes. Hij wees op Leiden, waar de hogeschool
het laboratoriumonderwijs bewust in stand wilde houden, ook al was
dat strikt financieel niet erg aantrekkelijk. Die keuze maakt het
HBO nu een belangrijke partner in het Bio Science Park met LUMC,
bedrijven en de universiteit. "Men had de behoefte in de regio, de
omgeving goed ingeschat en zo is dit zeer succesvol geworden."
Breimer raadt het HBO daarom aan het regionale VO op te zoeken.
"Daar komen uw studenten vandaan, zij zijn uw instroom! Zorg dat
zij u leren kennen en biedt hen een brede bachelor om zich te
ontplooien."
Niet alle profielen lukken
Universiteiten moeten net als het HBO zich vooral "weinig utopie
veroorloven bij hun profilering. Zorg voor concrete, goed
doordachte modellen om te implementeren wat je wilt realiseren. En
ook dan is realisme vereist", zegt Corstjens. "Allerlei profielen
die men nu kiest, die zullen niet lukken. Dat is nu eenmaal zo. Van
de Centres of Expertise voor HBO-techniek hoop ik dat twee van de
drie in elk geval een succes worden. Je moet dat ook tijd gunnen op
te bloeien. We zien dat bij het HBO-onderzoek. Een goede
implementatie en vertaalslag naar het onderwijs, daar gaat 10 jaar
overheen. Dat is ook wel zo verstandig, denk ik."
Regie is zeker essentieel bij de verbinding van de 9 topsectoren
met het WO en HBO. Corstjens trekt inmiddels aan de Human Capital
Agenda's die voor deze sectoren onmisbaar zijn gebleken. Breimer
bouwde mee aan de start van de sector Life Sciences. Hij vertelde
beeldend over de sfeer die daar heerste.
"Mijn 'boegbeeld' van de topsector begon goed gemutst met de
mededeling: 'we gaan hier kennis-kunde-kassa echt aan elkaar
verbinden. Dit keer beginnen we wel met 'kassa'!' Aha, die kant
gaat het op, dacht ik toen. Daarop heb ik naar voor gebracht, dat
mij die invalshoek prima leek. 'Maar weet wel dat als de kennis aan
mijn kant niet op orde is, die kassa bij jou niet rinkelt'."
Volgens Breimer zullen hoger onderwijs en topsectoren elkaar wat
dit betreft nog beter moeten leren vinden en begrijpen bij de
afstemming van activiteiten en initiatieven.
Veel lectoren niet op hun plek
Bij het leggen van verbindingen met de activiteiten van de
topsectoren, ook wat betreft het onderzoek kent het HBO een fors
probleem, analyseert Corstjens. Men heeft veel lectoren "niet op
basis van doordachte strategische redenen geïnstalleerd. Verdelende
rechtvaardigheid binnen de hogeschool was leidend."
"Daardoor passen nu nogal wat lectoren eigenlijk niet bij het
actuele profiel van hun hogeschool. In hun omgeving en binnen de
onderwijszwaartepunten van hun hogeschool hebben ze dan gewoon
weinig kansen." De kassa's van de topgebieden zullen daar niet zo
rinkelen, lijkt het. Ook hier is dus enige regie
nodig.