Life Sciences & Health
Het Topteam Life Sciences & Health
komt met de volgende voorstellen en punten van aandacht en
verbetering die het bedrijfsleven in het HO willen doorgevoerd zien
terwille van de investeringen en hun welslagen. [In de link
vindt u de volledige Human Capital Agenda van het Topteam, ook
bij de vlgende hier beschreven voorzetten vanuit de
topsectoren]
Wat dit topgebied nodig heeft zijn "maatschappelijk
georiënteerde bèta's". Daarnaast wil men de "internationale werving
van kenniswerkers hand in hand laten gaan met de integratie in de
Nederlandse samenleving."
Aangezien het keuzeproces van jongeren voor het kiezen van een
studie grotendeels bepaald wordt door beelden, zal life sciences
& health een belangrijke slag moeten slaan om deze beelden te
creëren en daarmee de nieuwe doelgroepen te interesseren. Het
onderwijs zal inhoudelijk moeten veranderen om de technologische
trends (medtech, biomed) te kunnen vertalen naar de werkvloer.
In het zorg-onderwijs worden mensen vooral gestimuleerd om
risicomijdend te zijn in het belang van de patiënt. Dit staat op
gespannen voet met de inzet van nieuwe technologieën. De topsector
ziet de oplossing voor dit probleem in de snelle toepassing van de
nieuwste technologieën in de opleidingen. Verwacht wordt dat "het
profiel van de zorgprofessionals in de care generieker zal worden,
aangezien zij steeds meer verantwoordelijkheden en bevoegdheden
krijgen (medisch en sociaal-communicatie). In de care daarentegen
zal de behoefte aan specialisatie juist toenemen."
Uitdaging voor de life sciences & health is om
adaptatievermogen te creëren: de belangrijkste nieuwe
ontwikkelingen vinden immers 'transdisciplinair' plaats. Deze
topsector ziet voor zich dat "universiteiten steeds meer met
arbeidsmarktrelevante profielen in de masterprogramma's zal gaan
werken om de arbeidsmarktpositie van hun afgestudeerden te
versterken."
Agrofood
Het Topteam voor de sector Agrofood
en Tuinbouw en Uitgangsmaterialen wil dat de focus gelegd wordt op
de beleving van werken en leren in de sector. Dit moet veel meer
aansluiten op belevingswereld van jongeren van vandaag.
Internationaal denken moet daarbij een basiskwalificatie zijn, niet
een uitzondering. Dit vereist een gezamenlijk "intelligent
imago-offensief" van bedrijven en de kennisinstellingen. De Centres
of Expertise in het HBO en WO moeten zich ontwikkelen tot
schakelpunt tussen MKB en Kennis in zowel onderwijs als
onderzoek.
Bedrijven moeten zich collectief sterk maken voor aantrekkelijk
werkgeverschap . dat vereist bijvoorbeeld een stimulans voor
LevenLangLeren op cao niveau. Bedrijvenmoeten in dit verband ook
mede verantwoordelijk worden gemaakt voor de leerloopbaan van
jongeren en in hun clusters studenten 'adopteren' tijdens hun
leerloopbaan en hen mee nemen in hun bedrijfsontwikkeling en
ondernemerschap.
Het besef dat in deze sector vooral ook kennis als exportproduct
een grote betekenis heeft wordt benadrukt. Meer nadruk moet daarom
gegeven worden aan het thema ondernemerschap in het onderwijs. De
overheid moet zorgen dat een herdefinitie mogelijk wordt van de
toerekening van onderwijstijd om meer ruimte te scheppen voor leren
in de authentieke praktijk.
De opleidingen voor specialistische beroepen in deze sector
moeten in hun voortbestaan gegarandeerd worden. Tevens moet de
Overheid de regelgeving ten aanzien van de inzet van afgestudeerden
uit het buitenland op de Nederlandse arbeidsmarkt verminderen en
vereenvoudigen.
Water
De human capital agenda van de topsector Water
gaat uit van een situatie in 2020 en redeneert van daaruit terug
naar huidige doelstellingen. Tentatief stelt deze agenda dat in de
topsector 180.000 mensen werkzaam zijn; dat de vervangingsvraag tot
2020 15% is en dat zelfs bij bescheiden groei-ambities een
uitbreidingsvraag van 1% per jaar van 2012 tot 2020 nodig is. Dat
betekent een personeelsbehoefte van 40.000 personen tot 2020.
Voorgesteld wordt om financiële prikkels in te voeren voor
studenten, bijvoorbeeld een bonus bij het behalen van een
diploma.
"De werkgevers zorgen dat de watersector een aantrekkelijk
carrièreperspectief biedt voor werknemers. Werkgevers realiseren
een landelijk 'human capital netwerk' waarmee zij toekomstige
instroom binden door een opleiding en traineeship aan te bieden.
Werkgevers verzorgen promotie en voorlichting over techniek en
topsector water."
"Excellente kennis en opleidingsmogelijkheden worden
internationaal gepromoot. Voor studenten en buitenlandse werknemers
worden belemmeringen weggenomen om in Nederland aan de slag
te gaan." Dat raakt zowel onderwijs als onderzoek. "De human
capital agenda verbindt deze doorlopende onderzoeksprogramma's aan
de opleidingsstructuur waardoor de kennis doorstroomt in het
onderwijs op alle niveaus. Promotieplaatsen en lectoraten zijn hier
een onderdeel van."
Energie
Het topteam Energie
gaat uit van een tijdshorizon van tien jaar en wil dat daar de
focus op gaat liggen bij het versterken van het bestaande
personeelsbestand en de internationale instroom. Daartoe dient ook
het in kaart brengen van de kansen welk arbeidspotentieel relatief
makkelijk door bij- of omscholing en zij-instroom in het
energieveld actief kan worden. Daarbij is er aandacht voor perifere
en krimpregio's en het daar teloorgaande onderwijsaanbod
noodzakelijk.
In het HO en MBO zijn de Centres of Expertise en Centra voor
Innovatief Vakmanschap daarop te richten. Onderwijsaanbod moet
wendbaar en inventief inspelen op de vraag uit de sector. De
huidige tijdgeest en de vigerende regelgeving voor middelbaar,
hoger onderwijs en het beroepsonderwijs zijn echter behoudend en
werken daarmee belemmerend op innovatie en kennisversterking.
Continue conversatie binnen de Gouden Driehoek is daarvoor
nodig.
De aantrekkelijkheid van e energiesector kan men verdervergroten
door maatschappelijke problemen als vertrekpunt te kiezen van
opleidingen en onderzoeksprogrammering. Per innovatiethema moet men
toekomstige profielen helpen formuleren als strategische input voor
onderwijsinstellingen en hun aanbod. Del daarvan is dat het
ondernemerschap als thema in het onderwijs breed verbonden wordt
met het thema duurzaamheid.
Het verder versterken van de HBO-onderzoeksfunctie en het
vergroten van MKB-participatie daarin moet impulsen krijgen. Ook
het accent op sociale innovatie verdient in MKB en onderwijs
verdient aandacht.
Handschoen opgepakt, ook binnen HBO en WO
In een
brief aan het kabinet zetten de 'boegbeelden' van de
topsectoren hun plannen uiteen. Over de versterking van de
onderwijsaspecten zeggen zij het volgende:
"Doel van de aanpak via human capital agenda's (HCA's) is dat
onderwijs en bedrijfsleven duurzame partners worden, waarbij de
vraag van het bedrijfsleven sterker leidend wordt. Ook worden
voorstellen gedaan om de aantrekkingskracht van de topsectoren op
(toekomstige) werknemers te vergroten. Onderwijs en bedrijfsleven
in de topsectoren hebben de handschoen opgepakt. De overheid moet
deze plannen nu ondersteunen.
Het is goed dat de human capital agenda's een prominente plaats
hebben gekregen in de hoofdlijnenakkoorden tussen OCW en de VSNU en
de HBO Raad. De 'profilering' van universiteiten en hogescholen
moet zo worden uitgewerkt dat de topsectoren agenda's medebepalend
worden voor de profilering in het hoger onderwijs.
De topteams zijn beschikbaar om daarover in overleg te treden
met de universiteiten en hogescholen. De topteams gaan ervan uit
dat het kabinet met de onlangs ingestelde review commissie voorziet
in een adequate ex ante toetsing van profileringsvoorstellen aan de
human capital agenda's (en de innovatiecontracten voor wat betreft
het onderzoek)."
Meer differentiatie bij instroom en
geld
"De human capital agenda's hebben zeker ook betrekking op het
middelbaar beroepsonderwijs. Verschillende topsectoren maken zich
grote zorgen over de dreigende tekorten in het MBO in met name de
techniek. [.....] Cruciaal is dat de arbeidsmarktrelevantie van het
middelbaar en hoger onderwijs wordt vergroot. Onderwijsinstellingen
moeten worden gestimuleerd zich te richten op opleidingen die voor
de Nederlandse samenleving en welvaartsontwikkeling van groot
belang zijn.
We kunnen het ons niet permitteren om in het onderwijs er vanuit
te gaan dat iedere opleiding dezelfde bijdrage levert aan de
arbeidsmarkt en welvaart. Opleidingen voor tekortsectoren, zoals
voor techniek, die van groot belang zijn voor onze welvaart moeten
niet op dezelfde manier behandeld worden als opleidingen met een
slecht arbeidsmarktperspectief en een lage welvaartsbijdrage.
In het middelbaar en hoger onderwijs moet bij de toegang en
financiering meer worden gedifferentieerd. Dit zou invulling kunnen
krijgen met de inzet van instrumenten als selectie,
collegegelddifferentiatie en ultiem een numerus fixus voor
opleidingen met een beperkt arbeidsmarktperspectief."
Krachtige impuls bèta
"Verschillende topsectoren benadrukken in de HCA's het belang
van bètatechnische opleidingen op alle niveaus. Door structurele
oorzaken neemt de kwantitatieve en kwalitatieve schaarste aan
bètatechnisch personeel op alle niveaus toe. Bedrijven,
onderwijsinstellingen, regionale en nationale overheden zullen zich
langdurig en intensief moeten inspannen om te voorkomen dat deze
schaarste zal leiden tot welvaartsverlies voor ons land.
Om bèta- en techniekonderwijs een krachtige impuls aan te geven
wordt daarom een Masterplan bèta en techniek vormgegeven. Daarin
worden bovenstaande elementen uit de HCA's in een integraal plan
samengebracht, activiteiten op elkaar afgestemd en de hiervoor
bepleite differentiatie in financiering en toegang van onderwijs
naar arbeidsmarktrelevantie geconcretiseerd. Het Masterplan richt
zich op de hele onderwijsketen, van basisonderwijs tot en met het
wetenschappelijk onderwijs. Het Masterplan bèta en techniek wordt
uiterlijk 7 februari aan het kabinet aangeboden.
Private beurzen, geld uit O&O
Ook het bedrijfsleven kan een rol spelen door bijvoorbeeld
arbeidsmarktrelevante opleidingen aantrekkelijker te maken door
private excellentiebeurzen beschikbaar te stellen en door te
investeren in publiekprivate samenwerking, zoals de Centra voor
Innovatief vakmanschap en de Centres of Expertise.
Waar het scholing betreft zouden vanuit werkgevers- en
werknemerskant de O&O fondsen kunnen worden betrokken. De
overheid kan hier een aanvullende bijdrage leveren, bijvoorbeeld
door aanpassen van publieke bekostiging (zodat investeren in
arbeidsmarktrelevante opleidingen aantrekkelijker wordt) en
of - naar analogie van RenD-samenwerking met de RDA+ -
onderwijssamenwerking fiscaal te faciliteren."