• A
  • A
  • Anderhalf miljard voor kennis en innovatie

    - Het bedrijfsleven is bereid €1,5 miljard te investeren in onderzoek en innovatie in de topsectoren. Hoe kan dat geld bij het HO en R&D concreet terecht komen? De Human Capital Agenda’s leggen een reeks eisen en verbeteringen neer. Zo moeten HBO en WO hun definitie van ‘onderwijstijd’ flink opfrissen.

    Life Sciences & Health

    Het Topteam Life Sciences & Health komt met de volgende voorstellen en punten van aandacht en verbetering die het bedrijfsleven in het HO willen doorgevoerd zien terwille van de investeringen en hun welslagen. [In de link vindt u de volledige Human Capital Agenda van het Topteam, ook bij de vlgende hier beschreven voorzetten vanuit de topsectoren]

    Wat dit topgebied nodig heeft zijn "maatschappelijk georiënteerde bèta's". Daarnaast wil men de "internationale werving van kenniswerkers hand in hand laten gaan met de integratie in de Nederlandse samenleving."

    Aangezien het keuzeproces van jongeren voor het kiezen van een studie grotendeels bepaald wordt door beelden, zal life sciences & health een belangrijke slag moeten slaan om deze beelden te creëren en daarmee de nieuwe doelgroepen te interesseren. Het onderwijs zal inhoudelijk moeten veranderen om de technologische trends (medtech, biomed) te kunnen vertalen naar de werkvloer.

    In het zorg-onderwijs worden mensen vooral gestimuleerd om risicomijdend te zijn in het belang van de patiënt. Dit staat op gespannen voet met de inzet van nieuwe technologieën. De topsector ziet de oplossing voor dit probleem in de snelle toepassing van de nieuwste technologieën in de opleidingen. Verwacht wordt dat "het profiel van de zorgprofessionals in de care generieker zal worden, aangezien zij steeds meer verantwoordelijkheden en bevoegdheden krijgen (medisch en sociaal-communicatie). In de care daarentegen zal de behoefte aan specialisatie juist toenemen."

    Uitdaging voor de life sciences & health is om adaptatievermogen te creëren: de belangrijkste nieuwe ontwikkelingen vinden immers 'transdisciplinair' plaats. Deze topsector ziet voor zich dat "universiteiten steeds meer met arbeidsmarktrelevante profielen in de masterprogramma's zal gaan werken om de arbeidsmarktpositie van hun afgestudeerden te versterken."

    Agrofood

    Het Topteam voor de sector Agrofood en Tuinbouw en Uitgangsmaterialen wil dat de focus gelegd wordt op de beleving van werken en leren in de sector. Dit moet veel meer aansluiten op belevingswereld van jongeren van vandaag. Internationaal denken moet daarbij een basiskwalificatie zijn, niet een uitzondering. Dit vereist een gezamenlijk "intelligent imago-offensief" van bedrijven en de kennisinstellingen. De Centres of Expertise in het HBO en WO moeten zich ontwikkelen tot schakelpunt tussen MKB en Kennis in zowel onderwijs als onderzoek.

    Bedrijven moeten zich collectief sterk maken voor aantrekkelijk werkgeverschap . dat vereist bijvoorbeeld een stimulans voor LevenLangLeren op cao niveau. Bedrijvenmoeten in dit verband ook mede verantwoordelijk worden gemaakt voor de leerloopbaan van jongeren en in hun clusters studenten 'adopteren' tijdens hun leerloopbaan en hen mee nemen in hun bedrijfsontwikkeling en ondernemerschap.

    Het besef dat in deze sector vooral ook kennis als exportproduct een grote betekenis heeft wordt benadrukt. Meer nadruk moet daarom gegeven worden aan het thema ondernemerschap in het onderwijs. De overheid moet zorgen dat een herdefinitie mogelijk wordt van de toerekening van onderwijstijd om meer ruimte te scheppen voor leren in de authentieke praktijk.

    De opleidingen voor specialistische beroepen in deze sector moeten in hun voortbestaan gegarandeerd worden. Tevens moet de Overheid de regelgeving ten aanzien van de inzet van afgestudeerden uit het buitenland op de Nederlandse arbeidsmarkt verminderen en vereenvoudigen.

    Water

    De human capital agenda van de topsector Water gaat uit van een situatie in 2020 en redeneert van daaruit terug naar huidige doelstellingen. Tentatief stelt deze agenda dat in de topsector 180.000 mensen werkzaam zijn; dat de vervangingsvraag tot 2020 15% is  en dat zelfs bij bescheiden groei-ambities een uitbreidingsvraag van 1% per jaar van 2012 tot 2020 nodig is. Dat betekent een personeelsbehoefte van 40.000 personen tot 2020. Voorgesteld wordt om financiële prikkels in te voeren voor studenten, bijvoorbeeld een bonus bij het behalen van een diploma.

    "De werkgevers zorgen dat de watersector een aantrekkelijk carrièreperspectief biedt voor werknemers. Werkgevers realiseren een landelijk 'human capital netwerk' waarmee zij toekomstige instroom binden door een opleiding en traineeship aan te bieden. Werkgevers verzorgen promotie en voorlichting over techniek en topsector water."

    "Excellente kennis en opleidingsmogelijkheden worden internationaal gepromoot. Voor studenten en buitenlandse werknemers worden belemmeringen weggenomen om in  Nederland aan de slag te gaan." Dat raakt zowel onderwijs als onderzoek. "De human capital agenda verbindt deze doorlopende onderzoeksprogramma's aan de opleidingsstructuur waardoor de kennis doorstroomt in het onderwijs op alle niveaus. Promotieplaatsen en lectoraten zijn hier een onderdeel van."

    Energie

    Het topteam Energie gaat uit van een tijdshorizon van tien jaar en wil dat daar de focus op gaat liggen bij het versterken van het bestaande personeelsbestand en de internationale instroom. Daartoe dient ook het in kaart brengen van de kansen welk arbeidspotentieel relatief makkelijk door bij- of omscholing en zij-instroom in het energieveld actief kan worden. Daarbij is er aandacht voor perifere en krimpregio's en het daar teloorgaande onderwijsaanbod noodzakelijk.

    In het HO en MBO zijn de Centres of Expertise en Centra voor Innovatief Vakmanschap daarop te richten. Onderwijsaanbod moet wendbaar en inventief inspelen op de vraag uit de sector. De huidige tijdgeest en de vigerende regelgeving voor middelbaar, hoger onderwijs en het beroepsonderwijs zijn echter behoudend en werken daarmee belemmerend op innovatie en kennisversterking. Continue conversatie binnen de Gouden Driehoek is daarvoor nodig.

    De aantrekkelijkheid van e energiesector kan men verdervergroten door maatschappelijke problemen als vertrekpunt te kiezen van opleidingen en onderzoeksprogrammering. Per innovatiethema moet men toekomstige profielen helpen formuleren als strategische input voor onderwijsinstellingen en hun aanbod. Del daarvan is dat het ondernemerschap als thema in het onderwijs breed verbonden wordt met het thema duurzaamheid.

    Het verder versterken van de HBO-onderzoeksfunctie en het vergroten van MKB-participatie daarin moet impulsen krijgen. Ook het accent op sociale innovatie verdient in MKB en onderwijs verdient aandacht.

    Handschoen opgepakt, ook binnen HBO en WO

    In een brief aan het kabinet zetten de 'boegbeelden' van de topsectoren hun plannen uiteen. Over de versterking van de onderwijsaspecten zeggen zij het volgende:

    "Doel van de aanpak via human capital agenda's (HCA's) is dat onderwijs en bedrijfsleven duurzame partners worden, waarbij de vraag van het bedrijfsleven sterker leidend wordt. Ook worden voorstellen gedaan om de aantrekkingskracht van de topsectoren op (toekomstige) werknemers te vergroten. Onderwijs en bedrijfsleven in de topsectoren hebben de handschoen opgepakt. De overheid moet deze plannen nu ondersteunen. 

    Het is goed dat de human capital agenda's een prominente plaats hebben gekregen in de hoofdlijnenakkoorden tussen OCW en de VSNU en de HBO Raad. De 'profilering' van universiteiten en hogescholen moet zo worden uitgewerkt dat de topsectoren agenda's medebepalend worden voor de profilering in het hoger onderwijs.

    De topteams zijn beschikbaar om daarover in overleg te treden met de universiteiten en hogescholen. De topteams gaan ervan uit dat het kabinet met de onlangs ingestelde review commissie voorziet in een adequate ex ante toetsing van profileringsvoorstellen aan de human capital agenda's (en de innovatiecontracten voor wat betreft het onderzoek)."

    Meer differentiatie bij instroom en geld 

    "De human capital agenda's hebben zeker ook betrekking op het middelbaar beroepsonderwijs. Verschillende topsectoren maken zich grote zorgen over de dreigende tekorten in het MBO in met name de techniek. [.....] Cruciaal is dat de arbeidsmarktrelevantie van het middelbaar en hoger onderwijs wordt vergroot. Onderwijsinstellingen moeten worden gestimuleerd zich te richten op opleidingen die voor de Nederlandse samenleving en welvaartsontwikkeling van groot belang zijn.

    We kunnen het ons niet permitteren om in het onderwijs er vanuit te gaan dat iedere opleiding dezelfde bijdrage levert aan de arbeidsmarkt en welvaart. Opleidingen voor tekortsectoren, zoals voor techniek, die van groot belang zijn voor onze welvaart moeten niet op dezelfde manier behandeld worden als opleidingen met een slecht arbeidsmarktperspectief en een lage welvaartsbijdrage.

    In het middelbaar en hoger onderwijs moet bij de toegang en financiering meer worden gedifferentieerd. Dit zou invulling kunnen krijgen met de inzet van instrumenten als selectie, collegegelddifferentiatie en ultiem een numerus fixus voor opleidingen met een beperkt arbeidsmarktperspectief."

    Krachtige impuls bèta

    "Verschillende topsectoren benadrukken in de HCA's het belang van bètatechnische opleidingen op alle niveaus. Door structurele oorzaken neemt de kwantitatieve en kwalitatieve schaarste aan bètatechnisch personeel op alle niveaus toe. Bedrijven, onderwijsinstellingen, regionale en nationale overheden zullen zich langdurig en intensief moeten inspannen om te voorkomen dat deze schaarste zal leiden tot welvaartsverlies voor ons land.

    Om bèta- en techniekonderwijs een krachtige impuls aan te geven wordt daarom een Masterplan bèta en techniek vormgegeven. Daarin worden bovenstaande elementen uit de HCA's in een integraal plan samengebracht, activiteiten op elkaar afgestemd en de hiervoor bepleite differentiatie in financiering en toegang van onderwijs naar arbeidsmarktrelevantie geconcretiseerd. Het Masterplan richt zich op de hele onderwijsketen, van basisonderwijs tot en met het wetenschappelijk onderwijs. Het Masterplan bèta en techniek wordt uiterlijk 7 februari aan het kabinet aangeboden.

    Private beurzen, geld uit O&O

    Ook het bedrijfsleven kan een rol spelen door bijvoorbeeld arbeidsmarktrelevante opleidingen aantrekkelijker te maken door private excellentiebeurzen beschikbaar te stellen en door te investeren in publiekprivate samenwerking, zoals de Centra voor Innovatief vakmanschap en de Centres of Expertise.

    Waar het scholing betreft zouden vanuit werkgevers- en werknemerskant de O&O fondsen kunnen worden betrokken. De overheid kan hier een aanvullende bijdrage leveren, bijvoorbeeld door aanpassen van publieke bekostiging (zodat investeren in arbeidsmarktrelevante opleidingen aantrekkelijker wordt) en of - naar analogie van RenD-samenwerking met de RDA+ - onderwijssamenwerking fiscaal te faciliteren."