Het krimpen van gletsjers wereldwijd heeft een groter aandeel in
de zeespiegelstijging sinds 1850 dan tot nu toe gedacht. Dit blijkt
uit Paul Leclercq's promotieonderzoek. Gletsjers krimpen wereldwijd
door de opwarming van de aarde. Met historische kennis van de
gletsjerlengte kan zowel de bijdrage aan zeespiegelstijging als de
klimaatverandering worden gereconstrueerd.
De vroegere lengtes van de gletsjers zijn vastgelegd in
metingen, reconstructies gebaseerd op geologisch onderzoek en
historische bronnen zoals schilderijen en kaarten. De Utrechtse
onderzoeker heeft zo een dataset van wereldwijde
gletsjerveranderingen samengesteld.
9 centimeter zeespiegelstijging door
smeltijs
Om het klimaat uit het verleden zo precies mogelijk te
reconstrueren worden veel verschillende methoden gebruikt,
uiteenlopend van het bestuderen van boomringen en informatie uit
aardlagen tot aan de samenstelling van ijsboringen. Het
proefschrift laat nu ook zien dat gletsjers goed gebruikt kunnen
worden voor het maken van klimaatreconstructies. De nieuwe methode
wijst op een mondiale temperatuurstijging met 0,94 °C tussen 1830
en 2000 en versterkt hiermee op een onafhankelijke manier de
uitkomsten van eerdere reconstructies.
Leclercq heeft de lengteveranderingen van de gletsjers ook
gebruikt om een schatting te maken van de bijdrage van gletsjers
aan zeespiegelstijging. Hieruit blijkt dat de afname van de
hoeveelheid gletsjerijs sinds 1850 verantwoordelijk is voor 9 cm
stijging. Dit is bijna twee keer meer dan tot nu toe werd
aangenomen en bijna de helft van de totale zeespiegelstijging in
deze periode.
Het grotere aandeel van gletsjers verklaart gedeeltelijk waarom
de waargenomen zeespiegelstijging groter is dan tot nu toe werd
begrepen. Met behulp van de nieuwe kennis kan verder onderzoek met
meer precisie de verwachte zeespiegelstijging bepalen.