• A
  • A
  • Valse herinnering, echt geheugenspoor

    - Mensen kunnen zich drama’s herinneren die ze nooit hebben mee gemaakt. Bij onderzoek naar misbruikte kinderen levert dit steeds weer netelige vragen op. UM-onderzoekers ontrafelden het mechanisme achter ‘geheugenillusies’.

    Herinneringen aan een gebeurtenis die nooit heeft plaatsgevonden worden bij kinderen niet veroorzaakt door sociaal wenselijk gedrag, maar zijn het resultaat van 'geheugensporen'. Dat is de naam voor het mechanisme dat ook achter het ontwikkelen van echte herinneringen zit. Zulke geheugenillusies of pseudoherinneringen ontstaan bijvoorbeeld door suggestieve ondervraging.

    Dit mechanisme is voor het eerst wetenschappelijk ontrafeld door onderzoekers van de Universiteit Maastricht. Ze publiceerden er deze week online over in Acta Psychologica, the International Journal of Psychonomics.

    Verzonnen ballonvaart

    Hoewel de meeste pseudoherinneringen vrij onschuldig zijn, kunnen ze in een rechtszaal gevaarlijk worden. In zeer ernstige situaties kunnen zij leiden tot - onterechte - veroordelingen, bijvoorbeeld in gevallen van seksueel misbruik. Doordat ze onderworpen worden aan suggestieve ondervraging, kunnen kinderen ervan overtuigd raken dat hen werkelijk iets is aangedaan. Het Maastrichtse onderzoek suggereert ook dat ze deze valse herinneringen hun hele leven met zich mee zullen dragen.

    In het onderzoek kregen vijfenveertig kinderen van 8-10 jaar oud twee verhaaltjes voorgelegd. Het ene verhaal ging over een gebeurtenis die ze daadwerkelijk hadden meegemaakt (hun eerste dag op school, waarbij ouders door middel van een vragenlijst details over hun kind hadden gegeven). Het andere verhaal was een fictieve gebeurtenis (een luchtballonvaart) die aan de kinderen werd gepresenteerd alsof ze deze echt hadden ervaren.

    Een sneller ja

    In verschillende interviews die volgden, werd aan de kinderen gevraagd beide gebeurtenissen te beschrijven of moesten ze vragen beantwoorden over specifieke details. Bijna alle kinderen herinnerden zich hun eerste schooldag. Van de 45 kinderen hadden er 26 valse herinneringen ontwikkeld aan de ballonvaart.

    Door middel van een aanvullende computertest (een 'deception task') werd vastgesteld dat de kinderen die valse herinneringen hadden ontwikkeld sneller waren in het bevestigen dan in het ontkennen dat ze in een luchtballon hadden gevaren. Alleen bij 'echte' herinneringen, waar geheugensporen bij betrokken zijn, zijn mensen sneller in het bevestigen dan ontkennen van meegemaakte gebeurtenissen. Daarmee laat deze bevinding voor het eerst zien dat valse herinneringen, ook wel geheugenillusies genoemd, bij kinderen gebaseerd zijn op geheugensporen en niet veroorzaakt worden door sociaal wenselijk gedrag.