Staatssecretaris Zijlstra heeft de finale inspectierapportage
naar de Kamer gestuurd. Hij neemt "de conclusies die de Inspectie
trekt ten aanzien van de in haar eindrapport genoemde
opleidingen over."
De feitelijke situatie en conclusies van de Inspectie zijn de
volgende: "Er zijn in totaal 445 afstudeerdossiers voor het
onderzoek geselecteerd. Hiervan bleken 50 niet beoordeelbaar bij
gebrek aan voldoende materiaal. Van de 395 dossiers die wel
beoordeelbaar waren werden 290 van voldoende niveau bevonden. In
totaal werden 105 afstudeerdossiers niet van voldoende niveau
bevonden."
Drie centrale conclusies
Voor het OCW-beleid betekent dit de volgende centrale
punten, zo schrijft de staatssecretaris aan de Kamer:
"1. In die gevallen waarin ten onrechte getuigschriften zijn
afgegeven worden bekostigingssancties opgelegd aan de betreffende
instelling. Het betreft hier in elk geval de gevallen waarin de
afstudeerdossiers volgens het NVAO onderzoek van onvoldoende niveau
waren.
2. De instellingen, waarop het vorige punt betrekking heeft,
dienen de getroffen studenten te informeren. De boodschap, dat hun
afstudeerwerk met terugwerkende kracht van onvoldoende niveau is
verklaard, zal voor deze studenten hard aankomen. Ik hecht er dan
ook aan dat de hogescholen met deze studenten goede afspraken maken
over hoe zij alsnog een hbo-waardig diploma kunnen behalen. De
hogescholen dienen daarbij uit te gaan van hetzelfde type afspraken
als vorig jaar is gemaakt tussen de Hogeschool Inholland en de
getroffen studenten.
3. Voor vier hogescholen geldt dat het onderzoek van de
Inspectie nog niet is afgesloten. Dit zijn de Christelijke
Hogeschool Windesheim, Hogeschool van Arnhem en Nijmegen,
Hanzehogeschool en Hogeschool Inholland. De Inspectie volgt de
verbeteractiviteiten en sluit het dossier niet eerder dan nadat kan
worden vastgesteld dat alle tekortkomingen zijn weggenomen."
Leiden OK, HAN pechvogel
De Hogeschool Leiden mag gelukkig zijn. De uitkomst houdt in,
dat er bij deze instelling geen reden meer is voor nader onerzoek
of het blijven volgen van mogelijke kwalteitsproblemen.
Voor de HAN is de uitkomst een tikje zuur te noemen. De
Inspectie stelde vast dat daar geen enkel geval onvoldoende was.
Toch gaat men de genomen maatregelen nog monitoren, omdat hun
doorwerking enige jaren zou nemen. Het dossier aldaar is daarom
niet 'gesloten'.
Niet alleen maar misstanden bestrijden
Zijlstra onderstreeept aan de Kamer zijn opvatting over de
verantwoordelijkheden die hij en anderen hebben ten aanzien van de
kwaliteit van het hoger onderwijs. Hij wijst er op, dat de aanpak
bij Inholland laat zien, dat een goede en krachtige aanpak werken
kan. "Dit blijkt bijvoorbeeld uit de wijze waarop Hogeschool
Inholland uitvoering geeft aan het noodzakelijke verbeterbeleid.
Alles wijst erop dat de betrokken opleidingen aan kracht en
kwaliteit zullen winnen."
"Ik acht het mijn verantwoordelijkheid om niet alleen concrete
misstanden te bestrijden als die naar boven komen, maar juist ook
maatregelen te nemen die de kwaliteit van het hoger onderwijs
structureel verbeteren."
"De waarde van een hbo diploma mag niet ter discussie staan. Dat
is nu helaas wel het geval en dat vind ik een ernstige zaak.
Studenten moeten zeker weten dat ze onderwijs krijgen op het niveau
dat ze mogen verwachten van Nederlandse hoger
onderwijsinstellingen."
Hogere lat, meer missers
"Dit eindrapport van de Inspectie onderstreept daarom het belang
van het doorvoeren van de eerder door het kabinet voorgestelde
maatregelen die de kwaliteitsborging in het hoger onderwijs beogen
te versterken. Het gevolg van deze maatregelen is dat de lat
omhooggaat en dat kan betekenen dat niet iedere opleiding over die
lat heen komt. Ik betreur dat, maar ik beschouw het als een
logische consequentie van het ingezette beleid."
"Het is immers de bedoeling dat alle betrokkenen kritisch ten
aanzien van de onderwijskwaliteit zijn óf worden. Een dergelijke
cultuuromslag acht ik minstens zo belangrijk als het aanpassen van
wet- en regelgeving."
"Daarom hecht ik zeer aan de opmerking van de Inspectie dat
bestuurders, leidinggevenden en medewerkers hun
verantwoordelijkheid nemen voor de geconstateerde problemen en met
succes aan verbetering werken. Dit blijkt bijvoorbeeld uit de wijze
waarop Hogeschool Inholland uitvoering geeft aan het noodzakelijke
verbeterbeleid. Alles wijst erop dat de betrokken opleidingen aan
kracht en kwaliteit zullen winnen."