In antwoord op vragen van het HO-specialiste Tanja Jadnanansing
(PvdA) aan staatssecretaris Zijlsta over de effecten van de
langstudeerdersboete op aspirant-leraren erkent het ministerie, dat
men geen idee heeft van zulke consequenties. "Ik zal het effect van
deze maatregel en andere maatregelen, zoals de maatregel tweede
studies, monitoren."
Geen erge gevolgen?
Dit is daarom zo pijnlijk, omdat de Eerste Kamer heel pregnant
had aangegeven deze maatregel niet te willen zien gebeuren als het
negatief door werkt in het beleid om meer docenten te doen
opleiden. Daarbij is de impact van de langstudeerboete op de
docent-in-deeltijd opleiding nog meer de toetssteen geworden van de
seriositeit van e onderbouwingen en koers van het HO-beleid
geworden. En terwijl OCW nu erkent geen feiten of cijfers kunnen
geven, meldt de staatssecretaris eenvoudigweg, dat hij van mening
is, dat een "geen disproportionele gevolgen" zullen zijn.
De antwoorden van de bewindsman zullen daarom in zowel de Tweede
Kamer als ook in de Senaat gespeld worden. U leest deze
hieronder.
1 Bent u bekend met het bericht 'Langstudeerboete nekt leraar in spé'
op ScienceGuide?
Ja, dat bericht is mij bekend.
2 Hoeveel leraren zullen niet (verder) studeren
door de drempel die wordt opgeworpen door de
langstudeerdersboete?
Ik kan niet zeggen hoeveel leraren niet (verder) zullen studeren
vanwege de langstudeerdersmaatregel. Wel kan ik aangeven, dat het
vanwege deze maatregel niet nodig is om te besluiten niet verder te
studeren. Volgens de langstudeerders-maatregel mag de student die
een lerarenmaster (meestal 90 studiepunten) volgt hier in totaal
drie jaar over doen voordat het verhoogd collegegeld is
verschuldigd. O
mdat een opleiding van 90 studiepunten naar boven wordt
afgerond, bedraagt de nominale studieduur twee jaar. Volgens de
subsidieregeling Lerarenbeurs krijgt de student ook voor drie jaar
subsidie. De toegestane studieperiode is het aantal jaren dat men
subsidie ontvangt plus een uitloopperiode van drie jaar. De student
moet binnen zes jaar kunnen aantonen dat hij 90 studiepunten heeft
behaald. Voor iedere 30 studiepunten die behaald zijn, wordt een
jaar in mindering gebracht op de totale
terugbetalingsverplichting.
Indien de student in het derde jaar nog niet is afgestudeerd,
gaat inderdaad in het vierde jaar de langstudeerdersmaatregel in.
Dit betekent echter niet dat hij moet stoppen met zijn studie. Het
is aan de student hierin een afgewogen keuze te maken.
Ik zal het effect van deze maatregel en andere maatregelen,
zoals de maatregel tweede studies, monitoren. Daarnaast ga ik ervan
uit dat instellingen maatregelen treffen om de studieduur meer af
te stemmen op de nominale studieduur. Uit het onderzoek van
ResearchNed (bijlage bij Kamerstuk 32 618, nr L) is gebleken dat
veel instellingen werken aan het comprimeren van de geprogrammeerde
studieduur van deeltijdopleidingen en lijkt er, met name in het
wetenschappelijk onderwijs, ruimte te zijn voor efficiëntere
vormgeving van de deeltijdstudies, door bijvoorbeeld meer gebruik
te maken van vormen van tijd- en plaatsonafhankelijk leren. Op
basis van deze ontwikkelingen is te verwachten dat het aantal en
aandeel langstuderende deeltijdstudenten de komende jaren
afnemen.
In mijn brief over deeltijd hoger
onderwijs, die op 31 maart naar uw Kamer is gestuurd (Kamerstuk 32
618, nr L), ben ik ingegaan op de maatregelen om de studieduur meer
af te stemmen op de nominale studieduur. Dit geldt ook voor de
lerarenopleidingen. Ik heb daarbij aangegeven dat ik mij realiseer
dat het comprimeren van opleidingen ten koste kan gaan van de
gewenste flexibiliteit in het deeltijdonderwijs en het meer
gefaseerd, modulair kunnen deelnemen aan dat onderwijs. Waar dat
mogelijk is, is het verstandig dat instellingen dergelijke
maatregelen nemen.
Ik kan mij echter voorstellen dat dit
niet in alle gevallen mogelijk en ook niet wenselijk is. Hierover
zal ik met de instellingen nader overleg voeren. Voor de
betreffende student geldt dat hij in dat geval een beroep kan doen
op het profileringsfonds. Ik heb daartoe een nota van wijziging
ingediend bij het wetsvoorstel "Studeren is investeren". Nu kunnen
namelijk alleen voltijdstudenten een beroep doen op het
profileringsfonds.
De tegemoetkoming uit het
profileringsfonds is alleen bestemd voor die situaties waarin het
langstuderen niet verwijtbaar is aan de deeltijdstudent, dat wil
zeggen ingeval van bijzondere persoonlijke omstandigheden of
wanneer de geprogrammeerde studieduur automatisch tot gevolg heeft
dat de deeltijdstudent langstudeerder wordt. Het profileringsfonds
wordt hiertoe verhoogd met € 10 miljoen per jaar in de jaren 2012
tot en met 2016.
3 Is een afname in het aantal docenten met
studeerambities volgens u wenselijk gezien het aankomend tekort aan
leraren?
Een afname van het aantal docenten met studeerambities is
volgens mij niet wenselijk. Ik voer daarom langs twee wegen
maatregelen uit die de opscholing van leraren stimuleren. Ten
eerste kunnen leraren een beroep doen op de Lerarenbeurs. Ten
tweede kunnen studenten die niet eerder een lerarenopleiding hebben
gedaan, een tweede opleiding op dit gebied doen tegen het wettelijk
collegegeld. En als ze wel een tweede lerarenopleiding doen en het
instellingscollegegeld zijn verschuldigd, wordt het hogere
instellingscollegegeld via de Lerarenbeurs vergoed.
4 Houdt u rekening met deze
ontwikkeling bij de uitvoering van de (Eerste Kamer-) motie
Ganzevoort? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe?
In bovengenoemde brief over het deeltijd hoger onderwijs ben ik
ook ingegaan op de uitvoering van de motie Ganzevoort. In deze
brief ben ik nader ingegaan op de gevolgen van de
langstudeerdersmaatregel voor deeltijdstudenten.
Ik ben van mening dat de langstudeerdersmaatregel op
stelselniveau geen disproportionele gevolgen heeft voor
deeltijdstudenten en heb daarom besloten de
langstudeerdersmaatregel niet te wijzigen voor deeltijders. Wel is
er aanleiding om in individuele gevallen tegemoet te komen aan
bijzondere omstandigheden die ten grondslag liggen aan het
langstuderen. Daarom wil ik in individuele gevallen
deeltijdstudenten tegemoet komen via het profileringsfonds. Zie
hiervoor ook het antwoord op vraag 1.
5 Bent u bereid de regeling van de
langstudeerdersboete in te trekken, dan wel zodanig aan te passen
dat lerarenopleidingen en hun studenten er geen hinder van
ondervinden? Zo nee, waarom niet?
Nee, zie hiervoor mijn antwoord op vraag 4.