• A
  • A
  • Sociale media vol kennis

    - "Maar ik wil helemaal niet op Twitter!" Hoe gebruikt een universiteit social media om haar wetenschapsbeoefening impulsen te geven? Wat werkt? Wat inspireert? "We zien ook de terughoudendheid, de twijfel en de angst," vertellen Rob Speekenbrink en Roy Meijer, de social media-experts van de TU Delft.

    "We hebben als communicatieprofessionals bij een grote universiteit inmiddels uitvoerig kennis gemaakt met diverse vormen van sociale media, de snelheid ervan, de mogelijke impact die het kan hebben, de voordelen maar ook de mindere aspecten. Bij de TU Delft geven we cursussen Twitteren en workshops bloggen aan medewerkers, gaan we in discussie met studenten op onze Facebook fanpage en faciliteren we de interactie tussen onze alumni op LinkedIn.

    Als communicatieprofessionals in het Umfeld van de wetenschap zien we de aanwezigheid van wetenschappers in die delende wereld onafwendbaar toenemen. Maar we zien ook de terughoudendheid, de twijfel en de angst. "Maar ik wil helemaal niet op Twitter!" roept  de nietsvermoedende wetenschapper regelmatig uit.

    Dat hoeft ook niet, '2.0' houdt veel meer in dan alleen microbloggen. Hier een reeks van voorbeelden van wat kan en ook kan inspireren. 

    1] Open Science

    "Open Science is een filosofie waarbij data, onderzoek en resultaten vrij toegankelijk zijn voor iedereen zonder copyright, patenten of andere controlemechanismen," zegt Marjolein Pijnappels. Online peer review, open access, open data, open courseware, betere verspreiding van data, tools en methodes zijn allemaal '2.0'-gerelateerde termen die de komende tijd veel aan invloed zullen gaan winnen.

    Het betrekken van het publiek bij onderzoek met citizen science is ook een succesvol voorbeeld van de inzet van social media in wetenschappelijk onderzoek. De site www.openscience.org bijvoorbeeld biedt toegang tot gratis open source software in diverse onderzoeksvelden.

    2] Publiekscommunicatie

    De wetenschappelijke subsidiestroom bestaat steeds meer uit individuele subsidies, van de VENI-VIDI-VICI-subsidies van NWO tot Europese ERC Personal Grants. Toekenning is vooral afhankelijk van een indrukwekkende lijst met publicaties, maar daarnaast speelt 'maatschappelijke relevantie' een rol(letje). 

    De KNAW  heeft een voorstel voor de criteria en de indicatoren voor de kwaliteitsbeoordeling van wetenschappelijke werk in de ontwerpende en construerende wetenschappen geformuleerd en een 'kwaliteitsindicatorenkaart voor de technische wetenschappen' ontwikkeld. Onder de rubriek 'maatschappelijke relevantie' wordt ook 'verspreiding van kennis' genoemd.

    Concreet heet dit:  'Activiteiten gericht op popularisering wetenschap, onderwijs en bijdragen aan het publieke debat' en 'Professionele publicaties en voordrachten, niet wetenschappelijke publicaties, tentoonstelling etc. over onderzoeksresultaten'. Publiekscommunicatie is dus belangrijk, en een van de manieren om je publiek te bereiken is via online media als een blog, en/of via Twitter. 

    3] Persoonlijke profilering

    Iedere wetenschapper doet  iets aan 'persoonlijke profilering' om zijn of haar carrière vooruit te helpen. Dat wil niet zeggen dat iedereen daar heel bewust mee bezig is, vaak gebeurt het als bijverschijnsel van de drang om resultaten met anderen te delen. Als de wetenschapper zich hier echter van bewust is, zal de profilering een stuk doeltreffender kunnen zijn.

    Dat betekent dus bijvoorbeeld het bijhouden van je LinkedIn profiel, lezingen geven (en je presentatie op SlideShare zetten), bloggen (naast publiceren in vakbladen), twitteren, actief zijn op (wetenschappelijke) discussiefora en plaatsen van relevante inhoud op Wikipedia. Laat vervolgens die meerwaarde ook maar zien aan je (toekomstige) werkgever of subsidieverstrekker.

    4] Doelgroepen bereiken

    Dat ene gemeenteraadslid, die ene politicus of die ene (wetenschaps)journalist is tegenwoordig via Twitter veel makkelijker te bereiken met jouw boodschap dan via de gangbare kanalen van bellen, mailen en afspraken maken. Dat kan natuurlijk allemaal in tweede instantie, maar voor het trekken van de aandacht en een eerste quasi nonchalant contact is Twitter wel een prachtig middel.

    Dit laat nog eens zien dat het begrip 'Social Media' vele platforms, technieken en manieren van communiceren omvat. Allemaal toepasbaar voor bepaalde specifieke doelen en doelgroepen. Inzetbaar voor het onderzoek zelf, voor het verbreden van je netwerk, het delen van resultaten met een specifiek of juist een heel breed publiek, en in het algemeen voor het werken aan je wetenschappelijke carrière.

    Daarnaast kan het ook gewoon leuk zijn. Dat vinden wij als communicatieprofessionals in elk geval wel. In ieder geval de moeite waard om je 's in te verdiepen en/of je te laten adviseren.En als je het allemaal wilt horen van een wetenschapper zelf, lees dan deze blog 'Wetenschap in 140 tekens' van Peter Kerkhof. Toegegeven, hij is wel communicatiewetenschapper….

    Nog enkele bronnen

    In het white paper 'Wakker worden! Tijd voor Open Science', beschrijft Marjolein Pijnappels van Studio Lakmoes - we wezen hiervoor al op haar - hoe social media het wetenschappelijk proces zouden kunnen veranderen. Kijk ook naar het blog van Rob Speekenbrink over Persoonlijke Profilering en de bijbehorende SlideShare presentatie. En een flink overzicht van Nederlandse, aan de wetenschap gerelateerde blogs vindt u hier bijeengebracht."

    Rob Speekenbrink is Adviseur Online Media bij de TU Delft. Roy Meijer is Adviseur Corporate Communicatie bij de TU Delft.

    Op 31 mei vindt het Nationaal Congres Onderwijs & Sociale Media plaats in Diemen, met keynotes van onder andere Doekle Terpstra en Tracy Playle. Download hier het programma.