• A
  • A
  • 10 jaar BaMa

    - “De open en internationale herkenbaarheid als gevolg van de invoering van de BaMa structuur is het grootste succes dat we geboekt hebben,” aldus de minister die deze doorvoerde, Loek Hermans, 10 jaar later. “Uitdaging is om de accreditatie in Europa gelijk te trekken,” stelt hij nu.

    Op 13 juni presenteert de ASVA een bundel beschouwingen met bijdragen van experts over 10 jaar bachelor master, waarin onder meer dit essay van Loek Hermans. De bundel wordt uitgereikt aan de nieuwe UvA-HvA voorzitter Louise Gunning, met  een paneldiscussie in Spui25 te Amsterdam van 17.00 tot 19.00.

    Hier zullen onder meer Hans Adriaansens, Dymph van den Boom, Jasper van Dijk en andere HO-kenners onder leiding van P.G. Kroeger, hoofdredacteur van ScienceGuide, met elkaar in discussie gaan over de plussen en minnen van 10 jaar bachelor masterstructuur. U bent van harte uitgenodigd!



    Ruimte en gedifferentieerde aanpak onontbeerlijk

    De Bologna-verklaring staat aan de basis van een grotere vergelijkbaarheid in het Europese hoger onderwijs, uitgaande van een onderwijssysteem met twee cycli. De internationale herkenbaarheid van opleidingen in Nederland is voor de BV Nederland, als sterk internationaal georiënteerd land, van groot belang.

    In 2000 sprak ik bij de opening van het collegejaar onder andere over het thema internationalisering, een ontwikkeling die leidt tot grote mobiliteit van studenten, docenten en onderzoekers en daarmee tot grotere concurrentie. Om hier als hoger onderwijs goed op in te kunnen spelen, zijn ruimte en een gedifferentieerde aanpak per instelling onontbeerlijk. De invoering van de BaMa structuur in 2002 heeft hier een grote bijdrage aan geleverd.

    De open en internationale herkenbaarheid als gevolg van de invoering van de BaMa structuur is het grootste succes dat we geboekt hebben. De positionering van HBO-masters is goed ingebed en van groot belang in het kader van onder andere LevenLangLeren, om zodoende te voldoen aan de behoefte van de arbeidsmarkt. Ook de mogelijkheden met betrekking tot. mobiliteit voor zij-instromers met elders verworven competenties zie ik als een groot goed.

    In de praktijk blijkt dat de flexibiliteit voor WO bachelorstudenten ontbreekt, omdat de doorstroom naar voorgesorteerde masters nog te vaak algemeen goed is. Dit heeft tot gevolg dat het kunnen kiezen voor masters aan een andere instelling in het binnen of buitenland beperkt is. De uitdaging is om de accreditatie in Europa gelijk te trekken.  Een lastige opgave, zo bleek ook in mijn tijd als Minister, maar wel belangrijk.

    Het opleiden van studenten moet aansluiten bij de behoeftes op de arbeidsmarkt. Daarom is het onderscheid tussen HBO en WO bachelors een kracht van het Nederlandse hoger onderwijs. Het binaire stelsel is ook tien jaar na de invoering van de BaMa structuur een belangrijk kenmerk van het Nederlandse hoger onderwijs. De HBO bachelors moeten opleiden tot een beroepskwalificatie en hieraan wordt veelal goed voldaan. Aandachtspunt is de samenwerking tussen het bedrijfsleven en HBO instellingen om het onderwijs vorm te geven.

    Loek Hermans,
    oud-minister van OCW (1998-2002)