De HBO-raad tekende onlangs wel de brief van de grote kennisorganisaties aan
'de politiek', maar dat neemt niet weg dat de koepel toch nog vijf
aanvullende, eigen punten tracht te scoren in de
verkiezingsprogramma's. U leest die zwaartepunten hier.
'Met het oog op de Tweede Kamerverkiezingen op 12 september 2012
stellen de hogescholen het op prijs indien de politieke partijen de
hieronder geformuleerde aandachtspunten betrekken bij de
totstandkoming van hun verkiezingsprogramma.
De vereniging van hogescholen realiseert zich terdege dat de
financieel-economische omstandigheden stevige invloed zullen hebben
op het overheidsbeleid in de komende jaren. Een zo goed mogelijk
opgeleide beroepsbevolking zal bijdragen aan economisch herstel
vanwege de gevolgen voor productiviteitsverhoging en het innovatief
vermogen van ons land.
- Voor de hogescholen staat de
kwaliteitsagenda centraal. De lat omhoog,
betere voorlichting, begeleiding en verwijzing van studenten
waardoor het studiesucces toeneemt. Het is belangrijk dat ook het
volgende kabinet de agenda van de commissie Veerman als
referentiekader gebruikt voor het hoger onderwijsbeleid in de
komende jaren.
- Sociaaleconomische vernieuwing is gebaat met een zo hoog
mogelijk opgeleide beroepsbevolking die de
innovatiekracht van Nederland vergroot.
Daarom is het belangrijk dat de overheidsinvesteringen in het hoger
onderwijs tenminste op het huidige niveau blijven.
- Bij elke heroverweging van het huidige stelsel van
studiefinanciering dient de
toegankelijkheid voor jongeren uit gezinnen met lage inkomens
gewaarborgd te zijn (inkomensafhankelijke beurzen). Daardoor wordt
gegarandeerd dat alle (verborgen) talenten de weg naar het hoger
onderwijs kunnen vinden.
- Het praktijkgericht onderzoek van de hogescholen is belangrijk
voor de kennisuitwisseling met het MKB en
organisaties in het publieke domein. Uit de KIA foto 2012 blijkt
dat het aantal bedrijven en instellingen dat is betrokken bij het
SIA-RAAK programma voor praktijkgericht onderzoek is gestegen van
5.000 in 2010 tot 6.500 in 2012. Een belangrijke groei, maar nog
steeds onvoldoende. Eventueel vrijvallende middelen kunnen worden
ingezet voor het praktijkgericht onderzoek van hogescholen ten
behoeve van de verdere stimulering van het van het innovatief
vermogen van het MKB.
- De flexibiliteit en vraaggerichtheid van het
deeltijd hoger onderwijs moet toenemen
waardoor beter wordt ingespeeld op scholingsvragen van volwassenen
en werkenden. Het uitgangspunt dat elke Nederlander het recht heeft
op het volgen van één bekostigde bachelor en één bekostigde master
opleiding blijft daarbij gewaarborgd.'