• A
  • A
  • Nederlands moddergooien valt mee

    - In Amerika is ‘dirty campaigning’ een begrip. In Nederland staan de verkiezingen voor de deur. Gaat de modder hier ook vliegen? Nee, zegt UvA-promovenda Annemarie Walter. Tegen veel vooroordelen in blijkt negatieve campagnevoering bij ons de afgelopen jaren niet gegroeid.

    Onlangs bleek al uit onderzoek dat populisten zich niet alleen van retoriek bedienen maar ook de inhoud zoeken. Uit het onderzoek van Walter blijkt nu ook het politieke 'moddergooien' in Nederland mee te vallen.

    'Dirty campaigning' echt Amerikaans

    Walter onderzocht het gebruik van negatieve campagnevoering door politieke partijen in Nederland, Duitsland en Engeland, tussen 1980 en 2006. Ze analyseerde onder meer partijpolitieke uitzendingen en verkiezingsdebatten. De onderzoeksresultaten spreken tegen dat in Europa de verkiezingen 'ver-Amerkaniseren': de stijging in negatieve campagnevoering blijft voorbehouden aan de Verenigde Staten.

    Annemarie Walter constateerde wel dat er tussen de drie landen wel verschillen zijn in het gebruik van negatieve campagnevoering. Deze worden met name veroorzaakt door de gebruikte partijenstelsels. Zo ligt de negatieve campagnevoering in de Nederlandse en Duitse meerpartijenstelsel lager dan in het Britse partijenstelsel, dat institutioneel het meest op de VS lijkt.

    Oppositiepartijen in de aanval

    In een meerpartijenstelsel als Nederland zijn wel duidelijke verschillen te zien tussen de partijen. Zo zijn oppositiepartijen, partijen verder uit het politieke midden en partijen zonder regeringservaring eerder geneigd tot negatieve campagnevoering, zo stelt Walter die op 10 mei aan de UvA promoveert.

    Het geslacht van partijleiders heeft, zo stelt Walter, geen invloed op het gebruik van negatieve campagnevoering. Vrouwelijke en mannelijke partijleiders verschillen noch in de mate waarin zij anderen aanvallen, noch in de inhoud van de aanvallen. Opvallende uitzondering: 'Iron lady' Margaret Thatcher wiens campagnes duidelijk negatiever waren dan die van de mannelijke partijleiders in het Verenigd Koninkrijk.  "Zij heeft de ogen van Caligula en de mond van Marilyn Monroe," aldus François Mitterand.