Alle hogescholen en universiteiten hebben hun pakket voor de
prestatieafspraken rond profilering en differentiatie ingediend bij
de Reviewcommissie. De plannen van de universiteiten zouden al
behandeld zijn en die van de hogescholen worden dezer dagen scherp
getoetst. Verschillende instellingen hebben al 'uitnodigingen'
ontvangen om aanvullende of verhelderende informatie te
leveren.
Vermijding na eensgezindheid
Bij de analyse en behandeling valt op, zo verneemt
ScienceGuide, hoe anders de HO-instellingen nu handelen
dan bij de publicatie van het rapport-Veerman, de grondslag waarop
het vervolg inclusief de Reviewcommissie is gebouwd. De grote
eensgezindheid en zelfs het gezamenlijk manifest van WO en HBO met
ISO en LSVb lijken nu primair te zijn ingeruild voor het vermijden
van zo veel mogelijk transparantie.
Tot verbazing van beoordelaars van de Reviewcommissie hebben de
instellingen de voorstellen, met hun ambities en
profiel-zwaartepunten, veelal niet openbaar gemaakt. Een
inhoudelijke discussie of zinvolle onderlinge vergelijkingen komen
zo niet tot stand. Dat was vanuit het advies van de commissie
Veerman wel de bedoeling geweest.
Zelfs binnen de koepels van hogescholen en universiteiten blijkt
men zeer beperkt op de hoogte van de toekomstperspectieven van de
eigen lid-instellingen. Verschillende van hun leden zijn niet van
plan de collega's of de gezamenlijke vereniging inzage te geven in
wat is ingediend bij Van Vught c.s. Daar lessen uit trekken of best
practices uit verzamelen wordt zo voorlopig niet mogelijk,
betreuren verschillende experts bij die koepels.
Geen reden tot treurnis
Vanuit instellingen wordt hierop echter ook gewezen naar de
Reviewcommissie zelf. Deze had bij haar taakstelling en uitwerking
van de aanpak zo'n openbaarheid en interactie voor 'lessons
learned' wellicht met meer nadruk, ook tegenover OCW, moeten
melden. Vooral ook, omdat men er bij de instellingen vanuit gaat,
dat na de eerste beoordelingen nog zinvolle discussies over zulke
lessen mogelijk en nodig zullen zijn.
Dat 'hun' koepels op dit punt weinig actief kunnen zijn, acht
men geen reden tot treurnis nu. Men trekt liever eerst zelf lessen,
ook met HO-collega's in de regio of allianties in wording, zonder
dat mogelijke concurrenten onder de collega's onder de koepelleden
nu al zouden meelezen. Dat speelt in het bijzonder bij de
voorzetten om nieuwe Centres of Expertise op zwaartepunten van
gecombineerd onderwijs en praktijkonderzoek toegewezen te krijgen
binnen het HBO.
Opvallend transparant Utrecht
Er zijn echter uitzonderingen op het gebrek aan transparantie,
zo werd ScienceGuide met enige nadruk gezegd. Tot de
weinigen die direct volledige transparantie hebben betracht hoort
de UU. Deze heeft haar prestatieafspraken-pakket direct publiek
gemaakt. Collegevoorzitter Yvonne van Rooy gaf daarbij aan in te
zetten op "op matching of selectie voor alle eerstejaars
studenten." In 2016 moet 12% van de studenten deelnemen aan honours
onderwijs, een relatieve toename met een derde.
In het wetenschappelijk onderzoek kiest Utrecht voor
concentratie op vier, grote dragende thema's: Life Sciences,
Duurzaamheid, Instituties en Jeugd & Identiteit. In 2020 zal
het aantal onderzoeksgroepen met de hoogste waardering met 10% zijn
gestegen. In 2016 moet tenminste 2,5% van de rijksbijdrage aan de
valorisatie besteed worden. Ook zal het aantal studenten dat
ondernemerschapsonderwijs volgt dan ruim verdubbeld zijn.
De universiteit heeft het maken van prestatieafspraken
gecombineerd met het opstellen van een nieuw strategisch plan
2012-2016 en ook dit direct publiek gemaakt. Ook hebben de Universiteit Leiden, de TU/e, Radboud en de Erasmus Universiteit inmiddels hun
profileringsdocumenten bekendgemaakt. Bij de hogescholen is men wel
doende de eigen pakketten voor interne dialoog open te stellen,
maar actieve openbaarheid is daar minder aan de orde, zo lijkt
het.
De VSNU heeft overigens inmiddels besloten op 5 juni de plannen
van de universiteiten als pakket publiek te maken. Hoewel men
oorspronkelijk de formele lijn wilde volgen en in het najaar de
profieldocumenten naar buiten zou brengen, is nu vastgesteld, dat
verschillende instellingen zelf hun plannen bekend hebben gemaakt.
Derhalve is besloten op 5 juni met het geheel naar buiten
te komen.
Studenten waarschuwen voor het laatst
Wie van deze gebrekkige openheid langzamerhand tabak hebben,
zijn de studenten. "Wij waren partners en medeondertekenaars
van het manifest met VSNU en HBO-raad om 'Veerman' uit te voeren.
Deze profileringsdocumenten zijn daar de directe uitwerking van en
wij willen nu ook mee kunnen discussiëren. Studenten willen
meedenken over het profiel en de prestaties van ons hoger
onderwijs, natuurlijk!" zegt ISO-voorzitter Sebastiaan
Hameleers.
Hij wil met zijn leden vooral kunnen "leren en lessen trekken
uit dit hele proces. Daar was het bij Veerman toch om te
doen? Hoe komen we tot zwaartepunten, tot differentiatie? Wat
zijn de beste profielen, al naar gelang de rol en de plaats van de
hogescholen en universiteiten? Die openheid van tijdens de
Veerman-fase moet blijven of in elk geval terugkomen."
Het ISO wil "ver gaan om dit te bereiken. Het is van groot
belang voor het draagvlak en de kwaliteit als hier meer openheid
bij komt. Laat de Reviewcommissie of anders OCW de instellingen
hier op aanspreken en stimuleren al hun stukken publiek te maken
voor een serieus debat. En zou dat niet genoeg zijn, dan zijn wij
bereid verdergaande middelen in te zetten om zulke transparantie op
te eisen."
Update:
De VSNU reageert op de publicatie op ScienceGuide. Hoewel van
vier universiteiten de profileringsplannen onder de aandacht worden
gebracht en ook het plan van publicatie van het geheel op 5 juni is
vermeld, is de WO-koepel ongelukkig met het artikel. Men
formuleert dit als volgt:
"Op 30 mei publiceerde ScienceGuide een artikel met de titel
"Transparantie over profilering zwak" waarin wordt gesuggereerd dat
de universiteiten geen openheid geven over de prestatieafspraken.
De universiteiten hebben begin mei de inzet voor de
prestatieafspraken ingediend bij de Reviewcommissie die hen daarop
medio mei heeft bevraagd. Universiteiten hebben tot 4 juni de tijd
gekregen voor kleine aanpassingen of toelichting.
Op 5 juni zullen alle plannen van de universiteiten op de
VSNU-website worden geplaatst. Deze zomer worden de plannen verder
besproken waarna de instellingen pas dit najaar komen tot
definitieve prestatieafspraken met OCW. Door de inzet voor de
prestatieafspraken online te plaatsen, handelen de universiteiten
juist heel open en transparant."