Al op Prinsjesdag 2011 liet ScienceGuide zien hoe minister De Jager
vergaande scenario's voorbereidde om structurele hervormingen en
besparingen door te voeren, vooruitlopend op de perikelen rond de
eurocrisis. Eén van de omvangrijkste werd onthuld in de
aankondiging van een 'IBO Universitaire Medische Centra'. Zo'n
Interdepartementaal Beleidsonderzoek behoort tot de machtigste
wapens die een minister van Financiën kan inzetten om zijn
collega's in het kabinet tot ingrijpende veranderingen te
brengen.
Intransparant met hoofdletters
Het IBO naar de UMC zou begin 2012 klaar zijn. Doel was
duidelijkheid en doelmatigheid te bevorderen over dit 'bad met vijf
kranen', zoals de minister deze sector graag ironisch pleegt te
beschrijven. Maar het document kwam niet tegen die tijd. Ook lag
het niet op tafel tijdens de Catshuisbezuinigingsronde van de
gedoogcoalitie of het Kunduzakkoord. Pas eind mei is het wat
achteloos naar de Kamer gezonden. Het kabinetsstandpunt zal nog
volgen.
Twee dingen vallen in het onderzoek op: het is gedateerd op
'maart 2012' - en was dus klaar voor de genoemde
begrotingsoverleggen van de twee verschillende coalities van
VVD-CDA - en de conclusies zijn zeer zwaar. "Het woord
'intransparantie' moet ten aanzien van de UMC met hoofdletters
worden geschreven." (blz 3)
Verdeling op historische gronden
De rapportage brengt de ene mokerslag na de andere aan. "Een
eenduidige definitie van het type zorg dat het meest kenmerkend is
voor UMC's" bestaat niet. "Basale informatie" over prestaties en
hun financiering is "eenvoudigweg niet voorhanden." Bij de publieke
taak van UMC's "is er in versterkte mate sprake van marktfalen."
"Het is onbekend waar de academische component [ van de
financiering] precies aan wordt besteed." "De verdeling van
middelen geschiedt op historische gronden binnen een gesloten
systeem."
Een integrale afweging van kwaliteit, prestaties en doelmatige
besteding vindt tussen de UMC's zo niet plaats. Taakverdeling en
zwaartepuntvorming worden daarom "onvoldoende benut". Daar komt bij
dat de universiteiten en UMC's voor "het verzorgen van medisch
onderwijs en onderzoek" beide geld krijgen, zonder verdere afweging
of sturing. Het IBO noemt dit "merkwaardig" omdat "deze taak via
twee gescheiden stromen, maar vanuit hetzelfde ministerie wordt
bekostigd."
Eigen bijdrage voor specialistenopleidingen
Wat betreft de opleidingsfuncties is het IBO opvallend bondig.
Deze vergen in ons land 1 à 2 jaar meer dan in Europa is vastgelegd
en elders gerealiseerd wordt. Het opleidingstarief is bij UMC's
hoger dan bij anderen en heeft geen prikkel tot meer capaciteit van
opleidingen. De eigen bijdrage aan de opleiding is relatief laag,
terwijl inkomens "van medisch specialisten fors hoger liggen dan
dat van gemiddelde WO-afgestudeerden."
Het IBO stelt daarom voor de academische component en
'werkplaatsfuncties' bij de UMC aan de hand van prestaties en
doelmatiger taakverdelingen toe te wijzen. Dat levert in elk geval
10% efficiencywinst op, samen €100 miljoen. De opleidingsfuncties
moeten korter duren, één generiek tarief kennen en een eigen
bijdrage van 10% vergen. Dat levert in samenhang €325 miljoen
op.
Wat levert welk UMC straks in?
Een volledig overzicht van de inkomsten en uit het IBO dreigende
bezuinigingen per Academisch Ziekenhuis vindt u hier.
ScienceGuide heeft in de bijlage met het IBO terzake de
denkbare bezuiniging per academisch ziekenhuis naar rato van hun
omvang doorgerekend en vermeld.
Voor het grootste onder hen, het Erasmus MC, zou dit een klap
van €75 mln opleveren. Die in Nijmegen, Groningen, Utrecht en de
beide in Amsterdam moeten rekenen op een bezuiniging tussen €60 en
€50 mln. Leiden zou zo'n €42 mln en Maastricht zo'n €36 mln moeten
ophoesten.