• A
  • A
  • Centres of Expertise onthullend

    - Van Vught heeft ruim de helft van de aanvragen van hogescholen voor topinstituten niet goedgekeurd. Meestal omdat de plannen zwak ontwikkeld of financieel nog onrijp bleken. Waar excelleert het HBO wel en wat laat deze ‘indirecte ranking’ zien?

    Een hogeschool kan een CoE aanvragen als 'trekker' - onder de titel 'penvoerder' - en als partner van de trekker in het geheel. Sommige centra kenden een hele reeks partners, sommige alleen een trekker. Toekenning betekent een erkenning als inhoudelijk kansrijk zwaartepunt voor praktijkgericht onderzoek via lectoraten etc.,  en als zwaartepunt voor vernieuwend onderwijsaanbod, vaak ook gericht op excellentietrajecten en de attractiviteit van het HBO voor vwo-studenten.

    Acht ranking perspectieven

    Wie onder de hogescholen en de HBO-regio's kregen bij de toekenning van deCentres of Expertise'veel', wie 'weinig'?

    1)      Drie hogescholen wisten met twee CoE te scoren waar zij als penvoerder de leiding gaan nemen in het zwaartepunt.

    -Hanze bij de thema's Energie en Healthy Ageing

    -HvA bij de thema's Creatief/ICT en Logistiek, beide bovendien met een forse groep collega-hogescholen die zij zal gaan aanvoeren

    -Saxion bij de thema's High Tech Systems en Techniekonderwijs, waarmee zij zich als béta-tech hogeschool opvallend profileert.

    2)        Acht hogescholen kregen een CoE toegewezen waar zij als enige het hele thema als zwaartepunt kunnen ontwikkelen en zich zo krachtig profileren

    -Fontys met 'productietechniek'

    -Zuyd met 'innovatieve zorg en technologie'

    -Hanze met 'energie'

    -Leiden met 'genomics'

    -HU met 'interactieve media'

    -HAN met 'duurzame elektriciteit'

    -Rotterdam met 'duurzame haven'. Tevens heeft het CoE 'maatschappelijke innovatie' voldoende support ontvangen van partners en cofinanciers om dit 'op Zuid' grootschalig in gang te zetten, eventueel ook zonder een impuls vanuit de profielenmiddelen van OCW op basis van het advies van Van Vught.

    3)       De CoE voor de lerarenopleidingen kregen niet veel bijval. Alleen een voorstel van de Interactum-groep van kleine confessionele Pabo's werd goedgekeurd.

    4)       De CoE in de kunstensector werden evenmin ruim beloond. Te veel hogescholen hadden hier te kleine, individualistische voorstellen van te geringe slagkracht ingediend. Een groot project rond de creatieve industrie in Amsterdam - met HvA, InHolland en AHK- werd juist wel goedgekeurd vanwege de overtuigende opzet.

    5)      Brabant scoort relatief slecht, doordat NHTV, Fontys en Avans elk slechts één CoE 'kregen' als trekkers. De afwijzing van het gezamenlijke CoE rond de creatieve industrie onder leiding van de Design Academy Eindhoven slaat een gat in hun aanbod, bovenop de afwijzing bij Avans.

    6)       Utrecht scoort relatief slecht. De HU verwerft goedkeuring voor één CoE, rond 'interactieve media'. Zij krijgt dit niet voor het voor deze hogeschool sterk profilerende thema 'innovatie van zorg'. Bovendien werden alle vier CoE-voorstellen van de HKU afgewezen.

    7)      Den Haag verwerft geen enkel CoE. De voorstellen waarin de Haagse Hogeschool, de Hotelschool en het KC participeren zijn allen afgewezen.

    8)      Steden die relatief sterk voor de dag komen als kenniscentra van HBO-zwaartepunten zijn Rotterdam, Amsterdam, Groningen en de Twentse regio. In elk van hen zijn meerdere CoE toegekend, zowel aan 'trekkers', als aan deelnemende instellingen, met inhoudelijk een sterke diversiteit aan thema's en projecten.