• A
  • A
  • Kernonderzoek met Europees smaakje

    Fotograaf: Gerda Bosman

    Fotograaf: Gerda Bosman

    - Fysicus in spe Sander Breur ging naar CERN met één grote vraag: “Waar staat het deeltjesonderzoek over twintig jaar?” Directeur Rolf-Dieter Heuer droomt van een mondiaal instituut. “Als je droomt tegelijk realistisch bent, ligt het voor de hand om het hier bij CERN te doen. Maar het zal niet makkelijk worden.”

    Wat is de toekomst van het fameuze CERN? Heeft het een antwoord op de plannen voor de International Linear Collider die hoogstwaarschijnlijk in Japan gebouwd gaat worden? De Japanse overheid is bereid de helft van de kosten voor zijn rekening te nemen, dus er komt flink beweging op dit terrein op wereldschaal.

    Oud-voorzitter van de LSVb Sander Breur is op aanraden van NWO-chef en voormalige CERN-voorman Jos Engelen met zulke vragen ook maar even langs gegaan bij de grote baas zelf van het instituut in Genève, prof. dr. Rolf-Dieter Heuer.

    Sander Breur CERN 1

    Sander en Rolf-Dieter Heuer ontmoetten elkaar op de vijfde verdieping van een imposant gebouw. “Omringd door gebouwen die je qua uiterlijk normaliter alleen in Oost-Europa vindt. Verf bladdert van de gebouwen af, de nummers van de gebouwen staan kris kras door elkaar. Blijkbaar krijgen de experimenten voorrang boven alles,” vertelt Sander Breur na terugkomst.

    Zijn interview met prof Heuer ging daarna meteen van start:

    CERN is nu nog  vooral Europees en pas daarna open voor wereldwijd onderzoek. Is er daardoor ruimte aan het ontstaan voor een wereldwijd instituut, ondanks dat we CERN al hebben?

    “Zestig jaar geleden bij de oprichting van CERN was de situatie heel anders. Vandaag de dag is dit erg moeilijk. Desalniettemin proberen we CERN te globaliseren, we hebben de ‘E’ in CERN geherdefinieerd: ‘from Europe to Everywhere’.

    CERN moet wel een Europees smaakje houden, want dat werkt al zestig jaar goed. Dat Europese smaakje is te proeven in de betrouwbare, duurzame ondersteuning. Al waren er natuurlijk wel ups-and-downs, de betrokken landen hielden altijd vast aan hun verplichtingen.”

    Kan eenzelfde niveau van betrouwbaarheid ook mondiaal gerealiseerd worden?

    “Daar heb je visionairen voor nodig, en het is niet eenvoudig om genoeg visionairen te vinden om dat voor elkaar te krijgen. We proberen op dit moment dit zaadje te planten in ieders hoofd, want dit is wel mijn droom.

    Maar het zal niet makkelijk worden. We hebben al grote stappen gemaakt om instituten buiten Europa betrokken te krijgen. Als we deze weg vervolgen en wachten tot de tijd rijp is voor deze grote stap, dan  denk ik dat het moet kunnen lukken.”

    Sander bij CERN 2

    Hoe ziet deze droom er precies uit? Waar zal deze mondiale variant van CERN liggen, op een neutraal eiland?

    “Nee, als je droomt en op het zelfde moment realistisch bent lijkt het me voor de hand liggen om het hier te doen. Wij hebben alle infrastructuur en middelen al, we hoeven dat allemaal niet meer uit te vinden.

    We hoeven alleen maar de bestaande faciliteiten uit te breiden, dat is makkelijker dan het wiel opnieuw uit te vinden. Maar ik moet nu ophouden met praten, als ik hier veel verder over uitweid krijg ik teveel vijanden…..

    We zullen dit zaadje echt in de hoofden moeten planten. Deeltjesfysica liep altijd al voorop bij nieuwe ontwikkelingen en de nieuwe frontlinie is de globaliteit. Maar een globaliteit die gedreven wordt door wetenschap en ons verder brengt.

    Zestig jaar geleden had ook niemand verwacht dat wetenschappers uit zoveel verschillende landen zo goed samen aan zo’n gemeenschappelijk doel konden werken. Dit is een model voor de rest van de wereld. Het laat zien hoe je ‘individuele agenda´s’ kan samenbrengen tot een grote, gemeenschappelijke agenda met een duidelijk en breed gedragen doel. Maar we hebben nog een lange weg te gaan hiermee.”