• A
  • A
  • VSNU wil hulp bij Open Acces

    - In aanloop naar de onderhandelingen met wetenschappelijke uitgevers heeft VSNU-voorzitter Karl Dittrich een brief gestuurd naar alle wetenschappers in Nederland. Hij hoopt dat ook onderzoekers zelf bij uitgevers gaan aandringen op een transitie naar een Open Acces model.

    De komende periode gaan de gezamenlijke universiteiten weer onderhandelen met de grote uitgevers zoals Elsevier, Springer en Wiley. Het gaat dan om grote langjarencontracten. De VSNU hoopt dat er ook afspraken gemaakt kunnen worden over vrij toegankelijke wetenschappelijke publicaties, het zogenoemde Open Acces model.

    Ook zeker gezien de positieve aandacht die Sander Dekker al eerder ten toon spreidde over dit onderwerp. Om het belang van Open Acces extra kracht bij te zetten tijdens de onderhandelingen met de uitgevers heeft VSNU-voorzitter Dittrich een oproep gedaan aan alle wetenschappers van Nederlandse Universiteiten. Hij hoopt dat wetenschappers zelf ook bij uitgevers aandringen op een transitie naar een Open Acces model.

    Hieronder leest u de brief die namens de CvB’s van alle Nederlandse universiteiten is verstuurd.

     

    “Geachte leden van de Nederlandse academische gemeenschap,

    De opkomst van het internet heeft de mogelijkheden om wetenschappelijke kennis te verspreiden radicaal veranderd. De digitalisering heeft ervoor gezorgd dat in potentie iedereen met toegang tot het internet kan profiteren van de nieuwste wetenschappelijke inzichten. Open access is de beweging die beoogt de uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek (zeker als dit met publieke middelen is gefinancierd) vrij digitaal beschikbaar te maken. De Nederlandse universiteiten zijn een groot voorstander van deze ontwikkeling en hebben zich hier de afgelopen jaren op uiteenlopende manieren voor ingezet.

    Recent heeft het onderwerp ook de volle aandacht gekregen van het Kabinet. De verwachting is dat er komende tijd betekenisvolle stappen gezet zullen worden om de omslag naar Open access te bereiken. Dat zal gevolgen hebben voor uw werk als onderzoeker. Met deze brief willen wij u daarover nader informeren. Ook doen wij graag een beroep op u om zich in te (blijven) zetten voor de vrije toegankelijkheid van uw eigen wetenschappelijke werk.

    Groen en goud

    In het internationale debat over Open acces wordt onderscheid gemaakt tussen twee hoofdroutes: de groene en de gouden route. De groene route gaat uit van zelfarchivering. Auteurs maken in dit model hun werk zelf openbaar toegankelijk door hun manuscript te deponeren in een institutionele repository. Alle Nederlandse universiteiten bieden deze mogelijkheid. Soms eisen uitgevers dat embargotermijnen in acht genomen worden. Alle Nederlandse onderzoekers kunnen er via deze route aan bijdragen dat hun publicaties vrij online beschikbaar zijn. Wij roepen u dan ook op om van deze mogelijkheid gebruik te (blijven) maken.

    De gouden route is een meer complexe maar uiteindelijk volgens velen een meer duurzame route naar Open access. Publicaties via de platforms van de uitgevers direct online beschikbaar gesteld. Dat vergt dus een omslag van de business modellen van de uitgevers. Van een op abonnementsinkomsten gebaseerd model naar een model waarbij de auteur (of liever gezegd de werkgever of financier van de auteur) een vergoeding betaalt na acceptatie van een artikel. Er zijn steeds meer uitgevers die volgens dit gouden business model werken. Bekende voorbeelden zijn PlosOne en BioMed Central. 

    Zuiver gouden business model

    Andere grote uitgevers werken nog grotendeels via het traditionele abonnementenmodel. Slechts mondjesmaat bieden deze uitgevers ook de gelegenheid om tegen betaling artikelen vrij online beschikbaar te maken in tijdschriften waarvoor via abonnementen betaald moet worden (het zogenaamde hybride model). Nederlandse universiteiten beschouwen dit als een tijdelijke oplossing en verwachten van uitgevers dat zij de transitie naar een zuiver gouden business model voor al hun tijdschriften zullen maken.

    Het debat over Open access heeft recent een stevige impuls gekregen door de brief die Staatssecretaris Dekker op 15 november 2013 aan de Tweede Kamer heeft gestuurd. Hij stelt zich daarin op het principiële standpunt dat publiek gefinancierd onderzoek vrij toegankelijk moet zijn. Dat doet hij vanuit de overtuiging dat Open Access niet alleen de wetenschap maar ook de bredere maatschappij en de economie ten goede komt. In de steeds digitalere wereld zijn Open access publicaties sneller en beter vindbaar, worden vaker geciteerd en krijgen een groter bereik.

    Ook de leraar moet profiteren

    Niet alleen binnen de wetenschappelijke wereld maar ook daarbuiten. Ook de huisarts, de starter van een spin-off bedrijf en de leraar voor de klas moeten kunnen profiteren van de nieuwste wetenschappelijke inzichten. Maar denk ook aan de voordelen voor ontwikkelingslanden waar men zich de dure abonnementen op wetenschappelijke tijdschriften vaak niet kan veroorloven.

    Ambitie van staatssecretaris Dekker is dat in 10 jaar (2024) 100% van de Nederlandse wetenschappelijke publicaties Open access is en in 5 jaar 60%. De staatssecretaris maakt daarbij een welbewuste keuze voor de gouden route.

    De Nederlandse universiteiten zijn blij met de politieke aandacht van de Nederlandse regering en willen zich komende periode serieus inzetten voor de noodzakelijke transitie. Een belangrijk aangrijpingspunt om dat te doen zijn de onderhandelingen met uitgevers over de verlenging van abonnementen.

    Sinds tien jaar hanteren uitgevers voor de abonnementen alles-in-één-prijzen die worden vastgesteld in licenties, zogenaamde ‘Big Deals’. De universiteiten zullen binnenkort weer met de grote uitgevers onderhandelen over deze Big Deals. In elk geval met Elsevier, Springer en Wiley. Universiteiten willen bij die onderhandelingen nadrukkelijk ook afspraken maken met uitgevers over de transitie naar Open access. Universiteiten verwachten van uitgevers dat zij serieuze stappen zullen zetten om die overgang mogelijk te maken.

    Wat kunt u doen?

    Ook als onderzoeker kunt u een wezenlijke rol spelen bij de omslag naar Open access. Elke individuele onderzoeker kan daaraan bijdragen door zijn artikelen te deponeren in de repository van uw eigen universiteit. Maar er is meer. Als onderzoekers vervult u immers een sleutelrol in het uitgeefproces van uitgevers. Als auteurs van de wetenschappelijke content, als reviewers en als leden van editorial en advisory boards. Wij hopen dat u waar mogelijk bij uitgevers wilt aandringen op de transitie naar een Open access model.

    Wij gaan een spannend half jaar tegemoet. We verwachten daarin serieuze stappen te zetten in de transitie naar Open access. Wij hopen daarbij op uw steun te mogen rekenen.

    Namens de Colleges van Bestuur van alle Nederlandse universiteiten,

    Karl Dittrich,

    Voorzitter VSNU”