• A
  • A
  • Mentorprogramma's leren van elkaar

    (foto: Loop oh)

    (foto: Loop oh)

    - Bij Stenden Hogeschool is op 17 maart de aftrap gegeven voor het ‘European Center for Evidence-based Mentoring’. Professor Jean Rhodes die in Boston de directeur is van de Amerikaanse evenknie van het centrum gaf samen met Klaas-Wybo van der Hoek het startschot. “Dit is een nieuwe fase in onze ontwikkeling.”

    Het MentorProgramma Friesland werpt zijn vruchten af. Dit blijkt niet alleen uit de positieve resultaten die studenten boeken, maar ook uit de groeiende internationale belangstelling voor het Europese voorbeeldproject dat startte bij het Friesland College. Op Stenden kwamen in het kader van het Nederlands EU voorzitterschap professionals in mentoring bijeen voor de European Mentoring Summit.

    Historie in Friesland

    Voor de onderwijsinstellingen in Friesland was dat reden voor het opzetten van een netwerkorganisatie die kennis gaat delen en ontwikkelen over mentoring in Europa. Het ‘European Center for Evidence-based Mentoring’ zal onderzoek gaan doen, kennis genereren en toegepast onderzoek naar het effect van mentoring gaan delen.

    Volgens Klaas-Wybo van der Hoek is het logisch dat Friesland de plek is van waaruit dit centrum georganiseerd gaat worden. De provincie heeft een lange historie op het gebied van begeleiding van jongeren en heeft veel steun in de regio van kennisinstellingen, bedrijven en maatschappelijke organisaties om dit op te pakken.

    Eén van die organisaties is FB Oranjewoud, een stichting die zich ten doel stelt om de economie van Noord-Nederland de versterken. De stichting maakte op 17 maart bekend dat het twee beurzen beschikbaar stelt aan twee studenten van NHL en Stenden om in Boston onder supervisie van professor Jean Rhodes onderzoek te gaan doen naar mentorprogramma’s.  In 2017 zullen er ook beurzen beschikbaar komen voor excellente MBO-studenten om in de Verenigde Staten aan de slag te gaan.

    “Voor FB Oranjewoud gaat het om kennisvermeerdering, die uiteindelijk bijdraagt aan de economische ontwikkeling van Noord-Nederland,” vertelt Klaas-Wybo van der Hoek aan ScienceGuide. De vicevoorzitter van Stenden noemt het deels visie en deels toeval dat deze ontwikkeling nu juist in Friesland plaatsvindt.

    Leren van Boston, en andersom

    “Het is een beetje toeval dat we deze internationale contacten hebben kunnen leggen, maar dat een aantal mensen bij het Friesland College die Amerikaanse voorbeelden zagen en daar actief mee aan de slag zijn gegaan voor het opzetten van het MentorProgramma Friesland, dat is wel visie. In die zin is het logisch dat dit zich nu hier ontwikkeld.”

    Voor Jean Rhodes die bij de University of Massachusetts Boston onderzoek doet naar mentoring en twee jaar geleden ook al te gast was in Friesland is het mooi om te zien hoe verschillend er gekeken werd en wordt naar de inzet van mentoren in onderwijs en bedrijfsleven in de Verenigde Staten en Europa.

    “In het begin was er in Amerika heel erg de houding dat iedereen een mentor kan zijn en dat er zo snel mogelijk opgeschaald moest worden naar landelijke programma’s. ‘Everything is bigger in America’. Maar ik heb geleerd dat mentoring niet vanzelfsprekend werkt. Juist in Europa wordt er ook meer gekeken naar kwaliteit en toewijding.”

    Rhodes die hoogstwaarschijnlijk visiting professor zal worden bij het European Center of Evidence-based Mentoring hoopt dat de uitwisseling van kennis tussen haar centrum in Boston en de Europese tegenhanger de komende jaren haar vruchten gaat afwerpen. Dat er twee studenten uit Leeuwarden haar kant op komen is fantastisch. Hoe mooi zou het zijn als de komende jaren andersom de weg ook wordt gevonden? “That would be invaluable.”