• A
  • A
  • Nederland moet een magneet voor talent zijn

    - “Wij hebben universiteiten en hogescholen die in de top van de wereld mee kunnen spelen. Voor mij is dit een abc’tje.” Pieter Duisenberg (VVD) wil van het Nederlands hoger onderwijs een exportproduct maken. Het aantal internationale studenten moet omhoog van 75.000 nu naar 225.000 in 2025.

    Voor het verkiezingsreces wordt in de Tweede Kamer nog over een wetsvoorstel vergaderd waarin geregeld wordt dat Nederlandse instellingen ook in het buitenland een vestiging kunnen openen, zoals Groningen wil gaan doen in China. Deze wet hangt samen met de ambitie die Pieter Duisenberg heeft met het Nederlandse hoger onderwijs.

    Inspiratie uit Canada 

    Het ho moet een topsector en exportproduct worden en de ambitie mag best omhoog. Wil Nederland welvarend blijven dan moeten we volgens hem toptalent aan blijven trekken, meer dan we nu doen. Duisenberg heeft zich in het bijzonder laten inspireren door de Canadese strategie om meer internationaal talent aan te trekken. Hij heeft het ‘’voor het gevoel’’ zelfs helemaal vertaald naar de Nederlandse situatie, inclusief de omslag en zo zegt hij “de ambitie en concreetheid spreken mij aan.’’

    De wetsbehandeling over de vestiging van campussen in het buitenland is op initiatief van Duisenberg naar voren gehaald, hoewel Jasper van Dijk (SP) dit onlangs nog probeerde te verhinderen. “Ik heb de wetsbehandeling naar voren gehaald omdat de RUG in gesprek is met externe partijen zoals bedrijven uit Nederland en investeerders die het ook belangrijk vinden dat er in China opleidingen van de RUG komen. Daarnaast zijn er gesprekken met de Chinese overheid en die hebben dus voortgang nodig. De RUG kan niet zeggen: ‘sorry bij ons hebben wij even verkiezingen, dus je moet een half jaar wachten.’”

    RUG heeft voortgang nodig

    Het VVD-Kamerlid legt uit dat hij dit niet doet omdat hij nu samen met de PvdA nog een meerderheid heeft in de Kamer. “Het is niet voor mij de overweging geweest om dit nog even snel voor de verkiezingen te regelen, met het oog op eventueel veranderende verhoudingen in de Kamer na 15 maart. De RUG heeft gewoon voortgang nodig voor hun gesprekken, nu wachten ze op Den Haag.”

    De plannen van de RUG hangen samen met een plan dat Duisenberg al voor het kerstreces presenteerde in de Kamer. Hij had daarbij een plan van Canada om fors meer te investeren in hoger onderwijs als blauwdruk gebruikt hoe het in Nederland ook kan. “Maak van het hoger onderwijs net als in Canada of in Australië een topsector en een exportproduct. Ik wil een vingeroefening met het Canadese document en kijken of wij het ook zo kunnen invullen. Dan krijg je een hoog ambitieniveau en je krijgt een hoge mate van concreetheid en je krijgt een samenhangende strategie ten aanzien van internationalisering.”

    225.000 studenten in 2025

    “Dit betekent dat wij als Nederland een hoge mate van ambitie moeten hebben. Als je de ambitie van Canada lineair vertaald dan moet het aantal studenten dat wij aantrekken stijgen van 75.000 studenten nu, naar 225.000 studenten in 2025.”

    Volgens Duisenberg hoort dit aantal bij een serieuze ambitie die je moet willen nastreven. “Je moet dit zien als een oefening in ambitie en concreetheid. Ik zeg nu niet als VVD: ‘ik heb het allemaal berekend en het moeten er precies 225.000 studenten zijn in 2025.’ Het punt is wel dat je ambitieus bent en dat je het niet laat wegpolderen. Spreek een hoge ambitie uit, desnoods in een hoog en middelhoog scenario, en redeneer terug wat er concreet allemaal nodig is om dat te realiseren. 

    Voor mij is dit een abc’tje

    Volgens de VVD’er ligt er namelijk een hele markt open van internationale studenten en is dit een abc’tje. “De OECD heeft het ook becijferd, die schat in dat het aantal internationale studenten gaat groeien van 3.7 miljoen in 2009, naar 6.4 miljoen in 2025. Al die studenten gaan op zoek naar universiteiten, dat is dus een potentiële markt. Wij hebben tegelijkertijd een dalend aantal studenten vanwege demografische ontwikkelingen en een groeiende behoefte aan talent om onze welvaart vast te houden. Ten derde, wij hebben universiteiten en hogescholen die in de top van de wereld mee kunnen spelen. Voor mij is dit een abc’tje.”

    Ook stoort Pieter Duisenberg zich aan het feit dat bij belangrijke Nederlandse handelsmissies het hoger onderwijs veelal niet vertegenwoordigd is. “Nu is het nog erg versnipperd, er gaan bijvoorbeeld verschillende delegaties van universiteiten naar dezelfde plek. Het is bijvoorbeeld heel moeilijk om als Nederland je dan op de kaart te zetten, al die instellingen doen dat allemaal apart van elkaar. Soms ook samen. Ze zijn laatst gezamenlijk naar Canada geweest en dat was een groot succes, daar was iedereen tevreden over.” 

    50 kleine, losse instellingen

    “Maar het is nu zo dat het Nederlandse hoger onderwijs niet van meet af aan en vanzelfsprekend aan tafel zit bij handelsmissies. Daarom moet die topsector hoger onderwijs er komen en die moet aan tafel zitten bij nieuwe handelsmissies. Dat betekent niet dat er 50 kleine, losse instellingen meegaan op handelsmissie maar dan moet je daar zitten als de topsector. Dat moet vanuit OCW meer gecoördineerd worden.”

    Duisenberg wil niet naar individuele prestaties kijken op het gebied van internationalisering, maar wel op stelselniveau. “Op stelselniveau heb ik nog niet gezien dat wij een duidelijke ambitie hebben zoals ik dat wel bij Canada en Australië zie. Ik zie nu veel te veel dat er geredeneerd wordt: ‘dit is waar wij staan en wij gaan ons best doen.’ Ik weet niet wat dat ‘best doen’ betekent voor waar wij moeten gaan komen. Als je ambitie is om 225.000 internationale studenten aan te trekken dat is drie keer zoveel als vandaag de dag, dan moet er wel een ketenaanpak komen. Wat is daar voor nodig als je dat wil bereiken?” 

    Waardevol voor Nederland 

    Volgens de VVD-politicus zou er ook gericht gezocht moeten worden naar studenten, maar Duisenberg laat die uitwerking aan OCW. “Canada heeft bijvoorbeeld een aantal targetlanden. In het geval van Nederland, wij hebben een aantal landen waar wij goed zijn in het aanboren van nieuwe studenten door middel van Neso-kantoren van EP-Nuffic. In het bijzonder kijk ik dan naar China en Indonesië daar hebben wij hele goede Neso-vestigingen. Dit zijn maar een aantal voorbeelden dit moet de minister verder uitwerken. Ik zou focussen op landen met niet alleen een goede kans op hoge kwaliteit studenten, maar ook op succes dat studenten blijven of anderszins waardevol gaan zijn voor Nederland.

    Volgens Duisenberg moet er gewoon een soort van businessplan komen. “De tweede vraag is hoe benader ik die studenten. Dat is gewoon een marketingvraag, dat gaat over de vraag welke brand wil je neerzetten. Dus hoe doen we de verkoop, hoe halen we ze binnen? Het is gewoon een businessplan dat er moet komen.”

    Een ander belangrijk onderdeel is volgens de VVD’er huisvesting. “De laatste vraag is hoe ga ik het operationaliseren om mensen hier te ontvangen? Dan moet je ook kijken naar de huisvesting en hoe de campussen eruit zien. Wat betekent het voor je curricula en wat betekent het voor de Nederlandse studenten? Heeft het ook invloed op de waardepropositie voor de Nederlandse studenten? In positieve zin betekent dat dat er een international classroom komt, het kan ook betekenen dat je  te veel buitenlandse studenten hebt en Nederlandse studenten geen ruimte hebben. Al dat soort zaken moet je in kaart brengen.” 

    Dit is een reuzenkans

    Bovenal vindt de VVD’er dat dit ook  past bij de ambitie van Nederland. “Dit is een reuzenkans waar je met heel veel ambitie en proactief in moet zitten. Wij als Nederland zijn toch één grote topsector met een hoge kwaliteit aan ho-instellingen en we hebben toch gewoon een opgaaf als land om een magneet voor talent te zijn.”

    Met het plan van Canada ligt er dus volgens de VVD’er een pasklaar antwoord om deze ambitie te vertalen in plannen. “Het ligt voor OCW al klaar. Ik heb geen 3000 ambtenaren, maar als minister van onderwijs zou ik dit Canadese plan ergens in de Hoftoren naar binnen gooien en zeggen:  ‘Jongens ik wil dit. Ik wil geen brieven meer, geen nieuwe wetten meer. Dit is de mate van ambitie, concreetheid en het is een samenvattend verhaal.” 

    Onderdeel van personeelsbeleid 

    Volgens de liberaal moeten bedrijven ook meegenomen worden in deze plannen. “Ook bedrijven doen hier aan mee. Stel dat je tegen ASML zegt: wij gaan hier werk van maken. Reken maar dat ASML aan boord stapt. Dit wordt gewoon onderdeel van hun personeelsbeleid. Dat zie je ook nu in Groningen, bedrijven investeren ook in die nieuwe vestiging in China, want die zien dat het voor hen ook een manier is om talent aan te boren.” 

    Tot slot laat Duisenberg niet zijn oren hangen naar de kritiek vanuit de Kamer van onder andere de SP, CDA en de PVV die spreken over ‘busladingen van internationale studenten die hier naartoe komen.’ “Talent komt niet naar je toe als je wegkruipt achter de dijken. De VVD gaat niet terug achter de dijken. Met de VVD kies je voor een open economie en kies je voor een samenleving die midden in de wereld staat en kies je voor hoger onderwijs met internationale ambitie.” 

    Frans van Heest