• A
  • A
  • Dan doen we het zelf wel

    (foto: lil_foot)

    (foto: lil_foot)

    - Wilma de Vries van het Joke Smit College in Amsterdam nam de afgelopen jaren ruim dertig alumni van Eerst de Klas en het Onderwijstraineeship aan. Nu het eerste programma dit jaar geen studenten heeft, organiseert zij zelf een vergelijkbaar traject. “Ik blijf toch te maken hebben met docenten die met pensioen gaan.”

    Hoe zorgen we ervoor dat er voldoende en goede leraren zijn? Dit is een vraagstuk dat de afgelopen jaren volop in de belangstelling staat en ook in aanloop naar de verkiezingen de nodige aandacht kreeg van de politieke partijen. Ondanks vele initiatieven stromen er nog altijd te weinig studenten uit de lerarenopleidingen, met name in de zogenaamde tekortvakken, en lijkt dit met de vergrijzing van het lerarencorps de komende jaren een steeds urgenter probleem te worden. Wordt het niet tijd om het over een andere boeg te gooien?

    In het lerarendiscours op ScienceGuide gaan we op zoek naar nieuwe antwoorden en alternatieve oplossingen. Aan het woord komen dwarse denkers, (oud-)politici en bewindvoerders, maar vooral ook de leraar zelf. We nodigen iedereen uit om mee te denken. Vandaag het gesprek met Wilma de Vries en Tessa Gulper van het Joke Smit College over Eerst de Klas en het zelf opleiden van nieuwe docenten.

     

    Het Joke Smit College is een school voor volwassenonderwijs in vmbo, havo en vwo. Wilma de Vries is sinds 2005 directeur en nam de afgelopen jaren veel Eerst de Klassers aan. “Ze zijn in 2009 begonnen dus in 2009 kwamen de eerste twee alumni bij ons werken. Een natuurkundige en een scheikundige. Die laatste heeft vijf jaar lesgegeven en zit nu bij ons in een leidinggevende functie. De natuurkundige is onlangs naar Engeland gegaan om te werken bij Teach First.”

    Aannemen in groepjes

    De Vries is de afgelopen jaren steeds meer alumni van Eerst de Klas aangenomen, omdat veel van haar docenten met pensioen gingen. “Ik heb er altijd voor gezorgd dat ik nieuwe mensen in kleine groepjes aannam. Als je ze in hun eentje aanneemt loop je toch het risico dat ze een beetje verloren raken tussen de oudere docenten. Op deze manier hadden de nieuwe docenten ook steun aan elkaar.”

    Die steun is belangrijk, maar De Vries merkt dat de alumni van Eerst de Klas behoorlijk in staat zijn zelf hun weg te vinden op de school. “Ja, ze maken wel echt het verschil. Je merkt dat ze toch net even meer bagage hebben. Dat ligt denk ik ook wel aan het leiderschapsprogramma dat ze volgen tijdens Eerst de Klas. Het zijn allemaal excellente academische studenten, maar ze komen ook heel veel buiten de school en brengen die ervaringen mee naar binnen. Dat is waardevol.”

    Eén van de docenten op het Joke Smit College die bijna het Eerst de Klas-traject heeft afgerond is Tessa Gulpers. Zij is inmiddels docent aardrijkskunde. “Het docentschap is ook een vorm van leiderschap, daar ligt in Eerst de Klas ook wel de nadruk op,” vertelt Gulpers. “Je gaat veel langs organisaties en bedrijven, maar in de lessen die je volgt ligt ook heel erg de nadruk op persoonlijkheidsontwikkeling, zowel expliciet als impliciet.”

    Brede aanvliegroute

    Het is die bagage die alumni van Eerst de Klas meenemen. “In het programma liep een aantal van de studenten bijvoorbeeld stage bij Greenpeace. Daar kun je heel veel links met het onderwijs bij bedenken, met biologie, maar ook met aardrijkskunde. Zo werden er ook mensen later in de klas uitgenodigd om in de klas te praten over duurzaamheid. Je haalt de wereld als het ware de klas in.”

    Het was juist die combinatie die het voor Gulpers aantrekkelijk maakte om mee te doen aan Eerst de Klas. “Die combinatie is boeiend, het onderwijs wordt niet gezien als op zichzelf staand eilandje. Ik vind het onderwijs heel erg leuk, maar ik vind ook andere dingen interessant. Het is heel leerzaam om daar in zo’n groep met studenten uit het hele land aan te werken.”

    Volgens Gulpers is een traject als Eerst de Klas overigens geen voorwaarde om die twee werelden te verbinden. “Bij het Joke Smit College zijn heel veel Eerst de Klassers dus ik vind het wat moeilijk vergelijken, maar ik denk dat het programma geen voorwaarde is om bij docenten die koppeling te creëren. Dat kan op heel veel manieren.”

    Duaal opleiden als sleutel

    Naast het leiderschapsprogramma staan studenten in het Eerst de Klas programma staan drie dagen per week voor de klas en gaan zij één dag in de week naar de universitaire lerarenopleiding. De Vries merkt dat die opleiding vaak nogal behoudend is. “Ze durven daar weinig flexibel te zijn in het programma dat zij aanbieden.”

    “Er moet zo veel. Terwijl ik denk: als je zulke talentvolle studenten hebt, dan zorg je er voor dat die zo snel mogelijk bevoegd voor de klas komen. Er wordt door studenten veel gemopperd dat ze zich door eindeloze verslagen moeten werken. Die opleidingen zouden wel wat minder obstakels mogen opwerpen denk ik.”

    Doorontwikkelen van Eerst de Klas

    Veel docenten in het team van Wilma de Vries hebben door hun achtergrond e capaciteiten om ook organisatorisch iets bij te dragen. “Ik heb inderdaad vrij veel mensen op coördinerende taken zitten. Het voordeel is dat ik nu zelf in huis een traineeship kan ontwikkelen voor nieuwe docenten.”

    En dat is nodig, want Eerst de Klas zit in een overgangsfase. Nadat Platform Bèta Techniek de organisatie van het traject op zich nam, is het nu aan de verschillende koepels als de VO-raad en VSNU om programma de volgende stap te laten zetten. Die ontwikkeling is gaande, maar betekent wel dat er dit jaar geen studenten worden opgeleid. Dat kan het Joke Smit College zich eigenlijk niet permitteren, zegt Wilma de Vries. “Ik heb er vertrouwen in dat die partijen gaan zorgen voor een landelijke doorontwikkeling van het programma, maar voor nu heb ik wel nieuwe docenten nodig.”

    “En dan heb ik opeens het voordeel dat ik inmiddels zo’n dertig alumni van Eerst de Klas in dienst heb,” lacht De Vries. “Wij hebben een club geformeerd die zelf aan de slag is gegaan met de organisatie van een vergelijkbaar traineeship. Samen met de universitaire lerarenopleiding, en samen met deelnemende bedrijven uit ons netwerk.”

    Tessa Gulpers is nóg geen alumni en dus is zij nog niet direct betrokken bij het traineeship dat het Joke Smit College zelf organiseert. Voor nu heeft zij nog wel wat tips die zij aan de organisatoren wil meegeven. “Vanuit Eerst de Klas wordt een heel programma aan sprekers georganiseerd. Dat is een vol programma waarin ik soms wel eens een beetje een rode draad miste.”

    Een beetje overzicht in een volgeboekt programma lijkt geen overbodige luxe als Gulpers vertelt over het Eerst de Klas programma. “Het is een erg vol programma. Je gaat lesgeven, je krijgt zelf les op de universitaire lerarenopleiding en dan volg je ook nog het leiderschapsprogramma dat Eerst de Klas aanbiedt. Ik denk dat daar ook wel een aandachtspunt zit, je moet voorkomen dat mensen over hun eigen grenzen heen gaan. Dan verlies je mensen en dat is zonde.”

    Een oplossing zou volgens Gulpers zijn als duidelijk is vastgesteld hoeveel lesuren studenten tijdens het traject daadwerkelijk voor de klas mogen staan. “Dat is op dit moment bij het traineeship van Eerstde Klas niet vastgelegd. Er zijn wel richtlijnen, maar daar mogen scholen wel overheen gaan. Dat kan betekenen dat je er als student het slachtoffer van wordt als een school tekorten moet wegwerken. Dat moet voorkomen worden.”