• A
  • A
  • Britse studenten boycotten studentenquête

    (Foto: Wokandapix)

    (Foto: Wokandapix)

    - Op een aantal Britse universiteiten hebben studenten de Engelse variant van de Nationale Studenten Enquête geboycot. De resultaten van de enquête worden vanaf dit jaar meegenomen in een ranglijst die bepaalt of universiteiten hun collegegeld mogen verhogen.

    Afgelopen september lanceerde de Britse minister van onderwijs Jo Johnson het nieuwe Teaching Excellence Framework (TEF). Het TEF is erop gericht om universiteiten te rangschikken op basis van onderwijs(kwaliteit) in plaats van onderzoek. Het nieuwe programma stuit echter in de eerste ronde op forse weerstand van studenten die de nationale studentenenquêtes, waarop een groot deel van de TEF ranking wordt gebaseerd, boycotten. 

    Op sommige universiteiten was de opkomst bij de National Student Survey (NSS), de Engelse evenknie van de Nationale Studenten Enquête (NSE), zo laag dat de uitslag ongeldig verklaard moest worden. Hierdoor is de legitimiteit van het TEF punt van discussie geworden in het Britse hoger onderwijs.

    Goud, zilver, brons 

    Het TEF heeft als doel om de waardering voor onderwijs en onderzoek gelijk te trekken en (excellent) docentschap te stimuleren. Ook moet het studenten een helder en begrijpelijk beeld geven over waar zij het beste onderwijs kunnen volgen. Aan de hand van een rangschikking krijgen universiteiten een gouden, zilveren, of bronzen ‘medaille’. 

    Vanaf 2020 bepaalt het al dan niet halen van een medaille of instellingen hun collegegeld dat jaar mogen verhogen. Instellingen met een gouden medaille mogen de maximale verhoging doorvoeren gelijk aan de inflatie van dat jaar. Het Britse ministerie wil hiermee de verschillen in kwaliteit door laten klinken in de hoogte van het collegegeld.

    Een onafhankelijk panel, bestaande uit academici, studenten, en vertegenwoordigers van de instelling, beoordeelt de universiteiten op basis van zes criteria: drie uit de NSS, de andere drie criteria gaan over het uitvalpercentage, de carrièremogelijkheden en het salarisniveau van oud-studenten. Het panel keert op basis van deze indicatoren het label goud, zilver, of brons toe.

    Dit jaar hebben 292 van de 530 universiteiten zich opgegeven voor de eerste ronde van de beoordeling; 230 hiervan hebben een medaille gekregen. Deze instellingen mogen hun collegegeld met directe ingang verhogen. 

    Boycot

    Critici twijfelen aan de validiteit van de indicatoren van het TEF. Zo vonden onderzoekers van Oxford geen verband tussen NSS-resultaten en onderwijskwaliteit omdat er geen correlatie met hoe goed studenten presteren. Anderen vrezen dat het plan vooral perverse prikkels met zich zal meebrengen of zal leiden tot de sanering van departementen en het ontslag van personeel.    

    De National Union of Students (NUS), de Britse studentenbond, riep in januari op tot een boycot van de NSS om zo de TEF te saboteren, de NSS is namelijk pas geldig als 50% van studenten de enquête invult. Zij stellen dat geen van de indicatoren ook maar iets te maken hebben met onderwijskwaliteit. De studenten noemen het TEF een sinister en gevaarlijk plan dat slechts dient om de collegegelden nog verder te verhogen.

    Lokale vakbonden, onder leiding van de NUS, hebben zich actief ingezet om de opkomst van de enquête te verlagen en zo ongeldig te laten verklaren (een opkomst van 50% is nodig). Uiteindelijk is het gelukt om twaalf universiteiten uit te sluiten van het eindrapport, waaronder Cambridge, Oxford, en King’s College London, en was de landelijke opkomst dit jaar 4% lager dan vorig jaar. 

    Prestatieafspraken   

    In Nederland spelen studentevaluaties al langer een rol in de beoordeling van de kwaliteit van instellingen. Deze werden onder andere meegenomen in de prestatieafspraken die de instellingen in 2012 met de overheid maakten. Onlangs werden enkele Nederlandse hogescholen door minister Bussemaker gekort op hun begroting omdat zij voor het niet halen van de in 2012 gemaakte afspraken niet haalden. In geen van de gevallen kwam dit door lage scores op de NSE. 

    Hoewel veel instellingen de gestelde doelen wel hebben behaald, heerst in Nederland een vergelijkbare discussie over of kwantitatieve indicatoren daadwerkelijk een goed middel zijn om onderwijskwaliteit te verbeteren. De landelijke studentenorganisaties en VSNU en VH hebben collectief gezegd geen tweede ronde prestatieafspraken te willen.