• A
  • A
  • Wat kost een publicatie?

    - In 2015 kwamen de Nederlandse universiteiten tot een overeenkomst met de uitgevers. De gouden route moest tot meer open access publicaties leiden. Maar wat kost een OA publicatie nu uiteindelijk? Leo Waaijers rekende het uit.

    U leest hier de bijdrage van Leo Waaijers. For English click here.

    In 2015 heeft een studie van de Max Planck Society laten zien dat de overgang van het klassieke abonnementsmodel naar Open Access via offsetting deals kan worden gerealiseerd binnen de bestaande bibliotheekbudgetten. In 2016 sloten de Nederlandse universiteiten de eerste offsetting deals met twaalf grote uitgevers. In 2017 werden deze overeenkomsten openbaar dankzij een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur. De website Openaccess.nl geeft een overzicht

    Hieronder volgt een analyse van de contracten met de vier grootste uitgevers.

    Twee modellen

    De essentie van de offsetting deals is dat de uitgever niet langer betaald wordt voor dienstverlening aan de lezer (geven van toegang tot artikelen), maar aan de schrijver (publicatie van artikelen). Deze dienst aan de schrijver omvat de organisatie van het peer review proces, het redigeren, in omloop brengen en indexeren van het artikel.

    In beide situaties betaalt de instelling waaraan de lezer respectievelijk de schrijver is verbonden, de rekening: in het lezersmodel via de bibliotheek, in het schrijversmodel via het onderzoeksbudget. Door de offsetting deals gaan de bibliotheken echter hun abonnementsbudgetten gebruiken voor het betalen van de diensten aan de schrijver. 

    In het lezersmodel is het niet mogelijk om per uitgever de prijs te bepalen die betaald wordt voor het publiceren van een artikel. Hoewel de prijs van een tijdschriftabonnement bekend is en ook hoeveel artikelen in dat tijdschrift worden gepubliceerd, wordt het totale aantal abonnementen op dat tijdschrift geheim gehouden. Dus is ook de prijs van het artikel onbekend. 

    In het schrijversmodel is dit echter mogelijk. De eenvoudigste situatie is dat een schrijver direct een uitgever benadert voor het publiceren van zijn artikel in een tijdschrift. De prijs staat dan op de factuur. Steeds vaker sluiten instellingen echter bulkcontracten af voor het publiceren van grotere aantallen artikelen, waarmee een korting kan worden bedongen. Instituten vereisen dat deze artikelen in open access worden gepubliceerd, niet alleen om sociale redenen, maar ook om double dipping te bestrijden. Dit is de techniek om in één land te laten betalen voor het publiceren van een artikel via het schrijversmodel en in een ander om toegang te geven tot dit artikel via het lezersmodel.

    Offsetting deals in Nederland

    De overeenkomst met Elsevier omvat alle 6000 artikelen die jaarlijks door Nederlandse eerste auteurs worden gepubliceerd bij deze uitgever. Nederland betaalt daarvoor M€ 12, wat zou neerkomen op € 2000 per gepubliceerd artikel. Maar dat getal is misleidend. In 2018 zal Elsevier slechts 1800 van de 6000 artikelen open toegankelijk maken (in 420 van hun 2500 tijdschriften). De overige 4200 artikelen blijven afgesloten. Zodoende kan extra geld elders worden gevraagd voor toegang tot deze artikelen: een geval van double dipping. Alleen na bijbetaling van € 500 tot € 5000 per artikel,  worden deze artikelen vrijgegeven. Voor alle 4200 artikelen zou dit neerkomen meer dan € 12miljoen extra. Dan is de gemiddelde prijs € 4000 per gepubliceerd artikel.

    Aan Springer betalen de gezamenlijke instellingen €2,8  miljoen per jaar. Voor dit bedrag kunnen maximaal 2200 open access artikelen worden gepubliceerd in de 2000 hybride tijdschriften van Springer. Dit omvat de totale Nederlandse productie in deze tijdschriften (2113 artikelen in 2016), wat neerkomt op gemiddeld € 1300 per gepubliceerd artikel. Springer heeft zijn 400 open-access tijdschriften buiten de deal gehouden. Publiceren in deze tijdschriften kost 2200 dollar per artikel. Ook hun 400 tijdschriften van geleerde genootschappen vallen buiten de deal. De prijzen daarvan variëren enorm.

    Alle 1350 hybride tijdschriften van Taylor & Francis zijn opgenomen in de €2 miljoen deal. Het aantal artikelen dat in deze tijdschriften in open toegang wordt gepubliceerd, is niet beperkt. In 2016 waren dat 1340 artikelen. Dit bedraagt € 1500 per gepubliceerd artikel (en wordt minder indien het aantal artikelen hoger wordt). Auteurs die publiceren in een van de 160 open-access tijdschriften, die niet in de deal zijn opgenomen, betalen € 2150 per artikel.

    Met Wiley is eenzelfde overeenkomst afgesloten: een onbeperkt aantal open access artikelen in al hun 1450 hybride tijdschriften. In 2014 waren dat 2300 artikelen. Volgens Wiley zal dit aantal in 2019 naar 2600 stijgen. De gezamenlijke instellingen betalen €4 miljoen. Dit komt neer op € 1600 per gepubliceerd artikel (of minder indien het aantal artikelen hoger is dan voorzien is). Publiceren in een van hun 60 open-access tijdschriften kost € 455 - € 4163 per artikel.

    Résumé

    Uitgever

    Prijs per OA artikel via offsetting deal

    Prijs per separaat OA article

    Elsevier

    € 4000

    € 500 - € 5000

    Springer

    € 1300

    € 2200

    Taylor & Francis

    € 1500

    € 2150

    Wiley

    € 1600

    € 455 - € 4163

    Conclusie

    Een studie van de Max Planck Society komt uit op een wereldwijde uitgave van € 7,6 miljard voor academische tijdschriften en een jaarlijkse onderzoeksproductie van 1,5 tot 2 miljoen tijdschriftartikelen. Dus de huidige gemiddelde prijs per artikel ligt tussen € 3800 en € 5000

    Zelfs inclusief de slechte overeenkomst met Elsevier, blijft voor de vier grootste uitgevers, die samen meer dan 40% van de Nederlandse artikelproductie omvatten, de prijs die via de nieuwe offsetting deals wordt betaald, (ruim) binnen dit bedrag. Dit ondersteunt de stelling van de Max Planck Society dat een volledige overgang naar open access uit de bestaande bibliotheekbudgetten kan worden betaald. 

    Toekomst

    Het voorgaande is een krachtig pleidooi om door te gaan met de offsetting deals. Voorwaarden zijn (1) dat deze overeenkomsten openbaar zijn en (2) dat de academische wereld is voorbereid op een no-deal. (In Nederland moest de slechte overeenkomst met Elsevier worden geaccepteerd omdat de instellingen niet voorbereid waren op een no-deal.)

    Een recent artikel in Science behandelt de thans lopende onderhandelingen in Duitsland. Een no-deal optie is daar niet ondenkbaar. Alleen zo komt de concurrentie tussen de uitgevers op gang.

    Leo Waaijers