• A
  • A
  • Groningse deeltjesversneller nog steeds breed inzetbaar

    - Afgelopen vrijdag was het feest op de Zernikecampus in Groningen. Dit jaar viert de Rijksuniversiteit Groningen dat het 20 jaar geleden is dat deeltjesversneller AGOR in gebruik werd genomen. Onlangs besloot de universiteit de looptijd nog eens met 20 jaar te verlengen.

    De AGOR is het resultaat van een samenwerking tussen het Franse IPN (Institut de Physique Nucléaire d'Orsay) en het Nederlandse KVI (Kernfysisch versneller insituut). In 1985 werd besloten tot de bouw van deze unieke deeltjesversneller die in Orsay, een voorstad van Parijs, in elkaar werd gezet en kreeg het de naam Accélérateur Groningen-ORsay.

    In de deeltjesversneller worden positief geladen deeltjes, ionen versneld. De supergeleidende cyclotron is uniek omdat het zowel lichte als zware ionen, van alle chemische elementen, kan versnellen. Hierdoor is AGOR breed inzetbaar en kan deze zowel gebruikt worden voor medische toepassingen als voor bijvoorbeeld ruimteonderzoek. Naast onderzoekers maken ook veel bedrijven daarom gebruik van de versneller in het Noorden.

    Behandeling van kanker

    De AGOR is geschikt voor kernfysica, bestralingen, radiobiologie, atoomfysica en oppervlaktefysica; gebruik van AGOR voor protontherapie is in onderzoek.  Zo onderzoekt het team van Peter Dendooven manieren om de behandeling van kanker door middel van bestraling met protonen gerichter en daarmee beter te maken.

    Zo wordt met behulp van AGOR gekeken naar de manier waarop protonen zich voortbewegen in patiënten bij bestraling, waardoor onderzoekers de dosering van de bestraling kunnen beperken. Gedurende een behandeling, die soms weken kan duren, verandert de grootte en vorm van de tumor. “Door tijdens een bestraling de tumor beter in beeld te brengen, en de het bestralingsgebied te verminderen kan worden voorkomen dat gezond weefsel beschadigd raakt.” legt Dendooven uit.

    Internationaal gebruik

    De AGOR is opgenomen in het overzicht van Nationale Onderzoeksfaciliteiten. Het is één van de doelstellingen van NWO om dit soort faciliteiten ‘in het leven te roepen, (mede) te beheren en toegankelijk te maken voor onderzoekers uit binnen- en buitenland’. Dat dit lukt bleek duidelijk tijdens de bijeenkomst, getuige de bijdrage van Sven Rakers verbonden aan de Ariane Group uit Duitsland.

    Met de Ariane Group doet Rakers onderzoek naar de effecten van kosmische straling op computer hardware die onder andere onderdeel is van satellieten en het internationale ruimtestation. “Met AGOR kunnen we allerlei verschillende soorten deeltjes nabootsen waarmee we de weerbaarheid van de hardware kunnen testen.” Volgens Rakers is hij niet de enige die het nut van de versneller inziet: “AGOR is eigenlijk altijd volgeboekt.”

    Er blijft dus nog wel even behoefte aan een versneller met deze specificaties. Het KVI-Center heeft opnieuw internationale financiering verworven voor de toekomst, dus de AGOR zal ook de komende jaren worden gebruikt. Het KVI-Center is ook onderdeel van het Horizon 2020 programma, het onderzoeksprogramma van de Europese Unie.