24 september 2009 - Aart Oxenaar, directeur van de Academie van Bouwkunst Amsterdam, promoveert op zijn 19e eeuwse vakgenoot P.J.H. Cuypers. De bouwmeester van het Centraal Station, Rijksmuseum en zijn meesterwerk de Vondelkerk ziet Oxenaar als man van het 'gotisch rationalisme.'
Oxenaars stelling is dat de werken van Cuypers meer zijn dan een
toevallige reeks gebouwen: ze vormen een oeuvre dat uitdrukking
geeft aan een maatschappelijk geëngageerde architectuur-opvatting
geschoeid op een 'logische' of 'rationele' ontwerpmethode ontleend
aan de gotiek: het gotisch rationalisme. Uitgangspunt voor het
onderzoek vormden Cuypers' bewaard gebleven schetsen en tekeningen,
uitgevoerde ontwerpen en zijn bibliotheek die niet eerder
systematisch en chronologisch werden onderzocht en beschreven.
Oxenaar studeerde kunstgeschiedenis en archeologie aan de
Universiteit van Amsterdam. Met steun van NWO deed hij aansluitend
onderzoek naar het werk van P.J.H. Cuypers. Hij werkte bij het
Nederlands Architectuurinstituut als publicist en
tentoonstellingenmaker en was oprichtend coördinator van het
Centrum voor Architectuur en Stedenbouw in Tilburg. Sinds 1998 is
hij directeur van de Academie van Bouwkunst Amsterdam. Naast zijn
architectuurhistorisch werk publiceerde hij over hedendaagse
architectuur in Nederland.
De stimuleringsregeling voor promotieonderzoek van de HBO-raad
en de Regeling Promotievouchers van de Amsterdamse Hogeschool voor
de Kunsten stellen docenten en medewerkers van hogescholen in staat
om in minimaal vier jaar een promotieonderzoek te verrichten. Bij
de toekenning van de promotievouchers wordt gekeken naar de
relevantie van het promotieonderzoek voor het onderwijs en de mate
waarin het onderzoek leidt tot kennisvermeerdering op het
vakgebied. Zo kunnen hogescholen zich ontwikkelen van
onderwijsinstellingen richting kennisinstellingen.
Als directeur van de Academie van Bouwkunst geeft Oxenaar richting
aan het onderwijs volgens het zogeheten concurrent model:
studenten combineren hun hbo-masteropleiding Architectuur,
Stedenbouw of Landschapsarchitectuur met een aanstelling bij een
relevante werkgever. Hierdoor worden het werken in de praktijk en
ontwerpen in het curriculum volledig met elkaar verweven.
