Perspectief 1: groei aantal studenten: ouderen (>23
jaar), buitenlanders
Opmerkelijk uit de eerste analyses van de mogelijke
groeicijfers is de groei van het aantal oudere studenten. Blijkbaar
is er een grote groep die meer dan in andere jaren, of opnieuw gaat
studeren na enige onderbreking, of een vervolgstudie gaat volgen,
of (noodgedwongen) kiest voor opleiding boven werk. Hoewel ik geen
exacte cijfers kan produceren zou dat tegelijk moeten betekenen dat
de instroom van twintigers voor het afstandsonderwijs moet dalen.
Bij ons stabiliseert de instroom vrijwel op het niveau van 2008. Er
is dus echt sprake van een extra groep, zelfs als je het hoge
aantal buitenlandse studenten uit de cijfers laat.
Perspectief 2: achterblijvende groei
financiën
Al langer is bekend dat de studentengroei van de laatste jaren niet
heeft geleid tot een evenredige budgetstijging van universiteiten.
Daardoor 'teert de instelling in' op het onderwijsbudget per
student. De noodzakelijke kwaliteitsverhoging (individualisering,
maatwerk, e-learning) wordt daardoor in feite onmogelijk gemaakt.
De goede voornemens van universiteiten voor rendementsverbetering
staan onder druk en er is geen perspectief op verlichting op korte
termijn. Het tekort aan budget voor het onderwijsgedeelte van de
universiteiten zou uit onderzoeksgelden moeten worden
gecompenseerd. Dat is natuurlijk geen verstandige keuze.
Perspectief 3: afstandsonderwijs kan helpen,
maar…
Het is verleidelijk om reclame te maken voor hoger
afstandsonderwijs als alternatief. Elke jongere heeft echter ook
recht op een studentenleven. Toch zou ik een lans willen breken
voor het inschakelen van vormen van afstandsleren in met name de
bachelorfase. Overvolle collegezalen, overtekende bijvakken,
deficiënties wegwerken, honours programs, parkeerstudies,
voorbereiding buitenlandse studenten; zo maar wat thema's waar
afstandsonderwijs voor verlichting kan zorgen. Ik ben bereid hierin
de grenzen van de synergievoordelen met mijn collegae op te zoeken.
In de huidige systemen leidt dit echter vaak tot dubbele kosten,
dus de animo bij de overheid zal wel niet groot zijn. Het is de
investering echter ook dubbel waard!
De crisis en het hoger onderwijs
Ik denk dat de mogelijke groei van studentenaantallen een teken is
dat er een vlucht naar het onderwijs plaatsvindt. Mensen die
voorheen zouden werken, of werk en studie zouden combineren, kiezen
nu voor full-time onderwijs. Het hoger onderwijs vangt daarmee een
deel van de groei van de werkloosheid op. Dat rechtvaardigt een
extra rijksbijdrage uit de potten van de crisisbestrijding (SZW/EZ)
aan de universiteiten. Maar die rechtvaardiging is eigenlijk
overbodig: onderwijs is de enige echte duurzame crisisbestrijder.
Als Duitsland de crisis te lijf gaat door 225.000 extra
studentplaatsen te financieren, dan hebben ze daar goed over
nagedacht. In Nederland worden we geacht blij te zijn als de
bezuinigingen meevallen!
Om nog maar te zwijgen van leven lang leren…
Ach, en als het hoger onderwijs al zijn best doet om de reguliere
groeistromen zonder extra middelen te verwerken, hoe moet het dan
met het zo broodnodige offensief Leven Lang Leren (zie Denktank,
KIA/Innovatieplatform, OESO)? Zal Prinsjesdag daar een wenkend
perspectief bieden? Vlaanderen heeft het gesnapt. De ideeën liggen
daar gratis voor het oprapen, of moet ik vanwege de Westerschelde
zeggen: opbaggeren?