Wetenschappelijke literatuur wordt door velen nog geassocieerd
met universiteitsbibliotheken, gevuld met boeken en ingebonden
tijdschriften. Vanaf 2000 ontstaat steeds meer ruimte - letterlijk
(door het verdwijnen van boekenkasten) en figuurlijk - om te gaan
werken met publicaties via computer en internet. Maar zoals de
eerste auto op een koets leek, zo lijken digitale publicaties
sprekend op hun papieren voorgangers. De tijd is rijp voor een
geheel nieuwe manier van wetenschappelijk publiceren en
communiceren.
Klassieke publicatievormen
Het verschil tussen de publicaties van nu en die van pakweg
dertig jaar geleden is niet zo groot als iedereen denkt. Ja,
publicaties zijn op grote schaal omgezet van papieren in digitale
vorm. Gek genoeg bleef de vorm van de publicaties hetzelfde.
Druk maar eens een recent artikel uit een willekeurig digitaal
tijdschrift af. Dit ziet er in wezen nog net zo uit als een artikel
uit de jaren zeventig.
Toch blijft niet alles hetzelfde. Het eerste teken van
verandering is te zien in de proefschriften. Deze worden nu bijna
allemaal digitaal gepubliceerd, vooral omdat zo allerlei bijlagen
gemakkelijk kunnen worden toegevoegd die in de papieren versie
werden weggelaten. Dit blijkt een positieve invloed te hebben op de
verspreiding: de digitale proefschriften worden gedurende langere
tijd en door een breder publiek gelezen en becommentarieerd dan
voorheen.
Deze proefschriften en andere digitale publicaties zijn
gemakkelijk terug te vinden via het wetenschapsportal NARCIS (www.narcis.info). NARCIS is een
initiatief van de Nederlandse universiteiten, NWO, SURFfoundation
en KNAW en wordt door de KNAW beheerd.
Nieuwe communicatievormen
Aan het vasthouden aan de klassieke vorm van de publicatie lijkt
een eind te komen met de komst van een generatie wetenschappers,
die is opgegroeid in de wereld van het WorldWideWeb. Voor deze
onderzoekers - en hun progressieve oudere collega's - voldoet de
traditionele wijze van publiceren niet meer. Voor hen is de tijd
rijp voor een nieuw paradigma: een wereld waarin de resultaten van
onderzoek tot in detail beschikbaar en verifieerbaar zijn.
Wat wil dat zeggen? Wetenschappelijke boeken en artikelen zijn
het resultaat van onderzoek. Soms bestaat onderzoek uit het
bestuderen van reeds bestaand materiaal, zoals middeleeuwse
handschriften, fotoverzamelingen of fossielen. In andere gevallen
bestaat het onderzoek uit het doen van experimenten, bijvoorbeeld
vogeltellingen of enquêtes. Al deze ruwe gegevens die aan de basis
liggen van de wetenschappelijke publicatie (dat kan dus zowel
een handschrift zijn als een vogeltelling) kunnen de
onderzoekers nu publiek maken.
Verrijking en dynamiek: verrijkte
publicaties
Het domweg publiceren van ruwe data (zoals vogeltellingen)
zonder verband met een publicatie heeft niet erg veel nut. Een
publicatie met toegevoegde waarde, ook wel een verrijkte publicatie
genoemd, bestaat daarom uit een kernpublicatie (lijkend op
het klassieke boek of artikel) met al haar relaties met hieraan
verbonden aanvullende informatie (foto's, teksten,
geluidsfragmenten, datasets, verwerkingssoftware, video's).
Zo'n publicatie nieuwe stijl is niet statisch van karakter. De
lezers kunnen deze verrijken met hun commentaar. Dit geeft extra
dynamiek aan het publicatieproces. Veel sneller dan voorheen kan de
onderzoeker nagaan hoe zijn publicatie door anderen wordt
ontvangen.
Loslaten van de traditionele
publicatie
In sommige wetenschappen laten wetenschappers het traditionele
publiceren soms al helemaal achterwege. De 'publicatie' is
dan bijvoorbeeld een video. Een losse video op zich biedt de kijker
weinig informatie, maar dankzij het model van 'verrijkte
publicaties' kan de maker van de video er allerlei informatie aan
verbinden (de beschrijving van het experiment; relaties met eerdere
experimenten; trefwoorden). Zo kan de kijker zich van tevoren een
oordeel vormen van de video die hij gaat bekijken. En ook hier
kunnen de kijkers weer hun commentaar toevoegen aan deze
'publicatie'.
Domeinen groeien naar elkaar toe
Dit nieuwe publiceren heeft een verrassend neveneffect. In de
wetenschappelijke wereld bestonden er grote verschillen in
publicatiegedrag tussen de alfa-, beta- en gammawetenschappers.
Aan de ene kant van het spectrum bevinden zich de alfa's met
hun boeken en aan de andere kant bevinden zich de bèta's met hun
aandacht voor het tijdschriftartikel.
De overstap naar verrijkte publicaties zal dit onderscheid
grotendeels laten verdwijnen. Het accent zal komen te liggen op het
presenteren van de resultaten van onderzoek, van de bijbehorende
analyse en van de gegevens die bij het onderzoek zijn gebruikt. Je
kunt dan niet meer spreken van een boek of een tijdschriftartikel.
Het gaat hier om een wetenschappelijke publicatie nieuwe stijl.
Publicatiehulpjes
Een kleine voorhoede van technische goed onderlegde onderzoekers
kan al goed omgaan met deze nieuwe wijze van publiceren. Voor de
meeste onderzoekers is het wachten op de komst van
publicatiehulpjes. Hiermee zullen zij op eenvoudige wijze
nieuwerwetse publicaties kunnen samenstellen.
Denk in dit verband aan de ontwikkeling van E-mail. Pas door de
komst van mailprogramma's als Outlook kan iedereen zonder
problemen een mailtje verzenden, terwijl daar vijftien jaar geleden
ingewikkelde commando's voor nodig waren.
In het door SURFfoundation gesubsidieerde project ESCAPE (Enhanced
Scientific Communication by Aggregated Publications
Environments) werken de Rijksuniversiteit Groningen, de
Universiteit Twente en de KNAW samen om eind 2009 hulpmiddelen op
te leveren waarmee wetenschappers, ongeacht hun discipline op
eenvoudige wijze verrijkte publicaties kunnen samenstellen.
We verwachten dat het simpel kunnen produceren van verrijkte
publicaties zal leiden tot een ingrijpende verandering in de
onderzoekscommunicatie. Sommigen spreken zelfs van een
paradigmaverschuiving.
Belangrijkste winstpunt in dit nieuwe communicatieproces is de
controleerbaarheid en verifieerbaarheid van alle stappen in het
wetenschappelijk onderzoek. Onderzoekers zullen in breder verband
gaan samenwerken en kunnen beter voortbouwen op het werk van
anderen, ook als anderen in een andere vakgebied werkzaam zijn. Dit
zal een enorme impuls geven aan het onderzoek en
onderzoeksprocessen aanzienlijk versnellen.
Arjan Hogenaar (KNAW)
Marjan Vernooy-Gerritsen (SURFfoundation)
Proefschriften en andere digitale publicaties zijn gemakkelijk
terug te vinden via het wetenschapsportal NARCIS (www.narcis.info).
NARCIS is een initiatief van de Nederlandse universiteiten, NWO,
SURFfoundation en KNAW en wordt door de KNAW beheerd. Op de site
van Narcis wordt ook het laatste nieuws van ScienceGuide
gepubliceerd.