Tik op Hollandse vingers

20 februari 2012 - Nederland mag bekostiging voor studie in het buitenland wellicht niet meer inperken op basis van de lengte van het verblijf in ons land. Een tik op de vingers uit Europa en deze heeft gevolgen voor HO en SF beleid.

De Advocaat Generaal van het Hof van Justitie in Luxemburg is tot een uitspraak gekomen in de zaak waarin de Europese Commissie Nederland in gebreke heeft gesteld. Kern is: mag ons land van een student eisen dat deze tenminste 3 van de 6 voorbije jaren in Nederland woonachtig was voordat er een recht op financiering van een studie in een ander land zal bestaan? Nee, zeggen nu zowel de Commissie in Brussel als de Advocaat Generaal.

"The Advocate General disagrees with the Netherlands' contention that workers working in the Netherlands but residing outside the Netherlands are not in a comparable situation to Netherlands workers and migrant workers residing in the Netherlands and that therefore there is an objective difference between these two categories which would justify the residence requirement."

Niet steekhoudend onderbouwd

De argumentatie van Nederland overtuigt het Luxemburgse hof niet, omdat er een indirect nadelig onderscheid in wordt gemaakt: "The Advocate General considers that Netherlands workers are more likely to be able to satisfy the three out of six years rule than migrant workers residing in the Netherlands, and therefore concludes that the residence requirement constitutes indirect discrimination." Ook de redenering, dat dit om financiƫle redenen gerechtvaardigt zou zijn, gaat daarom niet op: "Any limitation imposed for financial reasons must apply equally to national workers and migrant workers. The Netherlands cannot therefore justify the three out of six years rule on economic grounds."

Zelfs de redenerng dat een dergelijke beperking nodig is om het wenselijke beleidsdoel van meer internationale mobiliteit door Nederlandse studenten beter te kunnen realiseren, vindt het Hof niet steekhoudend onderbouwd. "[She] does [not] consider that the Netherlands has demonstrated that the residence requirement does not go beyond what is necessary to increase student mobility and identify the target group."

De opvatting van de Advocaat Generaal is een onafhankelijke visie die het Hof nu is voorgelegd ter overweging. Een definitieve uitspraak zal nu volgen. Als het Hof deze visie van de AG volgt, dan moet ons land deze onverwijld in zijn HO en SF beleid verwerken.