Hoger onderwijs voorbij BaMa

23 mei 2012 - Tien jaar BaMa. Wat heeft het opgeleverd na “een Creuzfeldt-Jakob-achtige incubatietijd?” Hans Adriaansens bijt het spits af voor het debat op 13 juni in Amsterdam. “Het ijs is nog dun,” vreest hij. “Even doorbijten, Halbe” tegen “de remmende kracht van faculteiten en decanen.”

Halbe redt

Wie zich realiseert dat veranderingen in het hoger onderwijs een Creuzfeldt-Jakob-achtige incubatietijd vergen, zal over 'tien jaar Bachelor Master' niet ontevreden zijn. Het belangrijkste wapenfeit is wel, dat de 'Etikettenwechsel' van 2002 de vanzelfsprekendheid van het studierichtingenconcept heeft uitgehold. Ook zonder Bologna was dat natuurlijk al een anachronisme: jonge mensen uit 483 studierichtingen laten kiezen kan nu eenmaal niet goed gaan.

Toen die richtingen ook nog eens werden gehalveerd, kon uiteindelijk niemand dat systeem serieus blijven nemen. Bestuurders gingen zich realiseren dat de hoge uitval en het lage rendement vervelende gevolgen zijn van de eigen organisatie. En dus niet alleen van het tekortschieten van het VWO of de desinteresse van studenten. Een enkeling is zelfs de mening toegedaan dat de nieuwe bachelor een eigen gezicht, een eigen doelstelling verdient, zoals de WRR al in 1995 voorstelde.

Dun ijs

Maar het ijs is nog dun. De university colleges zijn als zwaluwen die nog geen zomer maken. Alleen de VU gaat volledig over naar een Liberal Arts & Sciences opbouw en de daarbij horende filosofie. Andere rectores willen ook die kant op met hun bachelorfase, maar zijn niet altijd opgewassen tegen de remmende kracht van faculteiten en hun decanen.

Gelukkig is er een staatssecretaris die de randvoorwaarden zo manipuleert, dat universiteiten uiteindelijk wel voor zo'n Liberal Arts & Sciences profiel moeten kiezen. Met de streep door de bekostiging van een tweede studierichting komt een meer convergente opbouw van programma's dichterbij en daarmee het afscheid van het bamboebos. Met de langstudeerboete kunnen instellingen hun rendementscijfers niet meer onder het tapijt van kunstige statistiek vegen en moeten ze op zoek naar een stelsel dat de verkeerde-keuze-problematiek oplost.

Met de buitenlandersregeling wordt voorkomen dat krimpende studierichtingen en instellingen - nota bene onder de vlag van internationalisering - Duitse en Britse studenten nodig hebben om overeind te blijven. Met de introductie van instellingsaudits worden CvB's en RvT's - en niet de faculteiten en studierichtingen - verantwoordelijk gemaakt voor het stelsel van kwaliteitszorg.

Met 'Sirius' krijgen studenten en docenten die willen werken de mogelijkheden die ze verdienen en worden programma's weer van universitair niveau. En met de afschaffing van het bekostigde 'bestuursjaar' komt een einde aan de mythe dat 'besturen' goed is voor je cv.

Nog één maatregel durven

Per saldo wordt de universiteit door dat soort maatregelen in de richting van een Liberal Arts & Sciences profiel gestuurd, waarbinnen ook nog eens al die kleine en anders ten dode opgeschreven alfa- en bèta-studierichtingen de nodige ruimte en klandizie krijgen. Kortom: de staatssecretaris doet wat 'de dames en heren van het kartel' te lang hebben nagelaten.

Eigenlijk is er nog maar één maatregel nodig om de BaMa transitie in de komende jaren helemaal te laten slagen. Zorg dat studenten die in de nominale studieduur hun bachelor hebben gehaald, mogen solliciteren naar een plek in eentweejarige en publiek bekostigdemaster.

Dat geeft niet alleen lucht aan de Liberal Arts & Sciences opzet van de bacheloropleiding, maar zorgt er ook voor dat wat uiteindelijk resteert aan masterprogramma's zich internationaal kan meten. Graag dus nog even doorbijten, Halbe!

Hans Adriaansen, oud-decaan Roosevelt Academy

Op 13 juni presenteert de ASVA een publicatie met bijdragen van experts over 10 jaar bachelor masterstructuur, met onder meer bovenstaand essay van Adriaansens. De bundel wordt uitgereikt aan de nieuwe UvA-HvA voorzitter Louise Gunning, tijdens een paneldiscussie in Spui25 te Amsterdam van 17.00 tot 19.00. Hier gaan onder meer Hans Adriaansens, Dymph van den Boom en andere HO-kenners onder leiding van P.G. Kroeger, hoofdredacteur van ScienceGuide, met elkaar in discussie.