Meer dan een voorloper van Bach

Nieuws | de redactie
16 oktober 2007 | Ton Koopman vertelt in een artikel voor het boek ter gelegenheid van het Buxtehude-jaar 2007 over de bijzondere betekenis van deze leermeester van Bach. Voor orgelliefhebbers lijkt de muziek van deze fascinerende barokmusicus geen geheimen te hebben.
Preekstoel – Foto: Peter Meuris (CC BY-SA 2.0)

Buxtehude behoort immers reeds lang tot de canon van het klassieke orgelrepertoire. Desondanks is nog veel onderzoek nodig om alle uitvoerings- technische aspecten van zijn muziek te doorgronden, om daardoor tot ‘authentieke’ uitvoeringen te komen. Maar Buxtehude is veel meer dan ‘orgelcomponist’.

Dat wist de jonge Johann Sebastian Bach heel goed toen hij in de winter van 1705-1706 uit Arnstadt naar de vierhonderd kilometer noordelijk gelegen stad Lübeck toog voor uitvoeringen van twee – qua aard, omvang en bezetting – zeer grote oratoria van Buxtehude.

Dit vond plaats enkele jaren voor het overlijden van de bejaarde organist van de Lübecker Marienkirche. Met deze monumentale composities creëerde Buxtehude voor zichzelf, zijn toehoorders en voor J.S.Bach in het bijzonder een magistraal hoogte- en eindpunt in zijn loopbaan. Wij kennen allemaal de creatieve gevolgen van Bachs Buxtehude- ervaring daar in noord- Duitsland: zijn grootse, in Buxtehudiaanse stijl geschreven Kirchen-Motetto Gott ist mein König’. Nota bene, de enige cantate van Bach die tijdens zijn leven werd gepubliceerd. Ook bijzonder: een compleet en daardoor uniek exemplaar van deze uitgave uit 1707 bevindt zich in het Nederlands Muziekinstituut in Den Haag.

Grote invloed

Ten tijde van de voorbereidingen, uitvoeringen en plaatopnamen van Bachs kerkelijke en wereldlijke cantates – deze CDserie van het label Antoine Marchand Records werd vorig jaar voltooid – en even daarvoor van Bachs complete orgeloeuvre die ik voor Teldec had gemaakt, raakte ik steeds meer geïntrigeerd door de opvallend grote invloed die Buxtehude op met name de jonge Bach heeft gehad. Ik kende Buxtehudes klavecimbel- en orgelmuziek uiteraard al lang, en ook had ik al diverse cantates van hem met musici van het Amsterdam Baroque Orchestra & Choir uitgevoerd en opgenomen, waaronder de verinnerlijkte cantatecyclus Membra Jesu Nostri.

Maar bij mij groeide meer-en-meer het besef dat het met Buxtehude om een musicus gaat wiens betekenis beduidend groter is dan om slechts als ‘voorloper van Bach’ te figureren. Namelijk dat zijn muziek in alle opzichten uniek, letterlijk eenmalig, en van zeer grote kwaliteit is. Toen het einde van de Bachcantate-cyclus in het zicht kwam en Buxtehudes driehonderdste sterfjaar in 2007 naderbij, nam ik mij voor om mij voor Buxtehudes muziek, het gehele overgeleverde oeuvre van deze grote kunstenaar, te gaan inzetten; door het uitvoeren en opnemen ervan binnen een geheel nieuw project: de Dieterich Buxtehude Opera Omnia-serie, eveneens door Antoine Marchand Records uit te brengen. Inmiddels zijn hiervan de eerste afleveringen verschenen (acht cd’s); de helft van Buxtehudes oeuvre is voor deze nieuwe serie reeds opgenomen.

Vastbesloten

Iets soortgelijks is ooit met Monteverdi gebeurd, voor diens vrijwel vergeten muziek trad Nikolaus Harnoncourt in het krijt. En met de muziek van Marc-Antoine Charpentier, die door William Christie na eeuwen van stilte opnieuw in de belangstelling kwam. Grote maar vergeten componisten uit het verleden, hebben nu eenmaal vastbesloten steun nodig om opnieuw tot leven te kunnen komen.

De Buxtehude- concertserie die in september en oktober in acht Nederlandse steden, met gebruikmaking van prachtige historische orgels in monumentale kerkgebouwen, wordt gehouden, is een andere stap om de overtuigende schoonheid en originaliteit van Buxtehude goed voor het voetlicht te brengen. Naast de vaak spectaculaire preludia en emotioneel-geladen koraalvoorspelen voor orgel, komen ook cantates aan de orde, waarvan enkele vermoedelijk voor het allereerst in Nederland tot klinken zullen komen.

Het Buxtehudejaar 2007 zal in november afgesloten worden met het Buxtehude Festival in Den Haag en Leiden. Daar vindt dan een wetenschappelijk symposium plaats, met internationaal befaamde Buxtehude- en barokexperts, natuurlijk met veel muziek. De finale van het festival en van het Buxtehude-herdenkingsjaar zal op 10 november plaatsvinden in de Hooglandse Kerk in Leiden, door het Amsterdam Baroque Orchestra & Choir dat dan onder mijn leiding zal staan.

Ton Koopman