Efficiënt beheer bruggen door Delfts model

Nieuws | de redactie
3 december 2007 | Met een nieuw model van de TU Delft kan Rijkswaterstaat de optimale tijd tussen bruginspecties bepalen. Het is toegepast op de toestandsgegevens van ruim 3000 betonnen kunstwerken in Nederland. Ir. Maarten- Jan Kallen promoveert op dinsdag 4 december op dit onderwerp aan de TU Delft.



Nederland staat zoals veel landen voor een zware taak in het beheer van zijn civiele infrastructuur. Veel bruggen en viaducten zijn in de jaren zestig en zeventig gebouwd en moeten in de komende tijd gerenoveerd worden. Deze bruggen hebben naar verwachting op een leeftijd van 45 tot 50 jaar een grondige renovatie nodig. Dit is ruwweg halverwege de beoogde levensduur bij het ontwerp van de bruggen.

De schatting van de verouderingssnelheid van de brug is een van de belangrijkste elementen in een beheersysteem voor bruggen. Deze schatting wordt gewoonlijk gedaan met een verouderingsmodel en op basis van inspectiegegevens. Vanwege het grote aantal bruggen kunnen deze echter niet continu geïnspecteerd worden. De kosten van inspecties en onderhoud moeten daarom steeds worden afgewogen tegen de baten.

Maarten-Jan Kallen heeft daarom een op statistiek gebaseerd model ontwikkeld dat het mogelijk maakt om de verouderingssnelheid te schatten en ook om de onzekerheid over deze schatting te kwantificeren. Het inspectiemodel staat de beheerder toe om (snel) de tijd tussen grote technische inspecties te berekenen met de laagst verwachte gemiddelde kosten per jaar. Het doet dit door de kosten van inspecties en onderhoud m.b.t. de levensduur van kunstwerken af te wegen tegen het risico op ontstaan van verkeersbelemmerende schade. Het is toegepast op toestandsgegevens van ruim 3000 betonnen kunstwerken in Nederland, die van 1985 tot 2004 verzameld zijn. De resultaten daarvan zijn overigens nog niet in de praktijk gebruikt.

Het complete concept voor het modelleren van veroudering en het nemen van beslissingen voor optimaal onderhoud kan volgens Kallen een gedegen kwantitatieve aanpak toevoegen aan het brugbeheer in Nederland en aan het beheer en onderhoud van civiele infrastructuur in het algemeen. Volgens Kallen kan het model ook worden toegepast in andere gebieden met een vergelijkbaar karakter, zoals het beheer en onderhoud van asfaltering en riolering.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK