Is he eatable?

Nieuws | de redactie
10 april 2008 | Studenten zijn al vroeg aanwezig voor de tweede reeks colleges over Intellectual Capital en kenniseconomie. Op verzoek van de studenten zal ik bij elk aspect van de theorie zowel Europese als Aziatische voorbeelden proberen te betrekken. Het heeft me vannacht wel wat hoofdbrekens gekost om de onderdelen van Intellectual Capital (menselijk, structureel en relationeel kapitaal) met voorbeelden te larderen. Niet alle boeken die ik wilde meenemen pasten in mijn koffer, en Internet werkt hier heel traag. Het duurt een uur om een bestand van de Inholland-server te downloaden.



Onder het publiek hebben zich nieuwe docenten aangediend, een docente public finance & taxation, een hoogleraar marxistische economische theorie, een docente crosscultureel management en een hoogleraar internationaal management. Al spoedig ontstaat een discussie of human capital wel een juiste benaming is, omdat het toch te veel “uit de school van Schumpeter komt, een Westers begrip dat menselijk kapitaal vooral ziet als resultaat van de creatieve inspanning van individuen, terwijl in Azië menselijke kapitaal veel meer sociale componenten kent”. Menselijk kapitaal zou een couleur locale dienen te krijgen, op het niveau van theorie en op corporate niveau. “Je kunt het denken over human resources in Westerse en Aziatische bedrijven niet met elkaar gelijk stellen”, zo wordt bediscussieerd, alhoewel niet alle studenten het daarmee eens zijn.

Sommigen studenten spreken voortreffelijk Engels, en vertalen vaak voor de aanwezige docenten. In no time ben ik tijdens het college beland in het divergentie- en convergentiedebat over Westers en Aziatisch management. Teruggaan naar fundamentele Aziatische waarden (Mahbubani ) of management als een overal toepasbare theorie. Even later in de discussie – sommige studenten hebben vragen gesteld over de meetbaarheid van investeringen in Intellectual Capital -,  wordt verdedigd dat “een manager  toch graag vooraf wil weten wat de output zal zijn op het niveau van financiële profit”. “Dat betwijfel ik”, stelt een studente, “de meetbaarheid van kennis werd reeds in de confucianistische traditie besproken. In de confucianistische traditie” –zo vervolgt ze- “ komen andere noties voor rond kennis delen”.  Het gaat daar vooral om “kennisverwerving als understanding en vertrouwen, en dat heeft een sterk sociale achtergrond”.

Na afloop van het college geeft ze me een brief naar aanleiding van de discussie over kennis en kennis delen in China: “There is an old saying in China that a picture is worth a thousand words.”  De collegedag is afgelopen en  ik kijk terug op boeiende discussies.  Met de hoogleraar marxistische economische theorie loop ik terug naar het hotel. Wandelend over de campus vertelt hij me dat menselijk kapitaal in onze theorie eigenlijk “sociaal kapitaal zou moeten heten”. We lopen nog een rondje rondom de vijver op de campus, al wandelend beargumenteert hij de noodzaak van een marxistische interpretatie van de kenniseconomie. Ik repliceer dat Marx dan waarschijnlijk zou hebben gezegd dat de totale kennis in de kenniseconomie toch eigenlijk de weerslag is van het heersende onderdrukkende denken. “Dat zou kunnen”,  zegt hij, “op het niveau van kennis als asset,  maar op het niveau van kennis als effect en waarde is er veel verwantschap tussen socialisme en het denken over kenniseconomie”. Het gaat immers in het socialistische denken, en zeker in de Chinese versie daarvan “om extracting value from knowledge for social change and social energy instead for profit only”. We nemen afscheid en ik nodig hem uit morgen tijdens het college expliciet hier op terug te komen.

Het gesprek had voor mij een onverwachte wending genomen. Ik heb veel geleerd. Toch had ik het kunnen weten. Tijdens de lunch was me al verteld dat in China vreemde theorieën altijd geassimileerd worden. Toastend grapte een hoogleraar dat er in China drie typen reacties zijn op de komst van een vreemdeling. “In Beijing roepen ze: kunnen we hem opsluiten?, in Shanghai: kunnen we hem in het theater iets later opvoeren? en in Guangzhou roepen ze: is he eatable?”.

Teruggekomen op mijn hotelkamer lees ik nog enkele passages in een studie over de ervaringen van internationale CEO’s in China:  in al je denken en handelen, zorg ervoor dat je in China steeds oog hebt voor de culturele traditie en de politiek-economische geschiedenis. Mensen zijn hier de beslissende factor.

Marien van den Boom
Kenniskring Intellectual Capital

Hogeschool INHOLLAND


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK