Hogeschool domineert steeds meer steden

Nieuws | de redactie
7 mei 2008 | De Hogeschool van Amsterdam staat qua studentenaantallen nu nog op de tweede plaats, maar de kans is groot dat zij al snel de grootste HO- instelling is. De meest recente cijfers laten zien dat zij onder de eerstejaarsstudenten met 10,21% het grootste marktaandeel van alle hogescholen in ons land heeft. Ook kende de HvA vorig jaar de grootste stijging in studentenaantallen, namelijk 7,7%.

In 2007 was Fontys met 38.000 studenten nog de grootste, ondanks een lichte daling (- 2,7%) ten opzichte van 2006. De HvA (36.000) en de HU (35.000) volgden haar op de voet. INHOLLAND had al enkele jaren met daling van studentenaantallen te maken en kwam met 32000 studenten op de 4e plaats.

Het patroon in het hoger onderwijs is dan ook drastisch aan het veranderen. Maar of bijvoorbeeld nationale en lokale politici en het bedrijfsleven dat beseffen? Zo waren een paar jaar achtereen Fontys en INHOLLAND met afstand de grootste hogescholen. Maar dat is gaan kruien. Had INHOLLAND in 2003 38.000 studenten, in 2007 waren dat er 32.000  – een daling met 16%. Sterke stijgers in de afgelopen vier jaar waren de HAN (met 33% naar 26.000), de Hogeschool Rotterdam (met 32% naar 27.000) en de HvA (met maar liefst 35% naar 36.093).

Hogeschool INHOLLAND meldt in haar net gepubliceerde jaarverslag nog meer opmerkelijke cijfers. Zo is haar marktaandeel van eerstejaars hbo- studenten in deze jaren afgenomen van 10,76% naar 7,56% – van de tweede naar de vierde plaats. In diezelfde periode steeg het marktaandeel van de Hogeschool van Amsterdam van 8,19% naar 10,21% – waarmee ze op de eerste plaats komt.

Masterstudenten

Dat de fluctuaties bij de sommige hogescholen veel groter zijn dan bij andere, heeft ook te maken met de verhouding tussen de aantallen bachelorstudenten en die van de masterstudenten. Fontys heeft bijna 5.000 masterstudenten en dit verklaart mede de lichte groei (3,5%) in de afgelopen 4 jaar.  

Onder de grote hogescholen kan alleen de HU nog bogen op een groot aantal masterstudenten (3.500). HvA, INHOLLAND en HAN hebben alle minder dan 200 masterstudenten – ter vergelijking: de Amsterdamse kunsthogeschool AHK heeft er bijna 500 op een totaal van 3.000 studenten.

Universiteiten

Het veranderde beeld van het HO is te meer opvallend als men kijkt naar de ontwikkeling bij de universiteiten in deze zelfde periode. Tot ver in de jaren negentig waren zij verreweg de grootste HO-instellingen, inmiddels zijn ze qua omvang middenmoters. Alleen de UU, UvA en RUG hebben meer dan 20.000 studenten – waarbij de UU met 29.000 studenten nog de grootste is.

In een flink aantal studentensteden domineert niet meer de universiteit als de grootste HO-factor, maar de hogeschool en soms zelfs wel twee hogescholen. Dit geldt nu al voor Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Nijmegen, Enschede en Maastricht. In Groningen is de universiteit nog nipt groter (24.000 studenten) dan de Hanze (22.000). Ook binnen de UvA/HvA combinatie is deze trendbreuk in het HO voelbaar: waren UvA en HvA op het moment van de bestuurlijke fusie ongeveer even groot, inmiddels heeft de HvA met 36.000 studenten veel meer studenten dan de UvA (26.000).