Loopbaan na HO sterk etnisch bepaald

Nieuws | de redactie
27 januari 2009 | Hoe vinden jonge hbo’ers hun weg op de arbeidsmarkt? De twintigers van nu zijn dan wel gewend aan een multiculturele werkomgeving, hun netwerken lopen toch grotendeels langs etnische lijnen, zo ontdekte HvA-lector Martha Meerman in gesprekken met alumni. "De niet-westerse vrouw heeft het minste aantal autochtone mannen in het netwerk.”

In zijn boek Generaties en hun kansen uit 1993 stelt de socioloog Henk Becker dat de kansen en mogelijkheden sterk verschillen per leeftijdscohort. Mensen van een leeftijdscohort delen – bij al hun individuele verschillen – ervaringen in onderwijs en de cultuur waarin ze zijn grootgebracht. Vanuit die aanname is HvA-lector Martha Meerman gaan kijken naar de vraag hoe de generatie-Y (geboren tussen 1977 en 1994) het doet op de arbeidsmarkt. Wat zijn hun kansen, wat zijn hun keuzes, hoe gaan ze om met etnische diversiteit?

Diversiteit

Alleen al cultureel is deze generatie diverser dan ooit: onder hen bevinden zich veel allochtonen, waaronder niet-westerse allochtonen. Vooral onder niet-westerse allochtonen zijn veel studenten de eerste uit hun familie die het hoger onderwijs bezoekt. Het carrièreperspectief weegt voor deze studenten daarom zwaarder dan voor autochtone studenten. Ook is hun netwerk anders opgebouwd: studenten uit een laag sociaal-cultureel milieu hebben ook na hun afstuderen doorgaans een vriendenkring met maar weinig hoog opgeleiden, zeker in vergelijking tot studenten die zelf wel gestudeerde ouders hebben.

Netwerken

Uit de gesprekken die Meerman c.s. voerde met tientallen HvA-alumni blijkt ook dat verschillen in netwerk vaak kunnen worden teruggevoerd op verschillen in sekse of nationaliteit. Tijdens de opleiding leggen allochtone studenten minder vaak contact met hun docenten dan autochtone studenten – hoeveel waardering ze ook hebben voor die docent. Daardoor bouwen ze niet de goodwill op bij docenten die ze nodig hebben voor het verkrijgen van leuke stageplaatsen en interessante afstudeeropdrachten. En dat is nadelig, want een stageplaats of afstudeeropdracht is vaak dé plek om aan een eerste baan te komen. Eenmaal aan het werk blijken allochtonen anders te opereren dan autochtonen: “De contactpersonen van niet-westerse allochtonen zijn over het algemeen jonger in leeftijd dan de contactpersonen van autochtonen. Niet- westerse allochtonen hebben in tegenstelling tot autochtonen minder contactpersonen in hogere managementfuncties. De niet-westerse vrouw heeft het minste aantal autochtone mannen in het netwerk”.

Generatie alles?

Het algemene beeld van de Generatie Y is dat die ambitieus en zelfbewust is. Het is een beeld dat enige nuance verdient. Zo komen lang niet alle studenten direct op een hbo-functie terecht. Vrouwen van niet-westerse afkomst zijn hierin het minst succesvol. Zij vinden het werken op mbo-niveau overigens niet demotiverend. Integendeel, zij hebben volgens eigen zeggen alleen een langere aanlooptijd nodig dan mannen.

De oriëntatie van studenten op de arbeidsmarkt verschilt nogal. Sommigen zien de hogeschool vooral als voorportaal van de universiteit, andere studenten gaan geheel voor de praktijk. Opvallend is dat ze uiteindelijk bijna allemaal adviseur of manager willen worden. Vrijwel geen van de geïnterviewden ziet het worden van vakbekwame professional als eindstation.

Hafid Ballafkih, Melissa Imansoeradi, Marc van der Meer & Martha Meerman, Diversiteit in Opleiding en Werk. Een studie naar de school- en arbeidsloopbanen van hoger opgeleide jongeren in Amsterdam. Uitgegeven door Amsterdamse Hogeschool voor Human Resource Management, Lectoraat Gedifferentieerd Human Resource Management.
U kunt het boek hier bestellen.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK