Discriminatie raakt diep

Nieuws | de redactie
25 maart 2009 | Discriminatie kan ertoe leiden dat leden van minderheidsgroepen zich terugtrekken uit de samenleving. Daarvoor waarschuwt de Leidse promovenda Katherine Stroebe op grond van haar onderzoek. ‘Mensen realiseren zich dat ze lid zijn van een benadeelde groep en dat dit negatieve gevolgen heeft voor hun eigen toekomst.'

Schadelijk

Discriminatie blijkt vooral schadelijk voor het psychische welzijn van mensen wanneer zij de discriminatie als aanhoudend en structureel ervaren. Eenmalige en incidentele discriminatie heeft een minder negatieve impact. Eén keer afgewezen voor een baan omdat je vrouw en/of allochtoon bent? ‘Jammer, maar het ligt tenminste niet aan mijn kunnen,’ is dan de reactie van veel mensen. Stroebe kwam tot deze conclusies op basis van een experiment waarin zij een sollicitatiegesprek nabootste in het laboratorium. De sociaal psychologe liet de vrouwen die deelnamen aan het experiment consequent afwijzen ten faveure van een man. Stroebe verzekerde de helft van de vrouwen dat het eenmalige en incidentele discriminatie betrof. Deze vrouwen bleken niet onder de discriminatie te lijden.

De andere helft van de vrouwen werd in het vooruitzicht gesteld dat zij ook in de toekomst gediscrimineerd zouden kunnen worden. Deze vrouwen voelden zich wél slechter door de ervaren discriminatie. Op zich is het niet verwonderlijk dat juist het ervaren van aanhoudende discriminatie zo schadelijk is. Stroebe: ‘Mensen realiseren zich dat ze lid zijn van een benadeelde groep en dat dit negatieve gevolgen heeft voor hun eigen toekomst. Hoe goed je ook bent, je wordt toch nooit aangenomen.’

Wereldbeeld

Maar er is ook een andere, minder ‘egoïstische’ reden waarom slachtoffers lijden onder aanhoudende discriminatie: het ondermijnt de fundamentele behoefte van de mens om de wereld als eerlijk en rechtvaardig te zien. Stroebe: ‘Mensen hebben bepaalde verwachtingen binnen deze samenleving: als je hard werkt krijg je daar erkenning voor, als je aardig en behulpzaam bent dan zijn anderen dat ook voor jou. Wat als je dagelijks ervaart dat deze veronderstellingen niet kloppen?’ Vicieuze cirkel Dan is het best mogelijk dat mensen hun geloof in een rechtvaardige wereld opzeggen en zich terugtrekken uit de samenleving, vreest Stroebe.

Wetenschappelijk bewijs daarvoor heeft zij nog niet, maar berichten in de media bevestigen haar zorgen. ‘Bepaalde groepen Marokkaanse jongeren lijken zich bewust te onttrekken aan de maatschappij.’ Het gevaar van een vicieuze cirkel is volgens Stroebe levensgroot aanwezig; onaangepast gedrag van kleine groepen jongeren wakkert discriminatie tegen deze hele bevolkingsgroep aan, waardoor steeds meer Marokkanen het contact met de maatschappij dreigen te verliezen. Gelijke kansen   Hoe is deze zelfsegregatie tegen te gaan? Stroebe: ‘Uit mijn onderzoek blijkt dat wanneer leden van gediscrimineerde groepen individuele successen boeken, zij minder lijden onder het lot van hun groep. We kunnen mensen uit gediscrimineerde groepen weer in de samenleving integreren door kansen op persoonlijk succes te benadrukken – en deze kansen ook te bieden.’ Dat vraagt volgens Stroebe om een andere houding van Nederlandse politici en beleidsmakers. ‘Politici als Wilders werken afzondering van Marokkanen in de hand door alleen te praten over wat zij fout doen.’ 

Herkenning

Daarnaast is het volgens Stroebe belangrijk dat discriminatie beter herkend wordt. ‘Wanneer je als minderheidsgroep iets wilt doen aan discriminatie, moet je je er eerst bewust van zijn dat je gediscrimineerd wordt.’ Dat klinkt vanzelfsprekend, maar het herkennen van discriminatie is volgens Stroebe niet zo makkelijk als het lijkt. ‘Vroeger discrimineerde men openlijk, tegenwoordig is discriminatie vaak subtieler en moeilijker te herkennen. Zeker vrouwen hebben daar last van. Zij zien vaak niet dat ze gediscrimineerd worden. Hoe kom je er bijvoorbeeld achter dat vrouwen in jouw organisatie structureel minder verdienen dan mannen in vergelijkbare posities? Daar heb je informatie voor nodig die lang niet altijd beschikbaar is.’

Het onderzoek van Stroebe laat zien dat vrouwen wel gemotiveerd zijn om op te zoek te gaan naar dit soort aanvullende informatie. En als ze over dergelijke informatie beschikken, dan zijn ze goed in staat om discriminatie te herkennen. Stroebe pleit daarom voor meer openheid en transparantie binnen organisaties ten aanzien van selectie-, doorstroom- en beloningsbeleid. Haar advies: ‘Zorg voor objectieve criteria die voor iedereen inzichtelijk zijn. Dat laat minder ruimte voor discriminatie en maakt discriminatie herkenbaarder als ze toch optreedt.’

Katherine Stroebe, Is this about me? Responding to subtle discrimination – beyond an individual versus group perspective.
Promotie: 26 maart
Faculteit: Sociale Wetenschappen
Promotor: prof.dr. Naomi Ellemers







Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK