Een helder Europees HO? Het kan!

Nieuws | de redactie
30 maart 2009 | Voor Frank Vandenbroucke staat de wenselijkheid “ buiten kijf” van een classificatie van het Europees HO, geïnspireerd door het voorwerk terzake van Frans van Vught. Hij zet zijn lijn voor de conferentie te Leuven uiteen in een eerste recenserende reactie op het nieuwe boek van Van Vught Mapping the Higher Education Landscape. “Ik wil hier hard voor gaan”.


Geen ‘bazar van onbewezen reputaties’
Vandenbroucke voorspelt enige strijd. “Dat wordt een groot debat. Ik zie wel dat de geesten een beetje evolueren, mede dankzij de Fransen. Daarbij moet je denken aan een classificatie à la Van Vught en niet aan de klassieke rankings. De wenselijkheid van zulke classificaties staat buiten kijf, de maakbaarheid moet voor een stuk denk ik nog bewezen worden, maar in principe kijk ik gunstig gestemd naar het Europese niveau.

Wat de wenselijkheid betreft: het alternatief voor het niet zelf in de hand nemen van een stelsel van classificatie en ordening is dat je overgeleverd bent aan rankings als van Shanghai of de Times Higher. Je ondergaat dat, of – erger nog – er ontstaat een ‘bazaar van onbewezen reputaties’ waarbij handige marketeers winnen.

Slag nog niet gewonnen
Het is veel beter een instrument en ‘taal’ te creëren waarin dingen vergelijkbaar zijn. Ik vind dat je dergelijke informatie multidimensionaal moet rangschikken. Het moet vooral voor de gebruiker bruikbaar zijn, die moet zijn eigen ranking kunnen maken. Je moet aan de gebruiker overlaten om te zeggen wat hij de belangrijkste dimensie vindt, of die gebruiker nu student is of ouder of bijvoorbeeld een bedrijf.

Die slag is nog niet gewonnen. Ik vind dat ook als sociaal-democraat belangrijk, de publieke ruimte belangrijk, gelijke kansen belangrijk vindende. Mensen moeten over zo veel mogelijk objectieve en betrouwbare informatie kunnen beschikken om voor zichzelf goede keuzes te kunnen maken. Het alternatief is funest. Mijn collega Ronald Plasterk liet in zijn interview bij u blijken op eenzelfde lijn te zitten. Hij is mijn bondgenoot.

Ik wil daar hard voor gaan in Leuven. Als we zover kunnen komen, dan hebben we een enorme stap gezet, om te beginnen in het denken. Ik heb contact gehad met Van Vught over zijn project Mapping Diversity, ik vind dat hij bemoedigend werk levert. Natuurlijk moeten clubs als die van hem de feasibility aantonen, maar we zitten op dezelfde lijn.


Precies op tijd voor ‘Leuven’ legt Frans van Vught zijn visie op transparantie en kwaliteit in het Europese hoger onderwijs neer in een nieuw boek. In Mapping the Higher Education Landscape laat Barroso’s denktanker zien hoe een concreet instrument van classificatie van het HO eruit zou kunnen zien en zou kunnen werken.“It describes the conceptual, practical and methodological frameworks relevant for this new approach and presents an international higher education classification instrument developed on the basis of theoretical and empirical literature on diversity in higher education. It reports on the design methodology and research that were applied to develop the new instrument and it places it in the context of the current supranational and national higher education policies.”

Een zinnig instrument

Daarbij verkent Van Vught met zijn co-auteurs, onder wie Dirk van Damme, Marijk van der Wende en Jeroen Bartelse, “the potential use and application of the classification in the contexts of the Bologna Process and the European Higher Education and Research Areas (EHEA and ERA), as well as at the level of individual higher education institutions where it is shown that the classification can be a useful instrument for strategic institutional profiling.”

Ook over de vraag naar ranking en hun zin zet hij zijn visie uiteen Die is niet kritiekloos, maar “criticizes the existing uni-dimensional and aggregated international ranking models and suggests an interesting and exciting new approach of multi-dimensional mapping of higher education institutions.”

De eerste versie

In het voorwoord schetst Van Vught de opzet en ambitie van het boek. Hij noemt het daarin  “the result of a project focused on the development of an instrument able to create useful and effective transparency in the diversity of European higher education. The project has been undertaken by an international team of experts and has been sponsored by the European Commission. The book offers the conceptual, empirical and methodological frameworks relevant for the development of the transparency instrument. It founds this instrument in the theoretical and empirical literature about diversity in higher education systems. It places it in the contexts of the current supranational and national higher education policies in Europe. And it reports on the methodologies of design and research that have been applied.

Moreover, this book presents the first version of the instrument itself: the European classification of higher education institutions. In addition, it explores the potential use and applicability of such a classification, both at the levels of the European Higher Education and Research Areas (EHEA and ERA) and at the level of individual higher education institutions.

This book builds on two earlier reports. In August 2005 the report ‘Institutional Profiles’ was published. This report is the result of the first phase of the project on the development of a European classification of higher education institutions. In general terms, the objectives of this first phase were:
·          to assess the need for a European classification of higher education institutions;
·          to develop a conceptual model upon which such a classification could be based;
·          to propose an appropriate set of dimensions and indicators for such a classification.

De design-principes

The first phase of the project resulted in a set of principles for designing a classification as well as a first draft of the components of such a classification (the draft-classification). Both were produced in an elaborate process of consultation with identified stakeholders. A wide range of stakeholders showed interest in the project and contributed to a constructive and fruitful exchange of ideas and views regarding the classification.

At the end of the second phase of the project the report ‘Mapping Diversity’ was produced (September, 2008). The overall objectives of the second phase were:
·         to test the draft-classification developed in phase I and to adapt it to the realities and needs of the various stakeholders;
·         to explore and enhance the legitimacy of a European classification of higher education institutions.

The second phase implied a set of empirical tests, resulting in an adapted second draft of the classification. In addition a number of suggestions regarding its possible operational introduction were made.

This book contains the results of the first two phases of the project on building a European higher education classification. The classification presented in this book is a first version which needs further analysis and fine-tuning. During the third and final phase of the project (which started in October 2008) a number of activities are undertaken that will eventually result in a firm proposal for a European classification of higher education institutions. The finalisation and implementation of this classification will be a major step in the further development of European higher education. It will create greater transparency and reveal the rich diversity of European higher education. In this sense it will map the European higher education landscape and help to create stronger profiles both of the system as a whole and of its many individual higher education institutions.”












Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK