Ritzen en Vandenbroucke: het heft in eigen handen?

Nieuws | de redactie
24 maart 2009 | “De cijfers die Ritzen in zijn Praagse rede geeft over de financiering over Europese universiteiten zijn bekend bij de incrowd, maar te weinig bij het publiek en de politieke elite. Europese universiteiten doen het goed met weinig relatief middelen. Nu kun je natuurlijk zeggen dat dit bewijst dat Europese universiteiten zo efficiënt zijn. Toch is de vraag: hoe ver kun je dat stretchen, wanneer breekt die veer?

Als minister wil ik dat we in Vlaanderen meer gaan investeren in het hoger onderwijs. Ik wil zeker een verhoging van 10%. Tout court. Overigens zijn we dan nog steeds ver verwijderd van de benchmark van Amerikaanse instellingen. Ik hoop dat op de conferentie eind april de aanwezige landen dat punt onderlijnen.

Frank Vandenbroucke analyseert de rede over de toekomst van de Europese universiteiten, die de Maastrichtse universiteitsvoorzitter Jo Ritzen hield tijdens de EUA-conferentie in Praag. Hij legt daarbij een sterk verband tussen Ritzens betoog en zijn eigen visie op het bestrijden van de economische crisis.

Ritzen zei in Praag: “There is a deep economic crisis and society will be forced to cut back on public expenditures. Will the children, the universities, be further curtailed and undernourished? And how is European society dealing with the population bust, which leads to fewer well trained graduates from European origin on the labor market, potentially driving out the seats of headquarters of multinationals and of research laboratories?” Former Dutch Education Minister Jo Ritzen, currently President of Maastricht University, analyzed the future of European universities at the EUA-conference in dramatic terms. “We should determine our own fate.”

People

Europe has now 8% of the world’s population. This will decrease to 6% by 2050. The change in the age group 20-29 in Europe between 2000 and 2015 implies a decrease of approximately ½% per year, with Southern Europe (Italy, Portugal, Spain) up front with a decrease of some 2% a year, Eastern Europe roughly with 1% a year and Northern Europe more or less constant as a result of the huge immigration wave of the 80’s and 90’s.

Europe can only sustain it’s cherished social and cultural qualities if it engages in releasing in full its talents while at the same time becoming the pole of attraction for talents from afar and thus staying ahead in the game of global talent competition. But also Europe’s  productive capacity will erode due to its population bust unless Europe is able to attract talent from outside and increase university participation.

Reputation

European universities are undernourished. Average expenditures per student in the US and Japan are more than double those in Europe. Pretty much all European universities have seen their per student expenditure level, adjusted for the wage-index, decrease by 1-2% a year on average for the past 30 years. At the same time one can see an almost perfect correlation between expenditures (including research expenditures) per student and the rank order in either the Jiao Tong or the Times Higher Education Supplement Ranking. Top talent world wide searches for the most reputed universities: human capital theory is also relevant for world wide student mobility. Without an improved finance for European Universities, they will not be able to keep the European talents on board or attract foreign top talent.

Europe needs a transparently differentiated system of higher education to be better attuned to the talent diversity to be more attractive to top talent as well as socially disadvantaged groups. Differentiation is a two edged sword: better for the student, better for the labor market. The dismal economic performance of Europe with Europe remaining 1-2% a year on average behind the US could well have to do with the one size fits all approach. It gives rise to an undifferentiated supply of graduates with a labor market which asks for differentiation.

From grace to curse

The publicness (by and large) of European universities turns now from grace into the curse with the same funding formula for every university, excluding any incentive for differentiation, with the same accreditation for each and every degree course.

The evidence of the post World-War II period demonstrated substantial shifts in the university governance. Figure 1 uses Burton Clark’s typology for the poles of attraction. Universities started out with a governance determined by academic oligarchy. This was the small elite university when student numbers were 1/10th of what they are today.

Gradually universities moved “North”- wards in the triangle towards more state control as the universities themselves seemed to drown in the rising tide of students. Government threw a safely band – containing money for the new students but also restraining rules and regulations. In the seventies moreover many a EU Government interjected some degree of university –self administration- after the Yugoslavian model of self governance of firms –so that councils of academic staff, support staff and students became co-decision- makes. Universities became bureaucratized in the process in order to deal with the rules and regulations.

In some EU countries more room for market forces – a move Eastwards – was introduced in the nineties by releasing regulations to deal solely with the criteria of good governance, i.e. accountability and transparency, and by introducing finance based on crude measures of value added, i.e. the number of degrees awarded of a guaranteed quality.

Walter Rueg’s  Magnus Opus (in 4 volumes) on European universities makes it clear that universities never determined themselves. We have been shaped and changed by politicians and bureaucrats with little input from our side. Because –it seems- we were too busy with our research and our education – the going concern. And when the outside forces of government asked us to reflect or change we hunkered down as a hedgehog, putting up our quills of academic freedom and hoped for respite. If we continue in this course, we are likely to end in tragedy.

Determining our Own Fate

The alternative scenario is to determine our own fate and to create bottom up the plan, the contract, the compact for a European space for Higher Education as a sequel to the Bologna declaration.

Such a compact would entail:
–          conditions for private and public finance as well as for student loans and grants in line with a Europe which can attract the best talents and serve underprivileged groups better;
–          conditions for differentiation so that differentiation is rewarded;
–          conditions for governance with transparency and accountability, but in particular with incentives to innovate.

Why Europe and not individual European countries? Because Europe is already a relatively small entity worldwide, with far more similarities between countries than between Europe and other parts of the world, with a common heritage of for example Bach or Debussy, or of Picasso and Rembrandt and Da Vinci, or Locke and Rousseau or Einstein and Bohr, and with common roots of its universities.

A level and well maintained playing field for European universities in a European space would strengthen the attraction of Europe for talent, through the ensuing competition and through the implied possibilities for cooperation in the form of joint degrees and joint research.”


Aan Frank Vandenbroucke stelde ScienceGuide hierop de vraag of hij dit afscheid van een publiek bestel door de oud-minister en sociaaldemocraat deelt.

Deelt u Ritzens betoog dat het een last is geworden voor universiteiten om nog in het publieke bestel te zitten?

Voor de Vlaamse universiteiten is dat niet zo. Ik denk niet dat we ze hinderen om expansief te zijn. Dat wil niet zeggen dat je niet moet denken over minder regulering. Maar als je kijkt naar het beeld van een hoger onderwijsbestel dat veel meer afhankelijk is van private financiering, dan moet je ook aanvaarden dat die financiering opdroogt in tijden van economische crisis.

Ik ben er dus voor dat het hoger onderwijs zich in de publieke ruimte bevindt. Want zo kun je publiek sturen op maatschappelijke doelstellingen: fundamenteel wetenschappelijk onderzoek aanmoedigen, maar ook zorgen dat het hoger onderwijs álle groepen in de bevolking aanspreekt. Zo kun je ook publieke transparantie creëren. Als je dat overboord gooit, geef je instellingen meer vrijheid, maar ook meer kwetsbaarheid. Ik ben het overigens wel eens met zijn verhaal over differentiatie: dat moet je niet alleen toelaten maar ook stimuleren.

De zorgen die Ritzen zich maakt hebben duidelijk ook te maken met de economische crisis.

Ik ben blij dat hij enerzijds die band met de economische crisis maakt en anderzijds niet alleen zegt hoe we een elite kunnen kweken, onderzoekers naar hier halen. Maar hij geeft ook aandacht aan de andere kant, namelijk hoe we het reservoir van talent, bijvoorbeeld uit allochtone kringen, kunnen aanboren.

Een van de dingen die wij vaststellen is dat kinderen uit allochtone kringen te weinig  de weg naar de hogeschool of de universiteit vinden, en het ook nog eens moeilijker hebben om te slagen als ze daar toch geraken. Níet omdat ze onvoldoende aspiraties zouden hebben, integendeel zelfs, maar door een veelheid van andere factoren: ouders en vrienden zijn te weinig vertrouwd met de wereld van het hoger onderwijs om hen optimaal te kunnen begeleiden, foute keuzes en oriëntaties in de schoolloopbaan zetten hen niet op de goede weg, enzovoort.

De effecten van de economische crisis van nu worden de facto, in demografische zin verergerd door afnemende bevolkingsaantallen. Sommige hoger onderwijsinstellingen overwegen in gedachten al welke faculteiten ze de komende 10-15 jaar moeten sluiten.

“Als instellingen op peil willen blijven, moeten ze intensiever recruteren en ook vanuit andere groepen recruteren. We hebben hier te maken met een wet van Meden en Perzen: een krimpende instelling heeft het heel moeilijk vooruit te zien. Dan komt er weinig van innovatie terecht bovendien. Dan heb je vooral redenen om de rationaliteit van het resterende aanbod hoger op de agenda te zetten. Daarom moet je voorkomen dat het hoger onderwijs een krimpsector wordt.”






















Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK